Banner

Filmbeleving als Format: A 3D State of the Union

David Vanden Bossche en Tim Bouwhuis - 12 maart 2019
alt

Op 12 februari – naar aanleiding van de avant-première van Alita: Battle Angel plaatste de vooraanstaande Amerikaanse filmhistorica Kristin Thompson een nieuw artikel op de blog ‘Observations on Film Art’ (http://www.davidbordwell.net/blog/) , die ze samen met haar echtgenoot David Bordwell bijhoudt. Voortbouwend op een reeks eerdere teksten, bekeek Thompson daarin het huidige Amerikaanse cinemalandschap vanuit het perspectief van 3D. Haar conclusie was duidelijk: het aandeel vertoningen in 3D in de Amerikaanse zalen is, in vergelijking met een tiental jaar geleden toen Avatar zowat alle uitbaters deed overschakelen naar het formaat, drastisch gedaald. De cijfers die Thompson aanvoert, tonen duidelijk aan dat de Amerikaanse multiplexen ook steeds minder vertoningen in 3D op het programma zetten en dat een ander ‘premium’ formaat zoals IMAX, veel aan populariteit wint, ten nadele van 3D.

Die bevindingen waren intrigerend genoeg om ook de situatie in België eens tegen het licht te houden. Omdat die markt uiteindelijk relatief klein is, nam ik contact op met collega-recensent Tim Bouwhuis die in Nederland woont en dus een beter zicht zou hebben op de situatie aldaar. Na enig opzoekwerk kregen we een aardige hoeveelheid cijfermateriaal bijeen, die voor beide landen toch een totaal ander plaatje laten zien dan dat in het artikel van Kristin Thompson. Het is duidelijk dat de evolutie hier (en eventueel in Europa ? aanvullend cijfermateriaal zou daar een licht kunnen op werpen) duidelijk anders is dan in de Verenigde Staten. Daar zijn een aantal mogelijke verklaringen voor, die we hier ook kort graag even uiteen zetten.

Verenigde Staten: 3D realDvided

Alvorens te kijken naar de situatie in België en Nederland, is het wellicht goed eerst een blik te werpen op wat Kristin Thompson precies naar voor brengt in haar tekst.

Beginnend met vertoningen in haar thuisstad Madison, in de staat Wisconsin, stelt ze vast dat het aandeel van 3D in het totale aantal vertoningen van een aantal recente kassuccessen, verrassend laag is. De blik verruimend met cijfers van elders, blijkt dat dat zeker geen lokaal gegeven is en dat meer en meer bioscoopuitbaters het aantal 3D vertoningen drastisch terugschroeven. Meer nog: uit een algemene statistiek blijkt dat sinds Avatar in 2009 een revolutie teweegbracht in het bioscooplandschap (het gigantische succes van de film zette heel veel ketens er toe aan om drastische te gaan investeren in de plaatsing van dure 3D technologie), het aandeel van 3D er stelselmatig op achteruit is gegaan. De productie van televisies met 3D capaciteit – enige jaren geleden nog opvallend aanwezig in de winkelrekken - is zelfs nagenoeg volledig stil gevallen. Als er al kanttekeningen te plaatsen zouden zijn bij de stelling dat de 3D revolutie al op de terugweg is in de bioscoopzalen, is het inderdaad ontegensprekelijk zo dat ze nagenoeg volledig gefaald heeft in de huiskamer.

