Banner

Wye Oak

The Louder I Call, The Faster It Runs

6.0
Maarten Langhendries - 22 mei 2018

Doorheen de jaren heeft Wye Oak zich een desoriënterend groepje getoond dat niet van plan was zich aan de vaste indierockregels te houden. Soms werkt dat, soms niet, en dat is op hun nieuwe niet anders.

Vreemd bandje toch, Wye Oak. Blijft al jarenlang rakelings onder de echte doorbraak vliegen (met uitzondering van het kortstondige succes van Civilian) ook al blijven ze de critici op hun hand hebben. Dat het duo -- bestaande uit Jenn Wasner en Andy Stack -- uit Baltimore hun fans met elke plaat een beetje op het verkeerde been blijven zetten, helpt daar ook niet bij. Civilian leunde op breed uitwaaierende gitaarpartijen die niet op een uitbarsting meer of minder keken. Op Shriek omarmde de groep de basgitaar en de synths, met als resultaat een weerbarstige plaat die soms moeilijk te plaatsen viel. Daarna volgde het zijstapje/terugblik Tween, een "restjesplaat" die verrassend sterk genoeg was om op zichzelf te staan én een interessante blik bood op de interne keuken van de groep.

En nu is er het nieuwe The Louder I Call, The Faster It Runs, een plaat waarop de groep overgangsplaat Shriek beter weet te kaderen door alle elementen die doorheen hun tienjarige carrière opgepikt zijn te bundelen tot een geheel waarvan je soms niet goed weet wat je ermee aan moet. Vooral de eerste nummers van de plaat werken initieel zeer desoriënterend. “The Instrument” werpt meteen een batterij extatische synths in de strijd. Het wordt zo een song waartoe je je verhoudt zoals tot een hyperactieve vriend: appreciatie met af en toe irritatie wegens gewoonweg té. Idem met de titelsong. Bij songs als "Symmetry" en "Over and Over" overheerst jammer genoeg vooral dat tweede. Het voelt gewoon allemaal iets te artificieel, iets te stuiterend aan. Het lijkt fascinerend, maar na enkele tandenknarsende luisterbeurten besef je dat er eigenlijk gewoon weinig te ontdekken valt.

Gelukkig vaart Wye Oak af en toe ook naar meer meeslepende wateren met het mooie "Lifer", waarop de stem van Wasner tot volle bloei kan komen. Die is altijd al één van de pijlers van de groep geweest. In de brug mag de gitaar zelfs nog even van de ketting. Ook het sterke, pompende "It Was Not Natural" en "You Of All People" leunen op de krachtige zang van de vrouwelijke helft van het duo. Het is op die momenten dat de groep het meest oprecht en open klinkt. Op de laatste twee nummers weet Wye Oak je zo dan toch nog met een gelukzalig gevoel naar huis te sturen. "Join" is een rechttoe-rechtaan melodische prachtsong die weinig meer nodig heeft dan een rustige gitaarlijn, wat lichte percussie om te voorkomen dat het geheel te veel gaat kabbelen en de hoge zanglijn van Wasner. "I Know It's Real" sluit de deur met Wasner die laconiek "This is all you need to know" zingt. Naar wat er in de hoofden van het duo omging bij het maken van The Louder I Call, The Faster It Runs heb je, wanneer het laatste nummer is uitgestorven, echter nog steeds het raden. Dat maakt deze nieuwe Wye Oak niet per se een slechte plaat. Daarvoor staan er een paar sterke songs te veel op. Maar mysterie is niet altijd goed of uitdagend. Soms blijft er gewoon te veel design over en te weinig echte emotie.

E-mailadres Afdrukken
Tags: Wye Oak