Jason Isbell & The 400 Unit

The Nashville Sound

7.5
Bjorn Weynants - foto's: Danny Clinch - 14 juni 2017

Je nieuwe album The Nashville Sound noemen getuigt van durf. Wie echter een klassieke countryplaat verwacht, zal van een kale reis terugkomen, want Jason Isbell serveert vooral “The Isbell Sound”.

Nadat Jason Isbell in 2007 uit de Drive-By Truckers werd gezet -- officieel was het een vriendschappelijke en onderlinge beslissing, maar eigenlijk was het zijn drankverslaving die de samenwerking onmogelijk maakte -- bouwde hij gestaag aan een solocarrière. De twee albums die hij uitbracht nadat hij zijn drankverslaving overwon, Southeastern (2013) en Something More Than Free (2015), zijn het bewijs dat Isbell een van de beste hedendaagse songschrijvers is. Niet enkel in het roots- en americanahoekje waar hij soms -- onterecht -- ingeduwd wordt, maar gewoon tout court. In zijn thuisland waren deze albums voor de uit Alabama afkomstige muzikant ook meteen een doorbraak naar een groter publiek. Dat hoeft geen verrassing te heten, want in se leunt de muziek die Isbell brengt dicht aan bij klassieke rock van de jaren ‘70.

Maar Jason Isbell is evenzeer een buitengewoon begenadigd tekstschrijver. Hij weet met een soms eenvoudige zinsnede als geen ander een rake observatie neer te pennen. Hij deinst er ook niet voor terug om op zijn platen minder voor de hand liggende thema’s of persoonlijke ervaringen uit te werken. Zo behandelde hij op zijn vorige albums thema’s als zelfmoord (“Relatively Easy”), vechten tegen een verslaving in een goedkoop motel (“Super 8”), kanker (“Elephant”) of tienerouders (“Children Of Children”). Was Southeastern de grauwe afrekening met zijn verslaving en Something More Than Free een ingetogen wedergeboorte, dan lijkt The Nashville Sound tegelijk een terugkeer naar het verleden te zijn (op muzikaal vlak) en een blik op de toekomst.

Want wat meteen opvalt aan The Nashville Sound is dat de naam van Isbells begeleidingsgroep The 400 Unit -- genoemd naar een afdeling van een psychiatrische instelling in zijn thuisstad -- weer expliciet vermeld wordt op de hoes in tegenstelling tot de twee voorgangers, hoewel daar dezelfde muzikanten op meespeelden. Alsof Isbell duidelijk wil maken dat dit album een echte groepsplaat is. Het grote verschil zit in de aanwezigheid van een reeks stevige rockers die alternerend met rustigere nummers over het album verspreid staan.

Tot die laatste categorie behoort “Last Of My Kind”, waarmee het album opent. Het is een nummer dat zomaar een overschotje van een van de vorige albums zou kunnen zijn -- een neefje van “Different Days” -, maar dan wel een goeie. De subtiele pedal steel geeft het akoestische nummer een zekere weidsheid mee dat mooi contrasteert met de kleinschalige melodie. “If We Were Vampires” handelt over het huwelijk -- Isbells eega Amanda Shires maakt deel uit van de 400 Unit --, over samen oud worden en over het onvermijdelijke einde (“Maybe we'll get forty years together / But one day I'll be gone / Or one day you'll be gone”). Even goed: de relaxte countryfolk van “Tupelo”, de folkrock van “Molotov” of het dartele miniatuurtje “Chaos And Clothes”.

Daarnaast zijn er dan de stevig rockende songs, die nauw aanleunen bij het werk van Isbells vroegere band Drive-by Truckers of Bruce Springsteen. “Cumberland Gap” is een stomende rocksong die het verhaal van een mijnwerkerszoon en diens uitzichtloze toekomst vertelt. Jason Isbell is niet blind voor de toestand van zijn land in “White Man’s World”, waarin hij het in het systeem ingebakken racisme en seksisme hekelt (“(I'm a white man living on a white man's street / I've got the bones of the red man under my feet / The highway runs through their burial grounds)”. In “Hope The High Road” krijgen de gitaren vrij spel en tegelijk gunt het ons een blik op hoe Isbell, ondertussen al een poos clean en een tijdje geleden vader geworden, ondanks alles hoopvol naar de toekomst kijkt. Enkel het wat drammerige en weinig geïnspireerde “Anxiety” weet niet te overtuigen.

Alles bij elkaar genomen haalt The Nashville Sound het torenhoge niveau van zijn twee voorgangers net niet. Desondanks is het gewoon alweer een uitstekend album dat Isbells status nogmaals bevestigt en waarop hij tekstueel niet langer enkel naar zijn eigen leven kijkt, maar ook naar de wereld rondom hem. De gedeeltelijke terugkeer naar het stevige geluid van zijn eerdere albums zal live ongetwijfeld voor vuurwerk zorgen.

Op 3 november treden Jason Isbell & The 400 Unit op in de Ancienne Belgique.

E-mailadres Afdrukken