Banner

Ulrika Spacek

Modern English Decoration

7.0
Lennert Hoedaert - 31 juli 2017

We zagen de band in mei schitteren op Les Nuits Botanique, en nu leveren ze nog maar eens kwaliteit op plaat. Aanmodderen is nog nooit zo leuk geweest.

We waren er zelf niet bij, maar naar verluidt was de eerste Belgische passage van Ulrika Spacek, in het Gentse muziekcafé Video, redelijk fantastisch. We schrijven februari 2016 en ze hadden nog geen album of single uit. Niet veel later lag hun debuut The Album Paranoia in de platenbakken en werden ze opgepikt door grote online magazines zoals NME en The Quietus. Datzelfde jaar speelde het vijftal al in het voorprogramma van Parquet Courts, Het Bos én op het Utrechtse ontdekkingsfestival Le Guess Who?

Een snelle opgang in het alternatieve wereldje dus. Maar waarom sloeg hun debuut zo goed aan, ondanks het gebrek aan originaliteit? Het staat barstensvol meeslepende muziek met een knipoog naar Television en de betere rock uit de jaren tachtig en negentig. Alsof de tijd had stilge-staan. De vaste ingrediënten? Een verschroeiende (en metronomisch precieze) ritmesectie en drie even verschroeiende gitaren.

Op Modern English Decoration worden die elementen nog beter uitgewerkt en uitgeba-lanceerd. Het resultaat is een plaat die hypnotiserend is van begin tot einde, en af en toe een moeilijk te classificeren klanken laat horen. Het beste voorbeeld is “Everything, All The Time”. Voor het eerst laat de band echt een eigen geluid horen; het zweeft tussen jam en pop, tussen noncha-lance en heavy, tussen primitief en briljant.

Ook dit album beluister je best in één ruk, én in een gigantisch lome bui of met een kater. We hebben zelf beide opties geprobeerd, en de openingsnummers “Mimi Pretend” en “Silvertonic” werkten alvast optimaal.

Een houvast bij Ulrika Spacek blijft echter de reeks duidelijke referenties. Voor diegenen die fan zijn van Deerhunter (luister maar eens naar “Full Of Men”), Sonic Youth (“Silvertonic”, eigenlijk bijna de hele plaat) of Television (“Ziggy”), zal de muziek er zeker vlotjes ingaan. En zo belanden we bij ook bij het enige pijnpunt van de plaat: herhaling loert om de hoek.

Zo komt “Everything, All The Time” op het juiste tijdstip, want de aandacht kan al verslapt zijn na “Ziggy”, hoewel de gitaarlijnen daarin ook mooi met elkaar een dans doen. Maar dan ben je nog beter af met “Saw A Habit Forming” (wat een geniaal slot) en “Victorian Acid” (die opbouw!). Ook die nummers vertonen weer allesbehalve traditionele maar wel fascinerende songstructuren.

Bij de eerste luisterbeurten ga je de indruk hebben dat je nog iets te veel van hetzelfde hoort. Daarom is tien nummers op deze plaat iets te veel. Variatie is dus nog een werkpunt voor deze nog altijd vrije jonge band. Misschien moeten ze voor de volgende plaat nog meer tijd nemen — Modern English Decoration komt pas een dik jaar na hun debuut. En dan zal de Londense band over de hele lijn pas echt meesterlijk balanceren tussen dreampop en (noisy) krautrock.

Ulrika Spacek speelt op 3 oktober in Nosta in Opwijk.

E-mailadres Afdrukken