Banner

Niklas Natt och Dag

1793

7.0
Jurgen Boel - foto's: Gabriel Lljevall - 15 november 2018

Zweden is Pipi Langkous en de Nobelprijs, maar ook norse inspecteurs en hun onverklaarbare moordmysteries. Indien De Slimste Mens ooit nog eens het Scandinavische land mocht vermelden, dan staan er alvast drie antwoorden klaar. De kans is echter groot dat Niklas Natt och Dag ook van de partij is. Met zijn debuut, de historische thriller 1793 heeft de 39-jarige Zweedse schrijver immers meteen een bestseller te pakken die het ook ver buiten de landsgrenzen opvallend goed doet en al in meer dan dertig talen vertaald is.

Natt och Dag, een adellijke naam overigens, was eerst een tijdlang hoofdredacteur van het tijdschrift Slitz, maar lijkt met dit debuut toch vooral uit het niets tevoorschijn te komen. Hij koos hiervoor enerzijds wel voor de populaire Zweedse crimi, maar zette deze anderzijds toch ook in een opvallende niche: de historische roman. Het verhaal speelt zich namelijk af in Stockholm in het jaar 1793, enkele jaren nadat men door de Franse Revolutie het koningschap in Frankrijk inruilde voor Jakobijnse terreur. Niet alleen in Frankrijk, maar ook in Zweden smeulde het revolutionaire vuur. Zo werd koning Gustaaf III in 1789 de meeste van zijn koninklijke rechten ontnomen, nadat hij in 1772 via een staatsgreep de absolute macht had proberen te grijpen. Drie jaar later, op 16 maart 1792 kwam hij uiteindelijk om het leven in een aanslag en nam zijn adolescente zoon Gustaaf IV, onder regentschap van zijn oom, de kroon over.

Het is tegen die achtergrond, en de oorlog die Zweden tegen Rusland voerde van 1788 tot 1790, dat Natt och Dag zijn verhaal start. In het najaar van 1793 halen enkele straatkinderen de eenarmige tuchtwacht en oorlogsveteraan Mickel Cardell ruw uit zijn dronkenmansslaap met de boodschap dat er iets vreemds in het water drijft. Met tegenzin stapt hij het water in waar hij vervolgens het zwaar verminkte lichaam vindt van een jonge man. Niet alleen zijn alle ledematen afgezet, maar hij heeft ook geen ogen of tanden meer. Het enige dat hem nog kenmerkt is zijn opvallende goudblonde haar. De moord op de jongeman wordt door de schout Johan Gustaf Norlin, die zijn positie bedreigd voelt door de corrupte Magnus Ullholm, overgedragen aan de integere en idealistische Cecile Winge, een oud-studiegenoot en briljant speurder.

Winge en Cardell ontmoeten elkaar bij de autopsie van het lichaam en besluiten, nadat duidelijk wordt dat alle verminkingen al tijdens het leven van het slachtoffer gebeurden, de waarheid te achterhalen. De tijd dringt echter, want Winge lijdt aan tyfus en zijn einde nadert. Op het einde van het eerste deel maakt het verhaal een eerste sprong terug in de tijd. Centraal staan nu de belevenissen van een jonge blonde man die in de zomer van 1793 via zwendel, leningen en huichelarij tracht te overleven in Stockholm, terwijl hij steevast op de vlucht is voor schuldeisers. Zijn kleurrijke avonturen schrijft hij neer in brieven aan zijn zuster en via deze brieven vertelt Natt och Dag dan ook het verhaal. Het derde deel keert nog een seizoen terug in de tijd en zet een jonge vrouw in de kijker die zich weigert te plooien naar de strenge, vrouwonvriendelijke regels van haar gemeenschap. Helaas straffen zij haar daarvoor met een opsluiting in het Spinnenhuis, waar weerbarstige vrouwen, prostituees en kleine criminelen hun schuld aan de maatschappij afbetalen door te spinnen, terwijl sadistische tuchtwachten hen het leven zuur maken.

In het laatste deel, winter 1793, komen de drie verhalen samen en werkt Natt och Dag naar een ontknoping toe. In de tussentijd heeft hij zijn personages tot leven weten wekken en zelfs sympathie of antipathie voor een aantal onder hen weten te creëren. Interessant daarbij is dat hij, zoals een geschiedenisroman betaamt, in sterke mate een beroep doet op historische gebeurtenissen en personages. Zo hebben onder meer de sadistische tuchtwacht Petter Petterson en de schout Nollin werkelijk bestaan. Daarnaast pikt hij handig in op de toen heersende wantrouwige sfeer in de Zweedse samenleving. Deze ging niet alleen samen met de Franse Revolutie, maar plaagde ook het Zweedse koningshuis door de moord op de vorige koning. Hoewel er dus geen grote politieke gebeurtenissen in het boek voorkomen, speelt het op de achtergrond wel degelijk een rol.

Natt och Dag weet in zijn debuut perfect de juiste ingrediënten te mixen: de antiheld-speurders die het goede willen doen, een corrupt systeem, machtige mannen zonder moraal, de mysterieuze moord en hoe dat alles op de een of andere manier met elkaar verbonden is. Door bovendien voor een historische invalshoek met een op het eerste gezicht banaal jaar te kiezen, geeft Natt och Dag zijn boek een zeker elan. De hoerastemming en het enthousiasme over dit werk lijken dan ook niet onterecht. Toch hoeft dat niet meteen te betekenen dat Natt och Dag grootse of genre-overschrijdende literatuur heeft geschreven, want daarvoor blijft zijn misdaadroman toch te veel een standaard misdaadroman.1793 mag dan wel geen conventioneel kader hebben, de hierboven vermelde elementen zijn dat wel. Ook de flashbacks via seizoenen dit keer en het gebruik van verschillende vertelstemmen, waaronder de brieven in het tweede deel, kan men moeilijk erg origineel noemen.

Natt och Dag bouwt weliswaar enkele verrassende elementen in, maar tezelfdertijd is dat ook eigen aan het genre. Wat in belangrijke mate voor hem spreekt, is dat hij nergens grote clues rond het hoe, waarom of door wie voor de lezer achterwege houdt. In essentie komt men immers evenveel te weten over de stand van zaken als de beide speurders en volgt men samen met hen de ontknoping. Bovendien weet Natt och Dag ook in het tweede en derde deel de aandacht van de lezer erbij te houden, zelfs als het moordmysterie samen met Cardell en Winge naar de achtergrond verdwijnen. De jubelstemming voor 1793 mag dan wel wat overdreven zijn, maar als thriller en roman staat dit debuut er wel degelijk.

E-mailadres Afdrukken