Banner

King Kong

8.0
Jimmy Van der Velde - 02 maart 2013

De mens heeft altijd al een ambigue relatie met monsters gehad. Aan de ene kant boezemen ze ons al eeuwen angst in en zijn ze een bron van blind bijgeloof, maar anderzijds kunnen we onze fascinatie voor mythische monsters en of ze al dan niet deel uitmaken van onze wereld niet onder stoelen of banken steken. De filmindustrie had dat gegeven al snel in het snuitje en speelde daar tijdens de begindecennia van het medium gretig op in. Georges Méliès liet al enkele gedrochten opdraven in zijn fantasierijke kortfilms, de Duitsers kregen knikkende knieën van Nosferatu en Der Golem en de Amerikanen huiverden bij het aanzicht van Dracula en Frankenstein. Nu, decennia later, behoren filmmonsters tot het collectief geheugen. Godzilla, Jaws, Alien, Jurassic Park, Cloverfield en Harry and The Hendersons, allen zorgden ze dat generaties in verwondering en afgrijzen naar het bioscoopscherm staarden. Toch is er één monster dat er uitspringt, een reusachtige gorilla die het precedent vormde voor elke monsterfilm die later zou volgen. De aap in kwestie heette King Kong en bestormde 80 jaar geleden, met zijn toen verbazingwekkende speciale effecten, de Amerikaanse bioscopen. Hoewel de tand des tijds zijn invloed heeft gehad op deze Hollywoodklassieker, blijft King Kong toch nog steeds een wonderlijk staaltje van entertainment en avontuur.

Het verhaal van King Kong zou gekend moeten zijn, maar we zullen het voor alle zekerheid nog eens herhalen. Carl Denham (Robert Amstrong) is een enthousiaste en gedreven filmregisseur die staat te popelen om aan zijn nieuwste project te beginnen. Denham staat bekend voor zijn exotische films en plant voor zijn volgende wapenfeit een bootreis naar een afgelegen eiland. Enig probleem: hij heeft een actrice nodig. Die treft hij aan in het straatmeisje Ann Darrow (Fay Wray), die snel toestemt om Denham te vergezellen op zijn mysterieus avontuur. Na een lange boottocht zet de bemanning van het schip voet aan wal op een exotisch eiland dat blijkt bewoond te worden door inboorlingen. Ze krijgen allesbehalve een warm onthaal, al hebben de inboorlingen wel interesse in de blonde verschijning van Darrow. Het duurt niet lang voor de actrice ontvoerd wordt door de natives. Darrow dient als offer voor een reusachtig wezen dat in het oerwoud leeft achter een gigantische muur. Denham, Darrows love interest Jonh Driscoll (Bruce Cabott) en de rest van de bemanning begeven zich in de dichte jungle om Ann te redden uit de harige poten van de monsterlijke gorilla King Kong. Het begin van een onvergetelijk avontuur.

'King Kong' is dus een jongensverhaal in hart en nieren, dat gekruid wordt met de haast grenzeloze fantasie van regisseur Merian C. Cooper. Cooper maakte niet enkel avonturenfilms, maar leek ook in één te leven. Als piloot vloog hij voor het Amerikaanse leger tijdens WOI en daarna vloog hij voor een eenheid die steun bood aan Polen tijdens de Pools-Russische oorlog (1919 – 1921). Tijdens beide oorlogen stortte Cooper neer met zijn vliegtuig en belandde hij in een gevangenenkamp. Tijdens WOII zou hij zijn legerdienst terug opnemen. Naast oorlogje spelen had Cooper ook een fascinatie voor het onbekende en de wilde natuur. Dat leidde hem naar Afrika en Azië, waar hij inspiratie opdeed voor zijn latere films. Grass(1925) en Chang(1927) zijn daar mooie vroege voorbeelden van.

