Banner

Ivan Repila

De jongen die het paard van Atilla stal

8.5
Jurgen Boel - 07 april 2017

De Spanjaard/Bask Ivan Repila is een voorlopig nog onbekende stem binnen de internationale literatuur, al heeft het er alle schijn van dat dit niet lang meer zo zal blijven. Want bleef zijn debuut nog netjes binnen de eigen taalgrenzen, dan wist zijn tweede novelle internationaal de nodige aandacht te trekken. De jongen die het paard van Atilla stal is in meerdere talen vertaald en kreeg (bijna) unaniem lovende kritieken. Niet slecht voor een nauwelijks 120 pagina`s tellend verhaal waar in essentie bitter weinig in gebeurt.

Ondanks de intrigerende titel heeft het boek nauwelijks banden met de befaamde Hunnenleider Atilla (de titel verwijst naar een verhaal dat een van de personages vertelt). De enige personages die in het verhaal aan bod komen zijn twee broers, omschreven als de Grote en de Kleine en hun leefwereld beperkt zich tot een diepe put waar ze in gevallen zijn. Meer dan honderd pagina`s lang wordt hun beperkte leven en gedachten weergegeven terwijl ze strijden tegen de honger en dorst en zichzelf trachten te beschermen tegen de elementen. De oudere broer voelt zich verantwoordelijk voor zijn jongere broer en tracht hem in leven te houden terwijl hij nadenkt over hoe ze kunnen ontsnappen. De jongere broer lijkt zich steeds meer over te geven aan moedeloosheid en wanen, terwijl `s nacht een vreemde figuur af en toe boven de put opduikt.

Het zijn beperkte uitgangspunten waarmee Repila aan de slag gaat en toch weet hij er een intrigerend geheel mee op te bouwen, in het bijzonder omdat hij hier en daar hints laat liggen die naar het onverbiddelijk einde van het kortverhaal leiden. Doordat de roman, die grotendeels bestaat uit gesprekken tussen de broers en de plicht/zorg van de oudere voor de jongere, zo summier opgebouwd is, leent hij zich onder meer bij critici en recensenten uitstekend voor interpretaties, reflecties en dies meer. Dat Repila hier zelf op aanstuurt, mag al blijken uit het feit dat hij zowel Margareth Tatcher als Bertold Brecht citeert en refereert naar ongelijkheid en rebellie. Maar ook zonder de quotes vallen in het boek geregeld referenties te bespeuren die vaak pas bij een herlezing duidelijk worden.

Enkele van de duidelijkere, althans voor wie het weet, zijn de quotes die in het boek zelf opduiken met een van de mooiere (al moet ook deze bewaard worden tot na het lezen van het boek), de opmerking van de Kleine dat hij hoopt ooit louter in getallen te kunnen spreken en later een passage opduikt waarin hij louter in cijfers spreekt. Wie de desbetreffende hoofdstukken en het daarbij horende woord (bijvoorbeeld hoofdstuk 6, het zesde woord) leest in de volgorde die de Kleine geeft, krijgt meteen de kern (of beter een kern) van het verhaal mee. De vertaalster Irene van de Mheen behoort voor de manier waarop ze dit vertaald heeft, een aparte vermelding te krijgen. Het zal de oplettende lezer ook opgevallen zijn dat Repila louter voor priemgetallen gekozen heeft bij het nummeren van zijn hoofdstukken. Ook hier zijn speculaties genoeg te vinden.

Repila zelf liet weten dat het verhaal ontstond uit een droom die hij had en dat wie het verhaal als een politieke allegorie wenst te lezen, dit veeleer op een mondiaal en moreel vlak dient te interpreteren dan louter economisch of beperkt tot Spanje (het boek verscheen in 2015 in Spanje), maar dat het vooral aan de lezer zelf is om te bepalen wat het verhaal betekent. En ook al is het aan de lezer en de mate waarin hij/zij het verhaal wenst te lezen als een duister sprookje, een moderne fabel of een bittere allegorie, het kan niet ontkend worden dat Repila met De jongen die het paard van Atilla stal een indrukwekkend verhaal heeft geschreven.

E-mailadres Afdrukken
 
Ivan Repila
Uitgeverij: De Bezige Bij
Scenario: Ivan Repila
debezigebij.nl

advertentie
Banner

TEST