Even opvallend is het feit dat andere zogenaamde ‘premium formats’ (die Thompson PLF noemt: ‘premium large formats’, een term die wij zullen overnemen) zoals IMAX of Ultrascreen DLX (een vergelijkbaar concept dat inzet op een zeer groot scherm, uiterst comfortabele zetels en superieure geluidstechnologie) wel degelijk aan populariteit winnen. Het probleem van 3D ligt dus niet bij het prijskaartje: een PLF ticket is minstens even duur – zo niet duurder. Het publiek spendeert dus liever geld aan een dergelijk formaat dan aan een ‘upgrade’ voor 3D. In die vergelijking speelt natuurlijk ook een economische logica mee: bioscoopuitbaters dienen een groot deel van de meeropbrengst af te staan aan de verdeler en betalen vaak ook nog huur op het gebruik van de 3D brillen. In wezen brengt een 3D vertoning dus niet noodzakelijk zo veel meer op voor de uitbater, ook al betaalt de bezoeker wel degelijk een fikse meerkost. Die bezoeker is dan ook minder geneigd om nog eens extra geld te spenderen aan versnaperingen – een bron van inkomsten die bijzonder belangrijk is en veel bioscopen rendabel houdt – waardoor de eindbalans voor de uitbater wel eens zeer negatief kan uitvallen. Het feit dat veel bioscoopketens hun eigen PLF formaat uitwerken, wil zeggen dat hier ook grotere winsten te rapen zijn, wat nog een extra element is dat in het nadeel van 3D speelt.

De release van Alita: Battle Angel zou in principe een ander plaatje moeten opleveren. De film is geproduceerd door James Cameron, die momenteel werkt aan de Avatar sequels en bekend staat als een van de vurigste advocaten van het 3D formaat. Samen met Ang Lee, Martin Scorsese, Werner Herzog en (jawel) Jean-Luc Godard, is hij wellicht ook de enige cineast die effectief geprobeerd heeft om de mogelijkheden van de nieuwe visuele taal die 3D biedt, ook echt te verkennen.

Uit de Amerikaanse cijfers blijkt echter andermaal dat zelfs een ‘3D eventfilm’ als Alita weinig bioscopen er toe aanzet om veel meer 3D vertoningen te programmeren. Thompson wijst daarvoor ook op een technisch detail: een typisch euvel waar 3D films mee kampen, is een verminderde helderheid in het beeld. Om dat op te lossen, stuurden Cameron en Robert Rodriguez (die de regiestoel overnam van Cameron omdat die het te druk had met de Avatar vervolgfilms) een schrijven mee met de DCP (het ‘Digital Cinema Package’ dat gebruikt wordt om films aan bioscopen te leveren sinds pellicule verdween) waarin omstandig werd uitgelegd welke DCP de projectionisten dienen te gebruiken voor elk type van projectie (u kan de volledige tekst lezen op de blog van Thompson en Bordwell). Die complexe technische details in combinatie met dure investeringen en een lage return, vormen volgens Thompson een cocktail die veel bioscopen er toe aanzet om steeds minder in te zetten op het vertonen van titels in het 3D formaat.

België: De Kinepolis Experience

Geïntrigeerd door het artikel van Kristin Thompson, werd op zoek gegaan naar vergelijkbaar cijfermateriaal voor Alita in België :

alt

Dat zijn heel wat variaties op 3D ! Niet minder dan 4 van deze zes formaten integreren 3D in de ervaring. Natuurlijk wordt voor een film als “Alita” al sneller ingezet op dit formaat en zeker tijdens de eerst vertoningsweek. Bovendien is het nodig om – net als in het stuk van Thompson – te kijken naar de verhouding tussen het aantal vertoningen in 2D en 3D. Een interval van een tiental dagen, leek dan ook ideaal om de situatie even opnieuw in te schatten.

alt

alt

Wat blijkt: variërend van bioscoop tot bioscoop, ligt het aandeel van 3D voor vertoningen van Alita na twee weken in release nog altijd tussen de 42 en 67 percent. De Kinepolis zaal in Brussel piekt daarin nog eens extra (met het hoogste aantal 3D vertoningen van de film), aangezien het de enige van de zalen is die over een volwaardig IMAX scherm beschikt en er voor de vertoningen in dat PFL formaat helemaal wordt ingezet op 3D. Nu is het natuurlijk zo dat Alita een film is waarin 3D echt deel uitmaakt van het totaalconcept en het bekijken van de prent in dat formaat ook een wezenlijk deel uitmaakt van de promotiecampagne (wat op zich al opmerkelijk is, zoals blijkt uit het artikel van Thompson is dat in de Verenigde Staten veel minder het geval).

