Banner

Sparks

Hello Young Lovers

Jurgen Dignef - 17 mei 2006

Eén van de foutste groepen van de aardkloot maakt vandaag al meer dan dertig jaar muziek, en brengt met Hello Young Lovers reeds zijn twintigste plaat uit. Dat die plaat in de VSA zelfs via het beruchte garagelabel In The Red in de platenzaak terecht komt zegt veel over de groep: Sparks is meesterlijk in het vervaardigen van aangebrand songmateriaal, maar loopt op die manier wel altijd het risico om door gevoelige maagjes te worden afgestoten.

Het grote boek der kleine rockklassiekers wil dat u Sparks via Kimono My House uit 1974 kent, maar de discografie van de gebroeders Mael is in feite wel wat indrukwekkender dan dat. Waar Sparks in de jaren zeventig mee de typische rock van het tijdperk bepaalde, durfde de groep in de jaren tachtig wel eens met new beat en house te flirten, om in het begin van het nieuwe millennium op Lil’ Beethoven zelfs de confrontatie met klassieke muziek aan te gaan.

Met Hello Young Lovers heeft Sparks een tweede plaat in de stijl van Lil’ Beethoven klaar. U heeft er waarschijnlijk nog nooit bij stilgestaan hoe de gulden middenweg tussen Beethoven en Queen klinkt, maar op die vraag krijgt u met de openingssong "Dick Around" al meteen een antwoord. De song opent met iets dat klinkt als een Gregoriaans koor om even later in een nerveuze rapsodie à la "Bohemian Rhapsody" uit te barsten, en dat terwijl er een muur van geluid uit een harmonieus samenspel tussen klassieke instrumenten en Led Zeppelingachtige gitaren wordt opgetrokken.

"The Very Next Fight" zou dan weer de perfecte soundtrack bij een gevecht in slow motion zijn. De manier waarop het nummer zich traag voortsleept staat in schril contrast tot de tekst: jaloezie die omslaat in agressie. "(Baby, Baby) Can I Invade Your Country?" tapt uit een soortgelijk vaatje. Het is Sparks’ variant op het concept van de protestsong, met dat verschil dat Sparks zijn boodschap op een ondraaglijk lichte manier overbrengt, met een zeer speciaal, maar al even absurd resultaat tot gevolg.

En Sparks heeft nog wel wat meer van dat soort grapjes in huis. Nog nooit het gejank van een kat naadloos in een songmelodie horen overgaan? Met "Here Kitty" heeft u de kans. In "There’s No Such Thing As Aliens" klinken de broers Mael als buitenaardse wezens die naar onze planeet zijn afgezakt om de mensen met uitgebreide, hypnotiserende refreinen ervan te overtuigen dat er geen ruimtewezens bestaan, terwijl de groep in "As I Sat To Play To Organ At The Notre Dame Cathedral" zeven minuten lang de flauwe plezante op een kerkorgel uithangt.

Paradoxaal genoeg maakt dat van Hello Young Lovers net een vrij zware plaat die helemaal niet zo gemakkelijk te beluisteren valt. Niet dat Sparks ooit een écht gemakkelijke groep is geweest. Het tweetal had het zichzelf op een bepaald moment net zoals Queen veel comfortabeler kunnen maken, maar verkoos uiteindelijk toch altijd het experiment boven het comfort. Dat Sparks met Hello Young Lovers nog altijd even sprankelend als in de begindagen klinkt, is het zuurverdiende resultaat.

E-mailadres Afdrukken