Banner

Helena Almeida. Corpus

WIELS, Brussel

9.0
Dagmar Dirkx - 11 november 2016

Wie dezer dagen een spatje blauw wil toevoegen aan het herfstige geel, groen en roodbruin, rept zich best naar het Brusselse WIELS. Daar daagt de Portugese kunstenares Helena Almeida in de tentoonstelling Corpus frivool maar resoluut alle grenzen van het beeldvlak én van het lichaam uit.

Tentoonstellingstitel Corpus doet ons denken aan zwaarlijvige theorieën van Nietzsche of moeilijke installatiekunst à la Joseph Beuys, waar zelfs menig kunstliefhebber vaak voor past. Dat dit een te doorworstelen tentoonstelling zou zijn, ontkracht Helena Almeida meteen in “Tela Habitada” (ofwel “Bewoond Doek”) uit 1976. Glimlachend begroet ze de toeschouwer vanuit een zwart-witfoto, waarin ze zelf in een wit pak met daarop een wit doek ronddartelt. Alle ideeën over de vrouw als object in de kunstgeschiedenis of de grenzen van materialen en media duiken hier al subtiel op en verdwijnen even lichtvoetig om zich stilletjes in de kunstwerken van de rest van de expositie te nestelen. Als Corpus een date was, formuleerde Almeida met “Tela Habitada” de perfecte openingszin.

De combinatie van het spelen met fundamentele kwesties uit de kunstgeschiedenis en een ongeziene luchtigheid, openbaart zich verder in de “Bewoonde Schilderijen” uit 1975-1977. Op het snijpunt van performance, fotografie en schilderkunst ontroert Almeida de toeschouwer met niets meer dan zwart-witfoto’s van haar eigen lichaam, opgesmukt met felblauwe verftoetsen. Zo overschildert het spiegelbeeld van de kunstenares haar echte beeld met flinke vegen blauw, of speelt ze in een reeks foto’s verstoppertje met datzelfde blauw, waarbij ze uiteindelijk achter de vegen komt piepen. De strijd tussen kunstenaar, medium en lichaam wordt een speelse dans, een tango, een verleidingstruc.

Het wederkerende blauw doet een belletje rinkelen? Klopt, Almeida verwijst niet voor niets naar “International Klein Blue” waarmee performancekunstenaar en schilder Yves Klein wereldwijd furore maakte. Dat de performances met naakte vrouwen Klein ook het imago van seksist opleverde, is minder bekend. Almeida reageert voortreffelijk: ze manipuleert het “IKB” van Klein, eigent het zich toe en stopt het stukje blauw in de reeks “Studies Voor Een Innerlijke Verrijking” uit 1977 haast achteloos in haar zak. Nog nooit werd een middelvinger zo geraffineerd opgestoken.

Het staat buiten kijf dat Helena Almeida een feministe pur sang is, maar nergens uit zich dat in rumoerige pamfletten of ontblote Pussy Riot-borsten. In de video-installatie “Hoor Mij” uit 1978-1980 zien we de kunstenares wel schreeuwen, van achter een doek. Het gebrek aan geluid veroorzaakt de frustratie bij de toeschouwer van het niet kunnen horen, een gewiekste omkering van de frustratie van het niet gehoord kunnen worden door de vrouw. In een tweede, fotografisch luik van “Hoor Mij” blijken de zwarte lijnen op de lippen van de kunstenares gelukkig geen genaaide stiksels, maar wel getekende lijnen. Het stille feminisme is oorverdovend, en dus bijzonder effectief.

Ondanks dat het hemelsblauw hier verdwenen is, blijkt de reeks “Dentro De Mim” (ofwel “Binnen In Mij”) uit 1995-1998 nog het meest een blauwdruk – sorry, we konden het niet laten – voor de tentoonstelling. Eén deel van dat werk toont een reeks van levensgrote foto’s, waarin Almeida in verschillende houdingen, gehuld in het zwart, op de grond ligt. Wie uit die reeks één foto filtert, ervaart rust, standvastigheid en kalmte. Maar wie uitzoomt en de reeks in zijn geheel beschouwt, doorziet de onrust, het eeuwige zoeken, en dus ook het niet neerleggen bij het status quo dat Almeida zo kenmerkt.

De oplettende toeschouwer zal dan ook, haast als in een choreografie, vaak op zijn passen terugkeren, weer vooruitlopen, om vervolgens weer stil te staan bij de onderhuidse, maar zo essentiële motieven in het oeuvre van Almeida. Wees echter op voorhand gewaarschuwd: Almeida leidt de dans.

Helena Almeida. Corpus loopt nog tot 11 december 2016 in WIELS, Brussel.

E-mailadres Afdrukken