Peenoise

Peenoise EP

7.0
Guy Peters - 15 mei 2017

Broers Gilles Vandecaveye en Cesar De Sutter, telgen van een geslacht van podiumkunstenaars, kiezen voor een aanval op verschillende fronten. Na Steiger (pianotrio met Vandecaveye) en Bardo (Vandecaveye’s afstudeerproject waar De Sutter deel van uitmaakt) treden ze ook naar buiten met tweemansproject Peenoise, dat het zoekt in heel andere oorden. Met succes, want deze ep smaakt naar meer.

Dat de twee moeilijk vast te pinnen zijn op een stijl of set referenties, is niet zo verwonderlijk. Steiger liet met het recent verschenen And Above All al horen uit het juiste hout gesneden zijn, met een ambitieuze poging om het pianotrio te benaderen uit verschillende invalshoeken, waarmee ze zichzelf in één ruk naar de frontlinie van de nieuwe generatie katapulteerden. Met Bardo, vorig jaar goed voor een opgemerkt concert tijdens Gent Jazz, gaat het er nog wat eclectischer aan toe. Daar worden jazz/impro, rock, elektronica en soundscapes samengebracht in een nog stoutmoedigere en meer dramatische verhouding.

En nu is er Peenoise (niet zomaar vuilbekkerij, maar een woordspeling), waarmee Vandecaveye (toetsen, bas, zang) en De Sutter (gitaar en zang) vier songs presenteren die opgenomen werden in de thuisstudio van Geoffrey Burton. De speelzone: een mysterieuze, soms wat unheimliche uithoek van de pop, waar vastberaden wordt gerotzooid met brommende synths, narcotische zanglijnen, plotse scheurtjes van krakende gitaarnoise en minimalisme. De videoclip voor “Better Than This” is helemaal op maat van de muziek: een intiem klinkend Vlaams surrealisme.

Eerst een slaggitaar die vanalles suggereert: een latin ballade, een jazzy excursie, lichtvoetige roots? Maar dan komen die slome bas en half geprevelde zang erbij. En iets later die stoorzendertjes, geluidjes die uiteindelijk de baan openen voor een krappe freak-out. Het is iets waar je moeilijk de vinger op kan leggen, soms onderontwikkeld lijkt, maar toch onder de huid kruipt. Om maar te zeggen dat dit spul hier even op endless repeat stond. “See Through It” herinnert met die pulserende synth aan de tijd dat sommigen onder ons gebiologeerd staarden naar Xenon op het kleine scherm. Laagje per laagje wordt opgebouwd tot iets dat moet doorgaan voor een volledig en gaaf plaatje, dat wel eens zou kunnen dienen om een perverser universum van een vernislaagje van geruststelling te voorzien.

Tweede hoogtepunt “I’ll Give Them Up” start met melancholisch getokkel à la Elliott Smith. Een lange aanloop die aanhoudt tot halfweg, waarna je belandt bij een mantra-achtige tweede helft die je onderdompelt in een onwezenlijke wereld, ergens tussen Yuko en Radiohead. In slotstuk “Elegance”, dat zich snel openbaart als een combinatie van een komieke Weill-achtige wals en onheilspellend chanson, is het moeilijk om niet te denken aan Pieter-Jan De Smets klassieke pièce de résistance August, al blijven de arrangementen hier een stuk kaler, ondanks die onvermijdelijke eruptie.

Het is nog niet veel, deze ep, een goed kwartier, maar de broers hebben wel al een zone afgebakend die ze met even beperkte als efficiënte middelen verkennen. Dat enkele melodieën en de sound ons enkele nachten achtervolgden (want het is eigenlijk de ideale soundtrack bij gespannen wandelingen door halfduistere, verlaten straten), zegt genoeg.

E-mailadres Afdrukken
Tags: Peenoise