Banner

Johann Wolfgang Goethe

Faust

8.5
Jurgen Boel - 14 juni 2018

Alchemist Johann Faust, die zijn ziel aan de duivel zou hebben verkocht, duikt al sinds de vroege renaissance op in vele legendes. De bewerking van Johann Wolfgang Goethe over het leven van de medicus, die in de 15de en 16de eeuw door Duitsland trok, verscheen een kleine tweehonderd jaar geleden. Dankzij de vertaling van Ad Posthuma blijft het werk ook voor de hedendaagse lezer toegankelijk.

Veel meer dan speculaties over de dood van Faust en het feit dat de wetenschap op veel vlakken nog in zijn kinderschoenen stond, hadden enkele schrijvers met verbeeldingskracht niet nodig om van de reële Faust een legende te maken. Doctor Faust(us) werd in tal van verhalen en toneelstukken opgevoerd als een groot geleerde die een pact sloot met de duivel (Mephistopheles) om alle kennis te vergaren. In meer dan één versie wordt de doctor ook verliefd op een jonge vrouw (Gretchen), die uiteindelijk zijn redding zal zijn en Mephistopheles met lege handen achterlaat. Andere auteurs, zoals de Britse Christopher Marlowe (een tijdgenoot van Shakespeare), verkozen het grimmigere einde, waarbij Faust zijn ziel verliest aan de duivel.

Marlowes tragedie The Tragical History of Doctor Faustus (ca. 1592) mag dan wel een van de bekendste en vroegste adaptaties van het Faust-verhaal zijn, toch is het vooral Johann Wolfgang Goethes Faust dat de legende levendig heeft gehouden. Goethe, die zich net als Marlowe baseerde op Historia von D. Johann Fausten, uitgebracht in 1687, maakte zich het materiaal meer eigen en werkte de legende uit tot twee verschillende toneelstukken: Faust I en II. Het eerste deel verscheen in 1808 en steunde grotendeels op de bekendste legendes die de ronde deden. Een niet onbelangrijke aanvulling was de `proloog`, waarbij God en de duivel (in de vorm van Mephistopheles) een weddenschap afsloten over de corrumpeerbaarheid van Faust (in de lijn met het Bijbelse boek Job).

Wanneer Mephistopheles zich aan Faust onthult, is het karakter van de immer rusteloze medicus al duidelijk: het is niet zozeer meer aardse kennis waar de doctor naar verlangt, maar een alomvattend weten dat hem rust zal brengen. Het is dan ook de belofte hieraan waarmee Faust zich aan Mephistopheles bindt. Zodra Faust zijn geest verzadigd is, zal zijn ziel aan Mephistopheles toebehoren. Nadat diens pogingen falen om Faust de aardse genoegens te laten proeven, geeft hij hem met behulp van een heks een jonger uiterlijk. Daarna wordt Faust verliefd op de pure, onschuldige Margarethe/Gretchen. Door toedoen van Faust en Mephistopheles stort Gretchen zichzelf en haar familie echter in het ongeluk. Overmand door schuld geeft ze zich over aan het wereldlijke en goddelijke gerecht, waarbij haar ziel gered wordt en Faust samen met Mephistopheles eenzaam achterblijft.

Het tweede deel van de tragedie, Faust II, verscheen in 1832, een jaar na Goethes dood. Het kreeg een heel andere invulling en toonaard. Stond in het eerste deel het leven van Faust nog centraal, dan opteert Goethe in de volgende vijf hoofdstukken voor een meer omvattende reflectie op het menselijk leven. Hij maakt daarbij gretig gebruik van onder meer de Griekse mythologie. In de eerste akte treedt de keizer van het Heilige Roomse Rijk naar voor, die dankzij Mephistopheles’ introductie van papiergeld zichzelf blijvend van macht en invloed verzekerd ziet. Door onder meer de hebzucht van de keizerlijke hofhouding centraal te stellen, maakt Goethe evenwel snel duidelijk wat zijn visie hierop is.

p>In de volgende twee aktes staat de Griekse mythologie centraal. Faust en Helena van Troje worden verliefd, maar Faust blijft uiteindelijk toch weer achter met Mephistopheles. In de laatste twee aktes (IV en V) keert de keizer terug die Faust en Mephistopheles rijk en machtig maakt wanneer zij hem helpen bij het verslaan van een vijandig leger. Faust, opnieuw oud en grijs geworden, vindt echter geen vreugde in de rijkdom en macht. Wanneer hij, jaloers op het eenvoudige geluk van Philemon en Baucis, diens leven onbedoeld verwoest, vallen hem eindelijk de schellen van de ogen. In een poging zijn leven ten dienste te stellen van anderen en zo het geluk dat hij nastreefde te bereiken, lijkt hij finaal de weddenschap met Mephistopheles verloren te hebben. Fausts laatste onbaatzuchtigheid verleent hem echter gratie en toegang tot de hemel, waarbij de eeuwige intrigant Mephistopheles door zijn eigen wapens verslagen wordt.

Geldt Faust I nog als een indrukwekkende herinterpretatie van de Faust-legende en het streven naar aards geluk, dan gooit Goethe het in Faust II over een andere boeg met een nog rijker taalgebruik en diepere reflectie over het menselijk bestaan. In beide delen, die los van elkaar gelezen kunnen worden, stelt Goethe de dynamiek tussen Mephistopheles en Faust centraal, waarbij de eerste steevast alles in het werk stelt om de tweede te corrumperen. Faust is echter geen naïeveling die zich gewillig op sleeptouw laat nemen, maar een man van de wereld die nood heeft aan verwondering en rust. Hij gaat de weddenschap met de eeuwige manipulator aan, maar pas wanneer hij zijn zelfgenoegzaamheid aan de kant zet en oprecht om de andere bekommerd is, vindt hij het geluk waar hij naar streefde.

De manier waarop Goethe, in het bijzonder in het tweede deel, de Faustlegendes volledig naar de eigen hand zet, blijft ook bijna tweehonderd jaar na verschijning opzienbarend. Niet onterecht geldt het werk dan ook als een klassieker binnen de Duitse literatuur, met dien verstande dat voornamelijk Faust I aandacht krijgt. De vele verwijzingen in het tweede deel maken dit voor een moderne lezer immers moeilijker te behappen. Met recht en rede mag dan ook de lof gezwaaid worden voor vertaler Ad Posthuma, die niet alleen Goethes verzen helder vertaalt naar het Nederlands, maar het boek ook ontsluit voor de hedendaagse lezer. Faust is geen werk dat zich in één ruk laat uitlezen, maar het zou zonde zijn om beide delen te laten liggen.

E-mailadres Afdrukken
 
Johann Wolfgang Goethe
Atheaneum – Polak & Van Gennep / http://www.uitgeverijathenaeum.nl

Uit ons archief
Banner

TEST