Banner

Arcade Fire

Everything Now

5.5
Matthieu Van Steenkiste - 01 augustus 2017

De fake advertenties. De fake review die de groep vooraf zelf online zette. Het fake schandaal #dresscodegate rond het releaseconcert. Arcade Fire stak veel moeite in de aanloop naar Everything Now. Des te pijnlijker dus dat de bijhorende plaat de ontgoocheling van het jaar oplevert.

"Every room in my house is filled with shit I couldn't live without". In combinatie met die corporate uniformpjes, laatst op Best Kept Secret en Werchter, sprak het boekdelen. Arcade Fire had weer iets te vertellen. Altijd al een band van ideeën geweest. Van de hopeloze romantiek van Funeral, het hopeloze anti-oorlogssentiment van Neon Bible tot de bitterzoete nostalgie van The Suburbs: een Arcade Fireplaat kwam met een verhaal. Na het eclectische Reflektor leek Everything Now opnieuw bij die trend aan te knopen, maar de band verslikt zich voor het eerst in zijn ambitie. Hoeveel Win Butler ook wil zeggen over de maatschappij vandaag, hij krijgt het niet helder verwoord en de songs blijven achter bij de ideeën. Arcade Fire lijkt aan herbronning toe.

"Born in a diamond mine / It's all around you but you can't see it", gaat het in "Creature Comfort", en even verder geeft Butler commentaar op zichzelf. Het cynisme van "Assisted suicide(…) filled up the bathtub and put on our first record" wordt gecorrigeerd. "It's not painless / She was a friend of mine and we're not nameless", als een tik op de vingers van alle slogans die hij ons tot nu toe door de strot heeft geramd. Het is een korte blijk van menselijkheid, want meteen erna klinkt het "We're the bones under your feet / The white lies of American prosperity". Minder hol krijgt Butler zijn punt op Everything Now niet gezegd: er is iets mis met onze manier van leven, we willen te veel spullen, beroemdheid en aandacht, en dat is niet goed.

Het is waar, maar je had gewild dat Butler beter had nagedacht hoe hij ons daarvan wilde overtuigen. Het lukt met "Everything Now", de aanstekelijke single die bij ABBA de discovibe en de piano van "Dancing Queen" gaat stelen, maar de euforie verandert in een vermoeid hoofdschudden over "this happy family with everything now". "Creature Comfort" heeft het over de worsteling met lichamelijke idealen en het streven naar roem, en doet dat over brute synthpunk. "God make me famous / If you can't just make it painless", zucht Butler, terwijl Régine Chassagne contrasteert met schelle interpunctie. Topnummer, net als de gortdroge postpunk van "Signs Of Life", waarop het moeilijk is niét David Byrnes epauletten te zien schudden: very Talking Heads, very good.

Drie songs, drie sferen, net als op voorloper Reflektor, maar waar dat album zichzelf hoogstens af en toe voorbij liep in de ambitie véél te willen bieden, is het vervolg nu een half uur afleggertjes van die sessies. "Peter Pan" is een ernstig mislukt dubexperiment met een ridicule tekst, "Chemistry" is een reggaeniemendal dat nooit meer dan een B-kantjesstatus had mogen krijgen.

Het duo "Infinite Content"-"Infinite_Content" -- het eerste een punkopstoot, het tweede de folky tegenhanger -- eist met zijn centrale positionering duidelijk een cruciale rol op, maar de infantiele tekst ("Infinite content. We're infinitely content!") en het muzikale pastichekarakter schoppen elke pretentie onderuit. Alle mogelijke legitimiteit van Butlers boodschap ligt op straat, te kijk voor iedereen. De keizer is naakt en loopt verloren in zijn eigen goedkoop cynisme.

De tweede helft van Everything Now krijgt dat niet meer rechtgezet. Het gepiep van Régine Chassagne over de vettige elektro van "Electric Blue" is net te dicht bij ultrasoon, de lome funk van "Good God Damn" is sexy, maar kan het gewicht der verwachtingen niet alleen dragen. Hoe onweerstaanbaar dat "Put Your Money On Me" ook in het hoofd blijft hangen en afsluiter "We Don't Deserve Love" mooi openbloeit, het kalf is verdronken.

Everything Now klopt niet en klikt niet. Als los zand hangen de songs aan elkaar, het verhaal ligt in brokken op de grond. "Van het pad afgaan blijft onze modus operandi", vertelde Win Butler onlangs in De Morgen, "en als je al eens uitglijdt, des te beter." De vijfde van Arcade Fire is die uitglijder. Hij kan er maar beter blij mee zijn, wij zullen wel knarsetanden dat het goed is voor één keer, maar niet meer. Hopelijk volgt beterschap.

E-mailadres Afdrukken
Tags: Arcade Fire