Omdat Alita dus een vertekend beeld kan geven, is het wellicht raadzaam om ook eens een andere titel tegen het licht te houden. The Lego Movie 2 is eveneens een film die in 3D vertoond wordt en biedt dus mogelijkheid tot vergelijken.

alt

Hier is het aandeel van 3D iets kleiner, maar met 40 percent van de vertoningen in dit formaat, ligt ook hier het cijfer merkelijk hoger dan de resultaten in de Amerikaanse bioscopen.

Omdat twee titels slechts een beperkt beeld geven, werd vervolgens aan Kinepolis Group België gevraagd om wat extra cijfermateriaal te verstrekken dat een beter beeld kon geven op het volledige aandeel van 3D in de vertoningen in de zalen van Kinepolis en dat bovendien de kans zou geven om te kijken naar de evolutie tijdens de laatste jaren van dat aandeel.

alt

Dit cijfermateriaal geeft een aantal zaken duidelijk weer: Zowel in 2017 als in 2018, waren 4 van de 5 meest bezochte films in de Belgische zalen van Kinepolis 3D films. Bovendien blijkt uit de cijfers van 2018, dat dat aandeel en de absolute waarden nog in stijgende lijn gaan. Uiteraard wil dat niet zeggen dat elke bezoeker voor het ‘premium’ 3D formaat koos, maar aangezien het aantal vertoningen van een film in 3D binnen de Belgische zalen van Kinepolis tussen de 40 en 60 percent van de totale visies uitmaakt, wil dat zeggen dat dat cijfer ook hier toepasbaar is (Kinepolis gaf ons aan dat het aantal 3D vertoningen van een film mee bepaald wordt door de kwaliteit van de 3D en de toegevoegde waarde die ze kan bieden – voor een film als Alita wordt die als zeer hoog gepercipieerd en dus wordt ook maximaal ingezet op 3D). Zelfs als hier echter van de laagste percentages wordt uitgegaan – zoals bijvoorbeeld bij The Lego Movie 2, wil dat zeggen dat het aandeel van 3D tegenover het totale aantal vertoningen op zijn zachtst gezegd bijzonder belangrijk is.

Al die resultaten geven één duidelijk beeld: anders dan op de Amerikaanse markt, is 3D in België nog steeds het geprefereerde ‘premium format’ en is de impact ervan op het totale aantal vertoningen (binnen Kinepolis Group) nog steeds meer dan aanzienlijk en is er absoluut geen reden om aan te nemen dat dit in dalende lijn gaat.

Ons inziens zijn daar een aantal redenen voor. Een van de belangrijkste redenen wordt al snel duidelijk wanneer we gaan kijken naar vertoningen van Alita die niet plaatsvinden in een bioscoop van de Kinepolis Groep. We kozen voor UGC, een andere belangrijke bioscoopketen in België.

altalt

In Antwerpen wordt Alita helemaal niet vertoond in 3D, in Brussel is er op een totaal van negen vertoningen één enkele screening in 3D. Er is een eenvoudige verklaring voor de discrepantie tussen de lijsten van Kinepolis en die van UGC: UGC beschikt slechts over een heel beperkt aantal 3D installaties in de zalen.

Langzamerhand worden de contouren dus duidelijk van het volledige verhaal. Hier komt de specifieke situatie van het Belgische bioscooplandschap in het spel en is het nodig daar even naar te kijken en de positie te schetsen die Kinepolis Group bekleedt binnen die markt.

