Banner

Chris Frith

:: Ons brein

Hildegart Maertens - 03 juni 2011

Chris Frith, Brits professor neuropsychologie aan het Londense University College, is niet aan zijn proefstuk toe. Na Schizophrenia en The Neuroscience of Social Interaction schreef hij nu een interessant boek met de ondertitel Hoe de hersenen het verstand te boven gaan, namelijk Ons brein.

Vertaalster Nancy Seghers wachtte in ieder geval geen eenvoudige opdracht. Zij moest het complexe Engels van Frith vertalen naar een helder Nederlands, waarin jargon systematisch geweerd werd ten bate van een vlotter leesbare vertaling. Zo moest ook de lange titel eraan geloven. Oorspronkelijk heet Ons brein immers Making up the mind: how the brain creates our mental world, een aanduiding die beter de lading dekt. Het boek is meer dan een uitwijding over een aantal specifieke kenmerken van het menselijke brein. Het is een behoorlijk strak opgebouwde lezing over de verhouding tussen psyche, intellect en innerlijke belevingswereld. Frith pakt daarbij uit met heel wat zaken die de medische wereld reeds heeft blootgelegd, maar eveneens ook met onontgonnen onderzoeksgebieden. Ons brein is dus een heel eerlijk boek voor wie de neuropsychologie op de voet volgt.

Bepaalde recensenten namen desondanks reeds het woord "doorworstelen" in de mond en dat woord is hier, helaas, eigenlijk ook op zijn plaats. Frith onderwijst zijn publiek aan de hand van tekeningen, schema’s, hersenscans, röntgenopnames, case reports en ludieke intermezzi, waardoor Ons brein de uitstraling krijgt van een handboek uit de middelbare school. Soms is er inderdaad te weinig continuïteit om van goede non-fictie te spreken: het zeer gestructureerde kader van dit boek staat de natuurlijkheid van de leeservaring in de weg en de lezer krijgt daardoor nooit echt aandrang om voort te lezen. Aan de wetenschappelijke kwaliteit van dit werk ligt dat in ieder geval niet, want Frith weet waar hij het over heeft. Wel doet hij te weinig moeite om de lezer helemaal mee te sleuren, zoals Oliver Sacks — collega in de neurowetenschappen — dat wél heel goed doet.

De voornaamste drijfveer om in Ons brein te beginnen, moet dus zijn dat de lezer een en ander wil bijleren over de hersenen. Wie die intrinsieke drijfveer bezit, heeft hiermee een fantastisch boek in handen. Zo legt Frith uit waarom de hersenen cruciaal zijn in waarneming, hoe optisch bedrog precies functioneert en hoe gedragspatronen voortkomen uit een essentiële overlevingsdrang. Als psycholoog kan Frith het uiteraard niet laten het onderbewuste op de hele zaak te betrekken, maar Frith blijft medische en psychologische invalshoeken combineren en poneert geen stellingen die medici zullen doen steigeren. Daarvoor gaat hij te nauwkeurig te werk en doordringt hij de lezer te veel van zijn absolute alwetendheid op dit gebied — zonder daarbij te belerend over te komen.

Wegens de complexiteit heeft het boek bovendien baat bij zijn heldere structuur. Het eerste deel gaat over verworven kennis en het onbewust associatief leerproces, als belangrijkste vormen om te overleven. Het leggen van associaties laat ons toe om snel en efficiënt te reageren binnen de wereld. Het tweede deel bespreekt en documenteert de invloed van de zintuiglijke waarnemingen. In een derde deel leert men over het effect van communicatie en imitatie, bijvoorbeeld in de taal. Bij dat alles wijst Frith er een aantal keer op hoe creatief ons brein omgaat met de gigantische hoeveelheid kennis die in onze hersenpan opgeslagen ligt. De verwondering, die eigenlijk de essentie vormt van dit boek, vormt een mooi tegengewicht voor de meer klinische passages, waardoor Ons brein uiteindelijk toch een gebalanceerde indruk nalaat.

Wie kortom een medische achtergrond heeft en beschikt over een grote interesse in de psychologie, zal met Ons brein een heel eind geraken. Voor het grote publiek is dit boek dan weer niet weggelegd, door zijn doorgedreven abstractie. Toch blijft het spijtig dat het tempo en de complexiteit soms te weinig zijn afgesteld op de noden van de moderne lezer.

E-mailadres Afdrukken