Banner

Codasync

Pan Aroya

9.0
Boris Ketels - 13 november 2012

Omgaan met tegenstrijdige emoties is iets dat je als puber maar beter zo snel mogelijk onder de knie krijgt. Het zielsleven wordt er immers vanaf dat moment niet bepaald gemakkelijker op. Elke nieuwe generatie jongeren heeft natuurlijk zijn eigen manieren om daarmee om te gaan, al staat buiten kijf dat muziek daar een van is.

alt

Het voelt dan ook vreemd als de rollen omgedraaid worden en het de muziek is die leidt tot tegenstrijdige gevoelens. En laat nu net dat het paradoxale effect zijn van het nieuwe album van het Antwerpse kwartet Codasync. Het is evenwel noodzakelijk om deze uitspraak goed te kaderen. De puur zintuiglijke ervaring van Pan Aroya moet immers niet met de vinger gewezen worden. Het betreft hier namelijk een onvervalst meesterwerk. En hoewel dat een behoorlijk krasse stelling is, zijn het geen loze woorden.

De euforie wordt echter gecounterd door de uitzichtloze toekomst voor een band als Codasync in het Belgische muzieklandschap. Of het nu ligt aan het wanbeleid van Joke Schaumaker -- euh -- Schauvliege en haar voorgangers, de dominantie van mainstream pop op Studio Brussel, de economische crisis in het algemeen of die in de muziekwereld in het bijzonder, er is iets behoorlijk mis als aan dit soort platen geen breder gehoor wordt verleend. Pure frustratie, en voor een enkeling als ons zelfs woede, gaan dus op Pan Aroya hand in hand met kippenvel, fun en waanzinnige composities.

U gelooft dit alles misschien niet, of slikt het in met behulp van een korrel zout ter grootte van een bowlingbal, en dat kunnen we u moeilijk kwalijk nemen. Te vaak heeft u immers recensies gelezen waarvan de overtuiging dwingender klonk dan het album achteraf kon waarmaken. En naar alle waarschijnlijkheid heeft u ook te vaak een regel zoals de eerste van deze alinea gelezen, gevolgd door de claim dat net die plaat voor één keer wel zo goed is en dat u hem moet, móet, MOET beluisteren. Al maken onze voorgangers het ons dus extra moeilijk, toch kunnen ook wij niet anders dan minstens te proberen u te overhalen.

Wat kunt u verwachten in ruil voor zo veel dure woorden? Ongeveer alles wat de vier heren u in het verleden al voorschotelden. Als vanouds spelen rockgitaren op een volstrekt unieke manier pingpong, worden drumsalvo’s afgevuurd die je beter niet op je nuchtere maag incasseert en hakt een brute baslijn wat nog overschiet aan flarden. En nog steeds worden zowel over als binnen de grenzen van een song invloeden, genres en geluiden in een soort intergalactische broodmachine gemengd tot een buitenaards goedje, compleet met fluorescerende gluten.

Dat Pan Aroya toch geen stilstand is binnen het oeuvre van het viertal maar een zevenmijlslaarzensprong vooruit, heeft eerst en vooral te maken met de David-Fincherwaardige regie: nooit voordien zat een Codasyncalbum zo strak en straf in elkaar. Nog steeds zonder compromissen slaagt de groep er immers voor het eerst in zo’n hermetisch en consistent geheel te brengen, met zo’n duidelijk afgetekende smoel.

Een andere reden is de manier waarop het collectief voor hun vijfde niet alleen met invloeden van buitenaf, maar ook met referenties aan hun eigen geschiedenis speelt. Riffs die aan Tool herinneren, worden zo afgewisseld met blast beats die vet knipogen naar het prille begin, toen beide heren Meersmans en ex-bassist Bruno Morez nog speelden in het brute maar toen al complexe Nimmerland. "Chraham and Idonis", dat in de intro nog een beetje geurt naar recenter werk van Battles, doet even later dan weer denken aan In Progress, het proggy project waarvan, naast eerder genoemde broers, ook gitarist Bram Van Houtte een lidkaart had. En hoewel het vaak niet meer dan kwinkslagjes zijn, geven ze blijk van een uitermate ontwikkelde visie en vakmanschap.

Tot slot heeft Codasync tijdens het opnameproces van hun nieuwste ook een extra paar ballen gekweekt. Eclectisch, instrumentaal en radicaal, het blijven keywords om de band kort te omschrijven. Maar zo stevig en bijwijlen zelfs snoeihard klonken ze nooit eerder.

En toch smaakt Pan Aroya dus af en toe een beetje bitter. Zo veel lekkers valt er te rapen, zo veel pure spelvreugde en potige essentie werden gecondenseerd tot drie kwartier genot. En geen haan die er naar kraait. Dat de heren er zelf niet stil bij staan en naarstig verder timmeren aan de weg, maakt hun prestatie nog indrukwekkender. Maar dit soort Sisyphusarbeid maakt sommige recensenten behoorlijk moedeloos, mezelf inclusief. Gun ons dus dat ene sprankeltje hoop en geef Codasync na het lezen van deze recensie een zuurverdiende luisterbeurt. Nadien spoelt u die wrange nasmaak dan maar weg met een frisse pint.

E-mailadres Afdrukken