Kinepolis Group ontstond uit de fusie van twee familiebedrijven (de groepen Bert en Claeys-Vereecke) die in de late jaren zeventig en vooral aan het begin van de jaren negentientachtig startten met de uitbouw van een zalennet dat inzette op multiplexen en niet langer op de kleine complexen zoals die tot dan toe in België vooral bestonden. De Gentse ‘Decascoop’ (oorspronkelijk met tien zalen, later twaalf en ondertussen omgedoopt tot het meer uniforme ‘Kinepolis Gent’) en een aantal van hun andere vestigingen, profiteerden mee van de hausse in ticketverkoop in de eerste helft van de jaren negentientachtig en versterkte de marktpositie door vaak als enige in staat te zijn om monsterhits als E.T., The Extra-Terrestrial en de Indiana Jones trilogie op meerdere schermen tegelijkertijd te kunnen vertonen. In 1988 opende ‘Kinepolis Brussel’ de deuren en betekende dat ook de opening van het enige IMAX scherm in België. Op dat moment werd een dergelijk scherm enkel en alleen benut voor het tonen van spectaculaire documentaire films, die de sensatie van vliegen over de Grand Canyon, duiken in de oceaan of het maken van een ruimtewandeling, op reusachtig formaat projecteerden. Aangezien de productie van dergelijke films vrij beperkt was, nam ook de interesse bij het publiek af en zette Kinepolis in 2005 de programmatie van het IMAX scherm stop. Net op dat moment werden in de VS de eerste stappen gezet die ertoe zouden leiden dat speelfilms hun weg zouden vinden naar het IMAX formaat. Vooral de films van Christopher Nolan waren elementair in deze evolutie en zorgden ervoor dat IMAX een populair ‘premium format’ werd op de Amerikaanse markt. Ongeveer parallel met deze evolutie, liep de hernieuwde interesse in 3D. Het formaat kende al eerder kortstondige populariteit in de jaren negentienvijftig (oa. met Hitchcocks Dial M for Murder) en keerde ook in de jaren tachtig nog even terug in draken als Jaws 3D en Friday The Thirteenth Part III – 3D. Met Avatar werd de technologie echter gekoppeld aan de allernieuwste filmtechnische innovaties, waarmee een golf op gang kwam die suggereerde dat 3D eindelijk een nieuw soort filmtaal kon bieden, iets wat met films van ‘auteurs’ als Martin Scorsese, Werner Herzog, Ang Lee en zelfs Jean-Luc Godard, nog bevestigd leek te worden ook.

De markimplementatie van deze technologie gebeurde vooral ten tijde van Avatar (ketens haastten zich om over te schakelen, zodat ze hun graantje konden meepikken van het onwaarschijnlijke succes van de film). Op de Amerikaanse markt, bestond echter vanaf de eerste dag de competitie met andere formaten (IMAX voorop), wat leidde tot een aantal hoger beschreven processen, zoals Kristin Thompson die uiteenzet. In België (en Nederland) was dat niet het geval. Kinepolis Group – ondertussen uitgegroeid tot de absolute marktleider – zette volop in op 3D en bepaalde daarmee virtueel de gehele markt. Pas in 2016 werd het IMAX scherm in Brussel heropend, maar anders dan in de Verenigde Staten, werd het van meet af aan ingezet in een combinatie met 3D.

Hier is het nodig om even te wijzen op een ander element: de hoge standaard inzake projectiekwaliteit in de Kinepolis zalen. Toen John McTiernan in Brussel was om zijn actiespektakel Die Hard te lanceren, maakte hij gewag van het feit dat er wellicht nergens ter wereld een betere projectie te zien was van zijn film. Dat kunnen de woorden zijn van een wat overenthousiaste regisseur, maar ze illustreren de hoge technische standaard binnen Kinepolis. Precies omdat die standaard er is en Kinepolis als marktleider ook andere groepen en zalen heeft doen meestappen in die ontwikkeling, is het een stuk moeilijker om een onderscheidende factor te hebben voor een ‘premium format’. ‘Laser Ultra’ biedt al een exceptionele kijkervaring op een meestal zeer groot scherm, dus een hogere ticketprijs dient meer aan te bieden dan louter beeldkwaliteit of formaat. 3D biedt exact die extra toegevoegde waarde die nodig is en zoals hoger aangehaald, had het 3D formaat initieel geen enkele competitie. Toen die toestand wijzigde, bleef Kinepolis inzetten op combinaties met 3D zoals ‘Laser Ultra 3D’ en ‘4DX’ (waarbij trillingen en beweging worden toegevoegd als ‘vierde dimensie’).

