Banner

Het Muziek Lod/Het Net

Die Siel van die Mier

Robin D'hooge - 26 april 2004

Jan Fabre is niet de enige Vlaamse theatermaker die gefascineerd is door wriemelende beestjes. Ook Josse De Pauw ging al eens op onderzoek uit, samen met Flat Earth Society, voor de muzikale expeditie Larf. Het muziek Lod voert hem verder op de ingeslagen weg, dit keer voor een speurtocht naar Die Siel van die Mier.

David Van Reybrouck stoelde de tekst voor dit stuk losjes op het studieobject uit zijn boek De Plaag, een verzameling veldnotities van Eugène Marais. Later werden deze geplagieerd door Maeterlinck voor zijn eigen La Vie des Termites. Marais vergeleek zijn onderzoek graag met sielkunde, een poging om de pysche van de termieten zo dicht mogelijk te benaderen.

Tijdens zijn laatste college hangen de studenten van een prof biologie aan zijn lippen. Hij stelt aanschouwelijk voor, trekt aangename parallellen tussen het sociale gedrag van deze ’nobele dieren’ en gewone mensenlevens. Tegelijk beseft de professor dat dit eigenlijk weinig wetenschappelijke, opgedrongen en geforceerde onzin is: een insect staat natuurlijk geen seconde stil bij noties als zorgzaamheid, zelfopoffering of plichtsbesef. En toch, wat als één van die beestjes op een dag zou besluiten om zijn eigen weg te gaan ?

Geleidelijk nemen gevoelens het over van de wetenschap. Terwijl de professor verder terugblikt op zijn leven, breken Jan Kuijken en George van Dam van Het muziek Lod in in de voorstelling. Hun muzikale begeleiding, met versterkte viool en elektrische cello, worden doorspekt met de vreemdste samples van allerlei geluiden en stemmen. Samen met een paar flarden uit gedichten van Marais is dit waarschijnlijk het enige dat een beetje herinnert aan dat plagiaat van Maeterlinck.

De Pauw rapt de rest van zijn monoloog in een afgemeten parlando. Het blijkt een verhaal zoals zovele; één over ongegrepen kansen en dan maar meedrijven met de stroom. De beeldtaal bestaat uit een bewuste aaneenschakeling van banaliteiten: het is alsof een mensenleven, van op afstand bekeken, meer op dat van een zielloze termiet lijkt dan omgekeerd. De taal van Van Reybrouck wordt steeds muzikaler, tot de professor uiteindelijk toegeeft aan zijn emoties en in zingen uitbarst.

De muzikale bewerking van Het muziek Lod is — weer — zonder meer fascinerend en Josse De Pauw getuigt van veel métier. Dit redt grotendeels Van Reybroucks basistekst, die zeker niet overal evenveel om het lijf heeft. Hij krijgt terecht kansen om in de schaduw van veel ervaring tot volle bloei te komen, maar heeft nog een weg af te leggen, zo lijkt het wel. Videofragmenten begeleiden de voorstelling, maar blijven op één uitzondering na steken in het illustratieve. Een gemiste kans, beter geïntegreerde beelden zouden in combinatie met de muziek het verhaal vooruit kunnen stuwen.

De grootste kwaliteit van de voorstelling zit dan weer in de poëtische versmelting van woord en klank tot een muzikaal geheel, dat de betekenis op allerlei vlakken weerspiegelt. Het aanwezige talent staat garant voor een aangename voorstelling, maar zelfs de beste metsers hebben stevige grondstoffen nodig om hun werk naar behoren te kunnen doen.

E-mailadres Afdrukken