Evens

Het amusement

9.0
Joris Vanden Broeck - 23 oktober 2018

Het is met een zekere staat van opwinding dat nieuw werk van Brecht Evens hier in de enola-grot onthaald wordt. Na een lichte schermutseling om te beslissing wie zich als eerste mag laven aan zoveel pracht, treedt langzaam maar zeker een collectieve staat van gelukzaligheid in. Met het nieuwe Het amusement is dat niet anders, integendeel: mogelijk is dit het beste werk van Evens tot nog toe.

Het mag een klein wonder heten dat Het amusement er gekomen is. Na Panter en Paris kreeg de jonge auteur af te rekenen met depressies en een psychose. In Het amusement vallen daar sporen van te traceren, maar vooral is het een indrukwekkend, caleidoscopisch verhaal dat het nachtelijk leven van drie personages volgt. Het is een boekwerk vol aantrekken en afstoten, waar je het liefst onmiddellijk na afloop opnieuw wil in kruipen.

Het amusement dompelt je onder in een nachtelijke stad die flink wat gelijkenissen vertoont met Brussel. Personages duiken op en verdwijnen weer, tot langzaam maar zeker de verhaallijnen zich beginnen af te tekenen en je, door verschillende figuren, bij de hand genomen wordt voor een stadswandeling doorheen een beeldverhaal, want dat woord is de meest correcte omschrijving voor dit boek. Soms wil je er gewoon in verdwijnen, de tekeningen binnensluipen, door de dubbele plaat met de terrasjes dwalen, opgaan in de warmte die het tafereel uitstraalt.

Nochtans is het niet allemaal rozengeur en maneschijn die deze nacht met zich meebrengt. Victoria heeft hulp nodig, maar is daar niet even hard van overtuigd als haar omgeving. Jona staat op het punt zijn vrouw te vervoegen in Duitsland, waar het burgerleven wacht. Thuis wacht echter eerst nog de nacht, met zijn verlokkingen, die op een schoteltje aangediend worden door zijn voormalige celgenoot. En Baron Samedi kampt met een depressie, wil niks, al helemaal niet ergens zijn, maar belandt toch in de armen van de grootstad.

Daar worden levens geleefd, ten volle, met alle blutsen en builen vandien. Evens schetst zijn personages, zowel visueel als qua karakter, in alle openheid: het zijn mensen, ze laten zich meeslepen, zijn wispelturig, zoekend, vertwijfeld, en ze bevinden zich niet noodzakelijk in de best mogelijke periode van hun leven, wat hen ongeschikt zou maken om in de meeste andere getekende verhalen een rol van betekenis te spelen, maar in de vakkundige handen van Evens werkt het, zonder dat er gêne aan te pas komt, bovendien.

“Gewone mensen weten niet wat ze moeten aanvangen met buitengewone mensen”, vertelt een taxichauffeur ergens onderweg in Het amusement en hoewel de man verder vooral lulkoek verkoopt aan zijn passagiers, slaat hij daarmee de nagel op de kop en wordt de clou van het verhaal je zomaar in de schoot gedropt. Evens mag zelf een bijzonder heftige periode doorgemaakt hebben, hij hoort duidelijk tot de buitengewone mensen, die tot dito prestaties in staat zijn. Het amusement is er eentje voor de canon.

E-mailadres Afdrukken