Al die elementen samen, zorgen ervoor dat de Belgische markt een heel andere toestand laat zien inzake 3D. Ook Kinepolis moet uiteraard een deel van de winsten afstaan aan de verdeler, maar onder andere een nieuwe samenwerking met Real3D, consolideert de positie van Kinepolis binnen deze markt en het blijvend inzetten op de technologie in combinatie met andere ontwikkelingen, blijft de populariteit ervan verzekeren. In die zin is het duidelijk dat de positionering van Kinepolis Group in dit verhaal het bepalende element is voor de status van 3D als het geprefereerde ‘premium format’ in België.

Nederland: Beleving en Attracties

Ook in Nederland is Kinepolis Group sterk vertegenwoordigd, waardoor het interessant werd om beide landelijke situaties met elkaar te gaan vergelijken. In eerste instantie is het goed even de marktverdeling in Nederland te bekijken. De twee grootste spelers in het Nederlandse bioscooplandschap zijn Pathé en Kinepolis. Beide ketens maken deel uit van grotere [van origine] Europese conglomeraten. Pathé Nederland valt onder het Franse Les Cinémas Gaumont Pathé, een moederbedrijf met een geschiedenis die teruggaat tot de begindagen van cinema. De 28 Nederlandse vestigingen zijn verdeeld over 20 steden. Kinepolis maakt uiteraard deel uit van de in oorsprong Belgische groep en bezit in Nederland 17 zalen.

In de marge van Pathé en Kinepolis dient ook Vue Nederland genoemd te worden. Met 21 bioscopen in 20 steden verhoudt dit kleine broertje van Vue International zich qua spreiding tot Kinepolis, al heeft Vue doorgaans net iets minder zaalcapaciteit en concentreert het zich nog meer dan Kinepolis op middelgrote provinciesteden

De opmars van nieuwe technologieën en commercieel in het oog springende vertoningsformats heeft er gestaag toe geleid dat 2D-vertoningen in sommige multiplexen een curiositeit geworden zijn. Interne concurrentie is er al lang niet meer alleen van 3D-vertoningen. Veel bestaande zalen zijn omgebouwd of uitgebreid om Dolby Atmos te kunnen introduceren. Ontwikkelingen in beeld en geluid gaan hierbij hand in hand. Zo maakt Pathé Nederland op haar website een onderscheid tussen Dolby Atmos en Dolby Cinema. Bij Dolby Atmos ligt de nadruk op het immersieve geluidssysteem. Dolby Cinema pronkt ook met het zaalontwerp en geavanceerde laserprojectie. De twee verwante formats worden in verschillende bioscopen aangeboden: drie Nederlandse vestigingen hebben Dolby Cinema, Dolby Atmos vind je in vijf steden.

De zes IMAX-doeken in Nederland zouden niet door de keuring van de échte puristen komen. Het grootste doek, dat van zaal 1 in Pathé Arnhem, is 21 bij 12 meter, waar een standaard IMAX-doek minimaal tot 22 bij 16 reikt. Uiteraard kan het altijd nog extensiever: de IMAX-zaal van Kinepolis Brussel heeft een doek van 27,6 bij 19,3. Daar blijft Nederland dan toch nog ruim achter.

Met zo’n variëteit aan zalen en films is het niet eenvoudig om snel grip te krijgen op de huidige verdeling(en) tussen de verschillende formats. Daarom werd ook hier gekeken naar de vertoningen van Alita.

