Banner

William Parker feat. Lisa Sokolov & Cooper-Moore

Stan’s Hat Flapping In The Wind

Guy Peters - 24 mei 2016

Een musical over (de fictieve) Stanley Greybeard en zijn vrouw Marilyn. Het koppel krijgt te horen dat de wereld stervende is en dat zij verkozen zijn om die te redden door de ingang naar the tone world te vinden en te leren hoe ze de muziek kunnen vinden die hun geloof in de magie van het geluid herstelt. Bij de ene het resultaat van het rondje peyote dat er te veel aan was, bij William Parker een van de vele kleurrijke uitingen van zijn magisch getint spiritualisme. En daarvoor kan hij een beroep doen op oudgedienden Cooper-Moore (piano) en Lisa Sokolov (zang), die er een zoveelste topper in Parkers oeuvre van maken.

De musical gaat intussen al terug tot 1994, toen Parker een paar anekdotes aangreep en er een verhaal van maakte dat perfect past in zijn visie, waarin intuïtie, de natuur en de geest centraal staan, en een tocht ondernemen door een omgeving vol obstakels, maar die hen mits wat goede wil naar een wereld van vreugde en spontaniteit voert. Via muziek, nog altijd de best denkbare manier tot zelfoverstijging. Op Stan’s Hat Flapping In The Wind brengt hij zomaar even negentien songs bij elkaar, die samen goed zijn voor een lappendeken van vijftig minuten. Zijn sommige compacte brokjes eigenlijk niet meer dan flarden poëzie, dan passen anderen binnen zijn songcatalogus. Soms als gracieus huppelende miniatuurtjes, maar net zo vaak met een intense gospelinjectie.

Het zijn dus geen geïmproviseerde marathons, maar stukken die hier en daar vrij nauw aansluiten bij zijn werk met Raining On The Moon, het kwartet met zangeres Leena Conquest erbij. Enkel vroeg hij voor deze opnames de stem van Lisa Sokolov, een zangeres, docente en muziektherapeute die in deze contreien minder bekend is, maar met wie Parker intussen bijna vier decennia samenwerkt. Pianist, componist, instrumentenbouwer en zoveel meer, Cooper-Moore is ook een vaste metgezel en sinds de jaren zeventig lid van Parkers fenomenale In Order To Survive en recent te horen bij zijn Organ Quartet of op de laatste albums van David S. Ware. Het is een fenomenale muzikant, thuis in de meest uiteenlopende tradities, en de ideale man voor deze tussen droom en werkelijkheid slingerende cyclus.

Net als Song Cycle, het album uit 2001 waarvoor Parker toen ook Sokolov inschakelde, krijg je op dit album een paar eerbetonen voorgeschoteld. Dichter en dramaturg Miguel Piñero is een beetje een uniek geval, de andere zijn muzikanten Butch Morris, Ornette Coleman en David S. Ware en opvallende vrouwen Mahalia Jackson, June Jordan en Jeanne Lee (met wie Sokolov ooit een trio vormde). Wat niet noodzakelijk betekent dat ze de stijlen van de bezongen muzikanten kopiëren, al lijken er soms toch weer hints in verstopt te zitten. Het aan Ware opgedragen “Invocation”, waarvoor het duo gezelschap krijgt van cellist Jake Sokolov-Gonzalez, heeft een fragiliteit die je zelden hoorde in de massieve marathons van de overleden saxofonist, maar het aan Coleman opgedragen “Eternal” (“Music never stops / eternal is the voice of love / music is more than sound”) is dan weer een toepasselijk grillig stuk waarin Cooper-Moores spel de compositie bijna doormidden wil klieven.

Ook “For Jeanne Lee” permitteert zich enkele vrijheden die Lee, een vernieuwende vocaliste, ook liet horen. Sokolov hanteert een aanpak die bvb. ook Matana Roberts uitprobeerde op haar Coin Coin-trilogie; een merkwaardige, vrije, soms hortende en stotende cadans waar de pianist ook mee aan de slag kan. Elders pakt Sokolov het conventioneler aan, maar dan wel met een behoorlijk indrukwekkende veelzijdigheid. Of het nu gaat om ballade “Footnote To A Dream (For Miguel Piñero)”, het korte en theatrale “Hero’s Song” of de gospel van “Prayer” (eentje die eerder al uitgevoerd werd door het Raining On The Moon-kwintet): haar stem is een krachtig en wendbaar instrument om onbezorgd mee te kirren, de kracht van de heilige geest uit te zingen of poëzie te prevelen.

Door de afwisseling en korte duur van de stukken vliegt het album zo voorbij en krijg je geen minuut de tijd om je te vervelen, maar er zijn wel een paar hoogtepunten die vanaf de tweede beluistering al blijven hangen. Het eerbetoon aan Ornette is er zo eentje, net als het dromerige “Autum Song”, waarin stem en piano lieflijk rond elkaar strengelen met de intimiteit van een stel geliefden dat elkaar al decennia kent, en “Soul In Heaven (For Butch Morris)”, gevoeligheid met een kristallen fragiliteit. Maar dan is er ook nog het majestueuze, intens melancholische “The Death Of Death” waarin Sokolov zingt/spreekt met een bluesy, ijzeren autoriteit. “Death has died today / today death has died / and the world will never be the same”.

Voor de meesterlijke baskwaliteiten van Parker moet je dus niet bij dit album zijn, maar voor wie een beetje vertrouwd is met de visie en het werk van de artiest, zal Stan’s Hat Flapping In The Wind ook niet echt als een verrassing komen. Het is een werk dat met die combinatie van poëzie, spiritualiteit en bonte kleuren moeiteloos een plaatsje opeist in het al machtige oeuvre van deze muzikant, goeroe en inspiratiebron. Prachtplaat.

E-mailadres Afdrukken