Banner

Erik Nerinckx in STUK

Katelijne Beerten - 01 februari 2002

Stuk heeft altijd een boontje gehad voor jong talent. Momenteel kun je in de expozaal van het Kunstencentrum terecht voor een tentoonstelling van videokunstenaar Erik Nerinckx.

De dertigjarige Nerinckx studeerde in 1994 af als meester in de audiovisuele kunsten. In Stuk brengt hij voor het eerst een grote selectie uit zijn oeuvre samen. Het zwaartepunt ligt op zijn videowerk. Vroegere werken vervoegen een reeks gloednieuwe, niet eerder getoonde installaties.

De tentoonstelling opent met twee gipsen (doden)maskers tegen een witte wand. Eentje van een klein kind, een ander van een oude man. Op die maskers projecteert Nerinckx beelden van hun gezichten. Het lijkt een zoektocht naar de grenzen van de videokunst: video kan geen derde dimensie weergeven. Door de projectie van de beelden op de maskers, roept hij op ingenieuze wijze de derde dimensie op in de beelden.

Een steeds weerkerende constante in het werk van Nerinckx is, naast de zoektocht naar de beperkingen van de videokunst, het met elkaar mengen van verschillende fragmenten van een realiteit. Neem nu "Vlees": op een koelkast ligt een gipsen afdruk van vlees. Op het raam dat boven de ijskast aanwezig is, projecteert hij een video van diezelfde vleeshomp die evolueert van diepgevroren voorwerp tot bloedende, malse etenswaren.

In een ander leuk werk zie je elementen die in een slaapkamer thuishoren: een matras, vering, wanden van een bed, kleerkast, nachttafel. Op de matras toont Nerinckx een video van een flatgebouw. Dat flatgebouw past qua oppervlakte perfect op de matras. De video bestaat uit een sequens van dag en nacht. Je ziet hoe de lichten aan en uit gaan, telkens opnieuw. Het lijkt bijna een flikkerende lichtinstallatie. De maat van de matras is vermoedelijk bewust gekozen: een twijfelaar — de afmetingen ervan liggen tussen een een- en een tweepersoonsbed. Kan dit verwijzen naar de mensen die niet weten wat ze willen? Licht aan, licht uit? Gaan slapen, niet gaan slapen? De besluiteloosheid van de mensen? Het eeuwigdurende getwijfel?

Het meest fascinerende werk zie je als laatste. Door een kleine spleet zie je een witte tegelmuur. Het lijkt een toiletwand: je ziet de weerspiegeling van enkele urinoirs. Het grijpt je aan, je wilt meer zien, je nieuwsgierigheid lokt je dichterbij, je gluurt door de spleet, maar je kunt niets zien. De kunstenaar speelt met de toeschouwer en zijn voyeuristische ingesteldheid, hij confronteert de mens met zijn minst aangename eigenschap.

Met deze tentoonstelling bewijst het Stuk onrechtstreeks een grote dienst aan Kultuurraad (een geleding die binnen de studentenbeweging Loko (Leuvense Overkoepelende Kringorganisatie) verantwoordelijk is voor cultuur, voor en door de Leuvense studenten). Niet enkel loopt de tentoonstelling nog als Ithaka plaatsvindt, maar Nerinckx nam in 1994 deel aan Ithaka. In dat jaar was hij laatstejaarsstudent videokunst op Sint-Lukas in Brussel. Eigenlijk bevestigt deze tentoonstelling het statement dat Ithaka is: de studenten hebben inderdaad oog voor aanstormend beeldend talent. Verschillende van de kunstenaars die hun eerste stappen in de wereld zetten via Ithaka, krijgen later elders veel respect en aandacht. Zo ook Nerinckx dus.

De tentoonstelling is nog toegankelijk tot en met 30 maart 2002 en dit tijdens de openingsuren van het Stuk (10 -18 u of tot 20.30 u op de dagen dat er voorstellingen zijn). Tijdens Ithaka, het parcours rond hedendaagse kunst van Kultuurraad op 28, 29 en 30 maart 2002, zal de expositie van Erik Nerinckx geopend zijn tot 23 u.

E-mailadres Afdrukken