Banner

Jan Decorte / Bloet vzw & Comp. Marius

Wintervogelchen

Brecht Hermans - foto's: Danny Willems - 07 januari 2009

Kwetterend als een kwiek vogeltje staat Jan Decorte uitvoerig te gesticuleren achter zijn spreekgestoelte. Een vrolijke voorstelling heeft hij beloofd, en de meester houdt woord.

Een opvoering van Shakespeares The Winter’s Tale ligt niet meteen voor de hand. Het stuk is opgebouwd rond een ingewikkelde plot -- ik ga niet eens proberen die hier kort en krachtig voor u samen te vatten -- vol misverstanden, intriges, verkleedpartijen en miraculeuze verschijningen, die geen enkele hedendaagse theatertoeschouwer nog zou slikken. Geen wonder dat het stuk niet bepaald tot het bekende, klassieke repertoire behoort. Daarbij wordt The Winter’s Tale door kenners ook nog eens beschouwd als een problematisch stuk wegens de voortdurende afwisseling tussen komische en psychologische scènes. Maar net dit "onaffe" van het stuk spreekt Jan Decorte aan. Het biedt hem als theatermaker de mogelijkheid om creatief om te springen met het materiaal. Vandaar dat hij ook een eigen titel bedenkt: in plaats van de gebruikelijke vertaling Wintersprookje noemt hij zijn stuk Wintervögelchen.

Decorte is als auteur nadrukkelijk op scène aanwezig. Niet alleen is hij heel de tijd op, hij onderbreekt ook regelmatig de handeling om enkele passages tekst voor te lezen. Hierin kondigt hij meestal de komende gebeurtenissen in Shakespeares plot aan, waarbij hij overvloedig verwijzingen maakt naar de wereld der vogels. Decorte laat zwaluwen, kiekendieven en ander natuurschoon de revue passeren en begeleidt deze opsomming met bijpassende klanknabootsingen. Die geven aan Decortes interventies een naïeve, komische toets.

Dezelfde naïviteit komt aan bod in het spel van de "echte" acteurs. Een zeer simpel decor bakent het eigenlijke speelvlak af: tussen drie houten muren -- qua perspectief minutieus op de zichtlijnen van de zaal afgesteld -- loopt een houten vloer licht omhoog. Hierop worden de dialogen van Shakespeare tot leven gebracht. Sigrid Vinks speelt de koning van Sicilië en die is kwaad. "Grom, grom", opent Vinks met haar valse baard en simpele kroon haar monoloog. Op het kartonnen bordje dat aan haar hals hangt, staat te lezen: "Konink S". Meteen is duidelijk dat Decorte kiest voor een zeer eenvoudige, maar tegelijk zeer heldere manier van regisseren. Ook al neigt het geheel van valse baarden en kartonnen bordjes nogal eens naar een kinderlijke onnozelheid, toch zorgt juist die regiekeuze ervoor dat het ingewikkelde The Winter’s Tale plots zeer begrijpelijk wordt.

Decortes Wintervögelchen is een vrolijke komedie, maar dankzij de doorzichtige regie is het ook meer dan dat. Er wordt hier, dames en heren, een Shakespeare gebracht, maar dan wel zonder daarover te gewichtig te doen. Geen psychologisering, niet het grote acteren, geen verdomd moeilijk te begrijpen intellectualisme. "Grom, grom" en de koning is boos. Decorte leidt het regisseren terug tot de essentie: op een boeiende wijze een verhaal overbrengen op een publiek. En dat het overkomt, dat is zeker.

Het theater van de eenvoudige middelen, het is niet echt iets nieuws. Maar helderder dan dit krijg je een Shakespeare nauwelijks te zien. En om die vijf toch al net iets oudere acteurs vol spelplezier op het podium aan de slag te zien gaan met kartonnen bordjes en gouden kroontjes, dat geeft aan het geheel toch een extra aandoenlijke laag. De acteurs die niet spelen, maar wel op het podium zichtbaar zijn, blijven voortdurend geconcentreerd op het houten speelvlak. Ze houden hun adem in, hun armen en benen trillen van de zenuwen en spelplezier. Dat alleen maakt van Wintervögelchen al een fijne ontmoeting met een vrij onbekende Shakespeare.

Wintervögelchen speelt nog tot 11 februari in Vlaanderen en Nederland.

E-mailadres Afdrukken