Banner

Shame

Songs Of Praise

8.5
Lennert Hoedaert - 12 januari 2018

Is gitaarrock langzamerhand aan een remonte bezig? Vorig jaar gooiden Cloud Nothings, Protomartyr en METZ al bommetjes, en van over het Kanaal dreigt Shame nog meer een aardbeving te veroorzaken. Op basis van debuut Songs Of Praise geven we hen veel kans op slagen.

“Sit in the corner of your room and download the next greatest hit to your MP3 downloadable device”, sneert zanger Charlie Steen in “The Lick”, het paradepaardje van Songs Of Praise. De bijna Slint-achtige basintro, pingelende gitaartjes en die kenmerkende ruige stem van Steen zijn dan bijna om, en na de derde minuut zal alles op weergaloze wijze ontploffen. Het is fris lawaai dat wordt samengehouden door een überstrakke ritmesectie en striemende maatschappijkritiek die je de strot wordt in geramd.

Hoezo enthousiasme? Zaten we de voorbije jaren misschien op onze honger wat betreft dreigende postpunk? Uiteraard niet. De eerste plaat van Preoccupations (het vroegere Viet Cong) was een explosieve muzikale cocktail, Protomartyr maakte vorig jaar de beste plaat in het genre, en ook METZ, Idles en Bad Breeding dropten min of meer recent bommetjes. Geen enkele band in het genre klinkt echter zo proper en melodieus, en tegelijk zo ruig en furieus als Shame.

Kan een plaat dreigender openen dan met “Dust On Trail”? Een door alles heen snijdende riff mondt uit in gecontroleerd, strak geregisseerd lawaai, en ook "Concrete" is er meteen boenk op. Opnieuw is er die strakke samenwerking tussen de bas van Josh Finerty en drummer Charlie Forbes, waarrond gitaristen Sean Coyle-Smith en Eddie Green — wat een tandem — hun donkere patronen weven. We moeten aan Stone Roses denken, in de ophitsende zang lijkt zelfs Fugazi niet zo ver weg. Bien étonnés de se retrouver ensemble, die twee.

Het vriendelijkste nummer op de plaat is het aanstekelijke "One Rizla”. De gitaarlijn lijkt ontsnapt uit de eerste Editors-plaat, en toch heeft het een stevig en ruig kantje. Het is die combinatie die Shame zo fascinerend maakt. Er is echter tegengewicht van “Donk” — het rauwste nummer van de plaat waarin Fugazi helemaal terug is — en "Gold Hole”, dat het krachtigste refrein van de hele plaat in petto heeft.

"Friction" en “Lampoon” blijven minder lang hangen, maar op dat moment zijn wij al lang murw geslagen door al het voorgaande. Het maakt van het veel minder in-your-face “Angie” een haast perfecte, prachtige afsluiter waarin we zelfs een Oasis-vibe menen te herkennen.

En zo klopt Songs Of Praise (bijna helemaal) van begin tot einde. Shame heeft de erfenis van The Fall, Joy Division, The Clash, The Streets en The Libertines samengebald tot een hoogst opwindende cocktail.

E-mailadres Afdrukken
Tags: Shame