Vertoningsformats voor Alita: Battle Angel op 15-2-2019:

alt

Op basis van deze programmering lijken de verschillende formats op het eerste oog in balans. Dat beeld verandert al als je in ogenschouw neemt dat maar 5 van de 25 bioscopen 4DX aanbieden, 5 Dolby Atmos (3D) en 6 IMAX (3D). Toch zijn er voor deze formats al meer mogelijkheden dan voor 2D, terwijl het verschil tussen die drie formats en 3D (net als 2D een vertoonoptie in alle 25 bioscopen) al relatief klein is.

alt

De belangrijkste reden daarvoor is dat de bioscopen die de beschikking hebben over 4DX/Dolby Atmos 3D/IMAX daar ook optimaal gebruik van maken. In steden met deze formats kun je nog maar zeer beperkt terecht terecht bij 2D en 3D-vertoningen. Neem bijvoorbeeld Amsterdam (zie boven) en Rotterdam: van de 44 vertoningen in de twee steden gecombineerd zijn er negen in 3D en drie in 2D. In Rotterdam (zie onder), Scheveningen, Maastricht en Eindhoven kun je bij Pathé op deze dag geen 2D-uitvoering van de film bekijken.

alt

Nog steeds zijn de steden zonder de drie geijkte formats in de meerderheid. Het is veelzeggend dat je dat zonder context niet zou kunnen afleiden uit het totaaloverzicht . Er zijn drie factoren die meespelen: de ‘meerderheid’ bestaat uit bioscopen in (1) kleinere steden met (2) minder én kleinere zalen en (3) minder vertoningen (zie voor factor 2 ook bijlage 3). Het schare twintigtal 2D-vertoningen houdt verband met de gestandaardiseerde positie van 3D: als we kijken naar de programmering in de bioscopen zónder 4DX, Dolby Atmos en/of IMAX (3D) zien we dat 3D vrijwel altijd meer vertoond wordt dan 2D.

3D vs 2D in bioscopen zonder 4DX, Dolby Atmos en/of IMAX op 15-2-2019:

alt

1 op 2, 3, 4; het is helder dat de balans in deze Pathé-vestigingen doorslaat naar 3D. 2D-vertoningen zijn spaarzaam in de vestigingen met één of meerdere ‘geijkte formats’; doorgaans worden er reguliere 3D-vertoningen gebruikt om de dagprogrammering voor Alita: Battle Angel op te vullen. De combinatie van deze twee observaties verklaart waarom 2D in bijlage 1 de laagste frequentie heeft en 3D de hoogste.

In de verschillende Nederlandse Kinepolis-bioscopen is het aantal beschikbare formats beperkter – dit in tegenstelling tot België ! Kinepolis heeft geen IMAX-zalen en biedt ook geen 4DX aan. Dat levert voor Alita: Battle Angel het volgende grove overzicht op:

alt

Het eerder genoemde Vue gaat de competitie met Pathé en Kinepolis aan door in te zetten op XD-zalen, waarin een Dolby Atmos-installatie en scherpe beeldprojectie samenkomen. In een select groepje bioscopen kun je plaatsnemen in zogeheten D-Box-stoelen, die meebewegen met de ‘gebeurtenissen in de film’. De Amerikaanse filmcriticus Jeffrey Wells omschrijft D-Box als het ‘iets minder dynamische neefje van 4DX’. D-Box komt van een Canadees bedrijf, 4DX is een Zuid-Koreaanse inventie.

Een opvallende trend is dat Pathé en Vue Dolby, XD en 4DX/D-Box onder een vergelijkbare noemer in de markt zetten: de woorden ‘beleving’ en ‘ervaring’ duiken aan de lopende band op. Bij 4DX-vertoningen gaan de bewegende stoelen en de verschillende bijkomende effecten de competitie aan met het menselijke brein. Er is een belangrijk verschil tussen deze twee meesters van simulatie. Cinema inviteert het brein om de werkelijkheid te verbuigen, terwijl die verbuiging bij 4DX al voorgeprogrammeerd is. De gebruikte technologie neemt positie in tussen de menselijke verbeelding en een ordinaire achtbaanrit. De sensatie van cinema is nu ook uitgesproken fysiek, waarbij bezoekers in hun mentale verwerking van een film moeten opboksen tegen externe prikkels. Op een ironische manier brengt de nieuwe technologie ons dus terug naar de begindagen van het filmmedium, toen het als kermisattractie werd ingezet.

