Banner

Joachim Badenhorst

Forest//Mori

8.0
Guy Peters - foto's: Archief Geert Vandepoele - 13 januari 2014

Vooral niet te lang bij de pakken blijven zitten, moet Joachim Badenhorst gedacht hebben zodra hij de uitstekende releases Nachtigall (een trio met John Butcher en Paul Lytton) en Sparrow Mountain (van zijn Curate Urio Orchestra) vorig jaar de wereld instuurde. En zo geschiedde, want met Forest//Mori verschijnt nu al de derde release op Badenhorsts eigen Klein-label, en zijn tweede solorelease na het goed ontvangen The Jungle He Told Me (Smeraldina-Rima, 2012).

Die eerste soloplaat was zelfs voor degenen die al vertrouwd waren met zijn werk een kleine openbaring: een divers staaltje van zijn kunnen op tenorsax en (bas)klarinet, vol ongebruikelijke technieken waarvoor de muzikant inspiratie putte uit allerhande invloeden en ingevingen van het moment. Dat gebeurt op Forest//Mori (‘mori’ zou het Japanse woord voor ‘bos’ zijn) al even geslaagd, al biedt deze plaat misschien nog wel een beter inzicht in de wereld van Badenhorst. Er wordt immers niet enkel ingezet op extended techniques en improvisatie, maar ook het belang van de ruimte komt nadrukkelijker op de voorgrond. Door die verscheidene invalshoeken en eigenaardigheden krijg je een completer beeld. Het album is naakter en speelser dan z’n voorganger, ook al blijven de middelen beperkt tot klarinet en basklarinet, al dan niet versterkt.

De plaat begint vrij traditioneel, met een kort stuk dat wentelt rond een steeds terugkerend motiefje, waarin kleine variaties ingebouwd worden. Terwijl de krekels (?) tjirpen op de achtergrond, lijkt het wel alsof de compacte aanzet gebruikt wordt als lokmiddel: kom meeloeren, eens horen wat voor moois er in de aanbieding is. Om vervolgens natuurlijk uit te pakken met een veel minder conventioneel parcours. “The Trembling Something” maakt immers een totaal andere beweging: Badenhorst staat nu niet meer vlak naast de micro, maar een eind verderop, terwijl gegalm en gestommel al net zo belangrijk zijn als het sputterende geluid van zijn mond op een mondstuk (dat er net zo goed niet kan zijn). Het heeft even iets weg van vijf vochtige zeemvellen die over een raam wrijven, terwijl het gestommel doet denken aan een bombardement achter een nabijgelegen heuvel.

“Zon” focust meer op een herkenbare klarinetsound, maar dan wel volledig ontmanteld en schurend, in reepjes gescheurd en vervolgens terug op elkaar gelegd, met zeker naar het einde toe een aangehouden ingreep die het stuk naar het domein van de drones voert. Vergelijkbaar gaat het eraan toe in “Een Zondagochtend In Delft”, dat begint zoals de oproep tot het ochtendgebed, ergens in het Midden-Oosten, met een stem die door de basklarinet schalt en vervolgens weer zo’n minimalistisch verkeer laat horen, vol zware melancholie in een dalend motief, als kwam het uit een logge stonergroove.

De titel “Feedbacksessie” vat de inhoud dan weer goed samen. Piepende feedback wordt door verschuivende houdingen gemanipuleerd en tot een relatie gedwongen met Badenhorsts tongue slapping. De eigenaardige feedback van een door een gitaarversterker gestuurde klarinet wordt in “My Left Hand” nog mooier aangewend om op zoek te gaan naar harmonie. Zodra de klarinet op de voorgrond treedt, zorgt deze zelfs voor een sinister effect, alsof Badenhorst de soundtrack bij zijn eigen horrorfilm wou creëren. Het is de natuurlijke echo die afsluiter “Handsome Eyebrow” een extra dimensie bezorgt, en de muziek tegelijkertijd ook meer ademruimte geeft.

De pure instrumentbeheersing komt ook aan bod: “Wormhole” laat een meesterlijke controle over de circulaire ademhaling horen, met de herhaling van een stotend motiefje, dat vergezeld wordt door een extra laagje en dan nog eens een hogere uitschieter. Goed om je in trance te krijgen en te laten geloven dat je te maken hebt met elektronica of op z’n minst elektronische manipulatie. Ook goed voor de dansvloer. De luchtigere aanpak komt terug in de titeltrack, die een lange aanloop heeft van een field recording: ruis, passerend verkeer en daarna een gedoseerde oefening. Het resultaat lijkt bijna een kort inzicht in het blootgelegde werkproces van de muziek.

Werd het gros van de stukken opgenomen in verschillende ruimtes in het Performing Arts Forum in St. Erme, dan zijn er toch ook een paar duostukken met kunstenaar/multi-instrumentalist Gerard Herman (o.a. Sheldon Siegel) die elders werden opgenomen. “This Track Is A Duo With Gerard Herman” is een neuriefestijn van basblokfluit en klarinet dat het vooral moet hebben van geinige vocalisatie en een eindflard heeft die herinnert aan Frisells “Tales From The Far Side”. Het duo keert ook nog eens terug voor een hidden track met accordeon en fluit, een scheef stukje primitivisme dat afgesloten wordt met wat Monk. En ook dat relativerende is typisch Badenhorst, ook al werd dat pas duidelijk op de laatste twee albums. Maar laat geen twijfel bestaan over zijn kunde of intenties: Forest//Mori is het zoveelste bewijs van zijn status als een van de boeiendste Belgische muzikanten van het moment.

Joachim Badenhorst speelt een hele reeks soloconcerten, meer info via de website van JazzLab Series. Het album zal worden uitgegeven in de vorm van een klein magazine, met artwork van verschillende vrienden, waarbij elk exemplaar uniek is. Een extra reden om het in huis te halen.

E-mailadres Afdrukken
 
Joachim Badenhorst

Uit ons archief
Banner

TEST