Banner

Ana Borralho & Joao Galante

Atlas

6.0
Brecht Hermans - foto's: Michiel Devijver - 06 november 2013

Zes maanden lang vierde de Gentse Vooruit zijn honderdjarige bestaan. Het festival-in-het-festival Possible Futures sloot de festiviteiten af en maakte de overgang van terug- naar vooruitblik. Op zijn beurt werd Possible Futures afgesloten met de performance Atlas, waarin honderd Gentenaars een revolutie op scène zouden ontketenen. Al bij al bleef het braafjes.

alt

De Portugese kunstenaars Ana Borralho & João Galante brachten met Atlas een reeds beproefde formule naar Gent. In 2011 creëerden ze deze performance in Lissabon met de bedoeling een staalkaart van de samenleving op scène te brengen. Door honderd mensen uit alle lagen van de bevolking samen op het podium te brengen, laten de kunstenaars zien dat positief samenwerken kan. Een mooie, politiek correcte boodschap, maar als performance is Atlas niet echt revolutionair.

Via de aankondigingen word je op voorhand stevig ingepeperd dat er maar liefst honderd man op scène zal staan. De voorstelling begint echter met één mens. Ze komt achteraan op en loopt naar voren, waar ze een aankondiging doet in de micro. Geïnspireerd door een kinderliedje (“als een olifant veel mensen stoort, dan storen twee olifanten nog veel meer mensen”) wordt in Atlas het beroep van de spreker in kwestie geproclameerd: “als een onderwijzeres veel mensen stoort, dan storen twee onderwijzeressen nog veel meer mensen”. Daarna keert zij op haar passen terug en wordt ze vervoegd door een tweede persoon. Die komt naar voor met “ “als twee loodgieters veel mensen storen...” en samen vullen ze aan: “dan storen drie loodgieters nog veel meer mensen”. Daarna herhaalt het ritueel zich met een derde, vierde, vijfde persoon, en zo tot honderd.

Atlas werkt duidelijk op de herhaling en dat gaat al snel vervelen. Nochtans wil je al die “gewone mensen” op het podium de nodige aandacht geven, je gunt ze hun fifteen seconds of fame, maar op de duur ben je oververzadigd. Het mooie is dat Borralho en Galante consequent hun strakke vorm vasthouden, maar het maakt Atlas ook wel tot een wat saaie performance. Zeker wanneer je je bij nummer vijfendertig plots realiseert dat je verdorie nog lang niet aan de helft zit.

Gelukkig wordt het gestage ritme hier en daar onderbroken. Op kleine schaal gebeurt dit doordat de sprekende persoon steeds het wandeltempo bepaalt. De ene mens gaat snel, de ander traag en de groep volgt. Later in de voorstelling is er iemand die zich niet aan zijn tekst houdt: hij weidt overvloedig uit over zijn job als opgraver van gestorven soldaten. Dit is het startsignaal voor de anderen om ook hun verhaal te vertellen, want tot dan werd iedereen gereduceerd tot zijn of haar beroep. Nu breekt iedereen los, maar natuurlijk is er geen plaats voor al die verhalen: ze versmelten, worden een onverstaanbare kakofonie. Wanneer iedereen het zijne opeist, is de revolutie bij voorbaat gedoemd om te mislukken.

De politieke laag van het stuk komt expliciet bovendrijven wanneer een Portugese designer aan het woord komt. Hij vertelt hoe hij naar hier kwam, ging studeren, wilde werken. Maar als een werkgever kan kiezen tussen een Vlaming of iemand die Nederlands spreekt met een accent, is de keuze snel gemaakt. Op de duur verloor de man zijn motivatie om Nederlands te leren. Zo duiken in Atlas meerdere politiek getinte aankondigingen op, die ons een weinig hoopvol beeld van de samenleving geven. Dat wordt echter mooi gecounterd door de verschijning van een aantal kinderen die zichzelf aankondigen als wat ze later zouden willen worden. Tekenaar, schrijver, graffiti-artieste. De hoopvolle utopie van de kinderdroom.

Tegen het eind van de performance wordt Atlas toch even spannend: wat zal er gebeuren wanneer de honderdste persoon de scène betreedt? Wel, dan gaat de revolutie de wereld in. Op een soundscape van ronkende bassen betreedt het honderdkoppige leger traag de zaal. Ze omsingelen het publiek, maar ze blijven op afstand. Er wordt verder niets mee gedaan. En dan gaat het licht aan en volgt een groots applaus. Het enthousiasme van de honderd vrijwilligers is aandoenlijk. Het Portugese duo is er dan toch in geslaagd een vleugje hoop aan de samenleving toe te voegen. Als kijker blijven we echter op onze honger zitten qua theaterervaring en ook van enige opborrelende revolutie is helaas geen sprake.

E-mailadres Afdrukken