Banner

Juli Zeh

Vrije val

Jurgen Boel - 04 juli 2008

Het is weinig auteurs gegeven om met begrippen uit de wetenschap en fysica te spelen zonder te vervallen in lachwekkende en gesimplificeerde verhaallijnen of nauwelijks begrijpbare wetenschappelijke traktaten waarin elke spanningsboog verdwenen is. Vrije val vormt een mooie uitzondering.

Met Speeldrift (2004, hier verschenen in 2006) katapulteerde de jonge Duitse schrijfster Juli Zeh zichzelf naar het auteursfirmament, vergelijkingen met Robert Musil en Thomas Mann waren niet van de lucht en de ene na de andere nominatie volgde. Drie jaar en twee boeken (Kleines Konversationslexikon Für Haushunde en Alles Auf Dem Rasen later volgde de opvolger Schilf (2007) ofte Vrije val (2008).

Zeh heeft duidelijk haar flair voor excentrieke personages niet verloren, getuige Oscar en Sebastian, twee oud-studievrienden en gerespecteerde fysici gespecialiseerd in kwantummechanica. Elke eerste vrijdag van de maand dineert vrijgezel Oscar bij Sebastian en zijn gezin. En elke maand praten ze dan over hun vakgebied, maar waar Oscar rigide vasthoudt aan de Kopenhagen-interpretatie waarbij er steeds maar één uitkomst is, neigt Sebastian naar de vele wereldentheorie (uitgedacht door Hugh Everett III, vader van E). Deze verschillende visie leidt meer dan eens tot wrevel tussen beide vrienden en zelfs tot een verhit debat op televisie.

Wanneer kort na het televisiedebat Sebastians zoontje Liam ontvoerd wordt, geven de ontvoerders hem een haast onmogelijke opdracht: een arts (en goede vriend van zijn vrouw) verwikkeld in een ziekenhuisschandaal moet verdwijnen. Radeloos voert Sebastian de opdracht uit maar van zijn zoon is nog steeds geen spoor. Op aanraden van Oscar verzwijgt Sebastian de moord wanneer hij de ontvoering van zijn zoon komt melden. Maar dan duikt Liam opeens weer op, zich van geen kwaad bewust. Het lijkt wel of Sebastian alles verzonnen heeft.

Intussen wordt de publieke en politieke druk op de politie opgevoerd om de moord op de arts en het volgens zowat iedereen ermee verbonden ziekenhuisschandaal op te lossen. Commissaris Rita Skura, een heel apart personage dat steevast tegen haar intuïtie in handelt, krijgt geheel tegen haar zin de hulp van haar oud-docent en legendarische speurder Riet. Alleen is Riet meer geïnteresseerd in de ontvoering en in het bijzonder in de beide fysici met wie hij graag zijn overtuigingen wil delen.

Met de komst van Riet verschuift het verhaal naar deze vreemde commissaris wiens kantianistische denkbeelden en onorthodoxe onderzoeksmethoden niet alleen de misdaad ontrafelen maar ook vragen bij het bestaan zelf stellen. Dat hij er als eerste in slaagt de verschillende zaken met elkaar in verband te brengen, is minder intrigerend dan de manier waarop hij het hoe en waarom erachter weet bloot te leggen. De ontknoping is verrassend anders dan verwacht.

In Vrije val maakt Zeh opnieuw dankbaar gebruik van haar verschillende personages om haar eigen vragen, ideeën en overtuigingen rond schuld, boete en het toeval uiteen te zetten. De kwantummechanica en de kantianistische ideeën rond het “Ding An Sich” vormen samen met het thrillerelement (ontvoering en moord) de bouwstenen voor een intrigerend gedachte-experiment rond oorzakelijkheid en toeval.

In Vrije val weet Zeh een spannend verhaal om te bouwen tot een reflectie over de essentie van de wereld waarbij de vreemde personages nooit karikaturaal overkomen maar het verhaal net treffend in de juiste richting weten te sturen. Zeh biedt de lezer net zozeer een thriller annex misdaadroman aan als een filosofisch essay, het is aan de lezer om als waarnemer te kiezen welke bepaling geldend zal zijn.

E-mailadres Afdrukken