Wat de Nederlands markt betreft, valt uit alle bovenstaande bevindingen te concluderen dat 3D-technologie in het Nederlandse bioscooplandschap zo gangbaar geworden is, dat een 3D-vertoning niet of nauwelijks meer als een exclusiviteit wordt aangeprezen. Net als op de Belgische markt, is de hoge technische standaard dermate ingeburgerd, dat een ‘premium format’ genoeg extra moet bieden en dat 3D de uitgelezen vorm is om dat te doen.

Voorlopig is dat nog anders voor Dolby Atmos, Imax en 4DX, al is de factor tijd daar net zo evident van toepassing. 4DX is nu nog een noviteit, maar het is alleen maar logisch om te verwachten dat ook deze formule over enkele jaren aan een impuls toe is. Het toenemende bezoek aan zogenoemde ‘premiums’ en het navenant groeiende marktaandeel impliceren dat steeds meer mensen op zoek zijn naar ‘een intensere filmbeleving’, schrijft de Nederlandse Stichting Filmonderzoek op basis van de officiële marktcijfers van 2018. Je kunt het ook omdraaien: het aanbod van alternatieve vertoningsformats is doorheen de afgelopen jaren significant toegenomen. Zo lang die nieuwe formats en breed inzetbare projectietechnologieën nog in de lift zitten, is er geen concern dat voor de kelder kiest. De conclusies van de stichting laten hooguit zien dat het bioscooppubliek in grote mate de lijn volgt die in Nederland uitgezet wordt door Kinepolis en Pathé.

Of datzelfde publiek daar ook echt op zit te wachten, is nog maar de vraag. Een cultuurcriticus kan direct opmerken dat de massa zich onveranderlijk verhoudt tot het aanbod van de industrie. Voor de betrokken bioscoopconcerns zit er op particuliere basis duidelijk winst in het 4DX-format. In Pathé de Kuip (Rotterdam) is de reguliere ticketprijs 18 euro, waar je voor een 2D-vertoning 11 euro neerlegt. Ondanks de winstdeling die dient te gebeuren met verdelers, de eventuele huur van brillen (zoals hoger vermeld, heeft Kinepolis nu een vaste samenwerking met Real3D, waardoor ook hier ongetwijfeld de cijfers gemaximaliseerd kunnen worden) en de investeringen in ‘hardware’, is het duidelijk dat ook in Nederland blijvend ingezet wordt op allerlei combinaties van 3D. Ook hier speelt IMAX – of beter de heel late intrede van IMAX – een rol. Net als in België (en in tegenstelling tot in de VS) had 3D initieel weinig concurrentie als ‘premium format’ en heeft het zich op die manier een blijvende positie veroverd.

Natuurlijk vragen deze conclusies ook om nuances. Het Nederlandse luik van dit artikel beperkte zich tot één titel en drie specifieke multiplexconcernen. Filmhuizen bleven volledig buiten beeld, en het is geenszins de bedoeling te impliceren dat een titel als Alita: Battle Angel niet buiten de drie besproken concerns rouleert. Landelijk genomen is er op dit moment nog altijd maar een handjevol bioscopen dat de inmiddels klassieke basisdeling 2D/3D nog ontstijgt. Tegelijkertijd kunnen we stellen dat 2D zo goed als verdwenen is uit de grootste zalen in de grootsteden. Met het daartegenover staande succes van nieuwe formats in het achterhoofd is het de vraag welke multiplex-revoluties ons nog te wachten staan.

E-mailadres Afdrukken
Tags: 3D
 
Filmbeleving als Format: A 3D State of the Union

Advertentie
Banner
Advertentie

TEST