Sgt. Fuzzy

Sgt. Fuzzy

Guy Peters - foto's: Erik Bogaerts - 14 december 2015

Het album van Sgt. Fuzzy -- hiervoor een tijdje bekend als An Expedition Into The Mind Of Sgt. Fuzzy, wat net iets minder vlot bekt -- liet even op zich wachten, maar is een zoveelste intrigerende plaat die bijdraagt aan (alweer)een topjaar voor El Negocito Records.

Naast zijn Linus-kompaan Ruben Machtelinckx bestond de band rond rietblazer Thomas Jillings tijdens de opnames ook nog uit gitarist Bert Dockx, bassist Nathan Wouters en drummer Gerri Jäger. Dockx verliet het gezelschap intussen, maar werd vervangen door Quinten De Cuyper, die zich al prima inwerkte in de groepssound. Die bestaat ook hier al uit een aantal te verwachten ingrediënten, waarin de individuele geluiden en achtergronden kunnen meespelen. Rock/pop, jazz, filmische introspectie en abstractere improvisatie vinden elkaar in een knappe en soms wat merkwaardige combinatie.

‘Merkwaardig’ omdat je met het een-tweetje dat het album op gang brengt ook wel op het verkeerde been gezet kan worden. Zowel “Suspension Of Disbelief” als “Displaced” kan je beschouwen als een meer opgewekte, popgetinte versie van Linus, waarin het lyrische geluid van Jillings’ tenorsax gekoppeld wordt aan hecht rond elkaar strengelende gitaren en een ritmesectie die speelt met de blik vooruit. De opener schakelt in z’n finale een versnelling hoger met schreeuwerig snarengetrek van Dockx, terwijl de opvolger blijft stuiteren met een aanstekelijke frisheid. Zet er een zanglijn op en je hebt een zomerhit.

Het contrast met de rest van de plaat is daarna best wel groot. Van die schijnbaar onbezorgde toon en die redelijk lichte inkleding blijft al snel weinig meer over. Niet dat het plots een bedrukte of sinistere bedoening wordt, maar de vijf nemen toch een vrij markante wending. Zo kent “Wet Love” in z’n aanzet een samengaan van kleine geluidjes --huilende en krabbende gitaren, elektronische golven, de tapes van Dockx, tikkende cimbalen --, om pas na een minuut of vier een nieuwe weg in te slaan, gegidst door een lome baslijn. Het wordt dromerige en filmische muziek die wat herinnert aan het oude werk van Portico. Jazzy en modern, maar met vaagweg een folkinslag. Het gitaarwerk in het zacht groovende “What’s New” doet even wat denken aan Dans Dans, maar de spanning laat hier een beetje op zich wachten, ondanks een geïsoleerde, krachtige uitval. Een song waar misschien wel iets meer mee gedaan had kunnen worden.

Het tweedelige “Pisces Ex Machina” is daarna weet wat anders, met eeneerste deel dat gedomineerd wordt door schimmige gitaarpartijen en een vervolgdat aanvankelijk al net zo’n abstracte koers lijkt te gaan varen als “Wet Love”, met suizende, grommende, bliepende klanken tot uit een toenemende geluidssoep plots een soort van hoekige sci-fi-groove ontstaat die haast uit z’n voegen barst. Erg knap, al laat die zo lang op zich wachten dat het jammer is dat er zo snel een einde aan gemaakt wordt .Met het afsluitende “One Through Tea” wordt nadrukkelijker aansluiting gezocht bij een Linus-sfeer. De repetitieve gitaren, ijle sax, lome bas en ritselende drums creëren een hypnose die gestaag stekeliger wordt en uiteindelijk ook weer uitmondt in een donderende finale.

De band maakt misschien een paar vreemde keuzes op het album en je kan je niet van de indruk ontdoen dat het soms een beetje hinken op twee gedachten is, maar tegelijkertijd komen de heren op de proppen met enkele straffe dingen en hoor je een geluid dat duidelijk de sporen van de respectievelijke achtergronden draagt, maar een paar keer ook leidt tot een nieuwe stijl en die er mag zijn. Live werd alleszins bewezen dat Sgt. Fuzzy zeer overtuigend is, dus het is uitkijken naar wat we nog mogen verwachten van dit intrigerende kwintet.

E-mailadres Afdrukken
Tags: Sgt. Fuzzy