Met King Kong maakte Cooper, samen met zijn vaste rechterhand Ernest B. Schoedsack, de film waarin zijn militaire loopbaan en hang naar avontuur perfect tot hun recht kwamen. King Kong werd Coopers meesterwerk. Waar de blockbusters van vandaag steeds proberen om de buitenissigheden nog enigszins wetenschappelijk te onderbouwen of te verklaren, is dat allesbehalve een zorg in King Kong. De film bevat alle elementen die zorgen voor een heerlijk ouderwets avonturenverhaal. Oerwouden, monsters, inboorlingen, heldhaftige zeebonken en een gezonde dosis actie. King Kong kwam op dit vlak met weinig nieuws, want het genre waartoe de film behoorde kende al heel wat populariteit in de jaren twintig en dertig, maar niet met de proporties van het succes van King Kong. De plotelementen die de film voorschotelt kunnen bij een hedendaags publiek achterhaald overkomen - dan denk ik vooral aan de portrettering van het inheemse volk van Skull Island. Omdat we allemaal zo politiek correct zijn durven we snel met het vingertje te wijzen, maar toch gaat er nog steeds een ongelofelijke charme uit van dit soort naïef wereld- en mensbeeld, een naïviteit die de film grotendeels maakt en doet wegdromen naar complexloos avontuur, dat zich volledig onttrekt van elke vorm van politiek. King Kong neemt ons mee naar een (tegenwoordig moeilijk te vatten) periode waar de wereld nog voorzien was van mysterie, een wereld die nog geheimen kende.

King Kong is ook nog steeds een film met een heerlijke energie. Cooper is geen Michael Bay (thank God for that!), maar weet zijn actiescènes wel een vlot tempo mee te geven en wacht niet te lang om ze elkaar te laten opvolgen. Het duurt ongeveer veertig minuten totdat we ons op het eiland bevinden, maar eens het zover is, is er ook geen houden meer aan. Een Apatosaurus die onze helden in een moeras aanvalt, Kong die worstelt met een T-Rex en een Pteranodon en de uiteindelijke chaos in New York. De gebruikte effecten zijn uiteraard verouderd, maar weten nog steeds een kinderlijk enthousiasme op te wekken. Er zijn twee elementen die daar aan bijdragen: het stop-motion genie Willis H. O’Brien en de muzikale score van Max Steiner.

O’Brien had al laten zien wat hij in zijn mars had met The Lost World(1925) en perfectioneerde zijn kunst met King Kong. O’Brien brengt Coopers visie tot leven met vitale monsters die niet het realisme hebben dat je tegenwoordig ziet, maar vloeiend en overtuigend genoeg zijn in beweging en dreiging om hun ding te doen. Het zijn de technische inventiviteit en innovaties die King Kong nog steeds een intrigerende film maken om naar te kijken. De stop-motion, de miniaturen, de sets en de gehele mise-en-scene maken van de film een bewonderenswaardig werkje, met de fantastische actiescène op het Empire State Building als pièce de résistance. Leuke anekdote: Cooper en Schoedsack namen zelf plaats in het vliegtuig dat Kong uiteindelijk neerhaalt, dat vanuit het devies: “We might as well kill the son of a bitch ourselves!

De muziek van Max Steiner wordt dan weer gezien als één van de eerste grote symfonische soundtracks. Steiner ondersteunt het avonturenverhaal met een bombastische, gespierde en exotische score die de film zijn ziel en energie meegeeft. Steiner zou uitgroeien tot één van de grootste filmcomponisten uit de filmgeschiedenis.

Veel diepgang moet je dan weer niet gaan zoeken. Cooper kreeg dikwijls de kritiek te horen dat hij weinig oog had voor vrouwenrollen en romantiek. Dat probeerde hij recht te zetten in King Kong, met matig succes. De romantiek moet komen van de relatie tussen Ann Darrow en Jack Driscoll en van de interactie tussen Darrow en Kong. Helaas ligt de focus van Cooper zo sterk op de actie en het avontuur dat de romantische verhaallijntjes worden overschaduwd. Het feit dat King Kong in 1933 nog niet gebonden was aan de puriteinse Production Code levert een leuk momentje op waarin Kong nieuwsgierig Fay Wray ontdoet van haar kleding en besnuffelt. Een scène die doorheen de jaren geknipt en terug toegevoegd is geworden. Een echt sterke vrouwelijke rol is niet terug te vinden, maar dat heeft niet verhinderd dat de rol van Wray iconisch is geworden. Dat heeft Wray te danken aan één ding: de breedte van haar keelgat en het aantal decibels dat ze daaruit wringt tijdens de film. Fay Wray blijft de moeder van alle scream queens.

King Kong is nog steeds de moeite om te bekijken als je openstaat voor de aanpak van Cooper en Schoedsack en voor de charme die de zichtbaar verouderde effecten en settings uitstralen. De film geldt als een blauwdruk van wat een goede en dynamische monster- en avonturenfilm moet zijn. Zonder Kong hadden we ook nooit een Jurassic Park gehad. De beste manier om de film tachtig jaar later te bekijken is met het hele gezin. King Kong lijkt ons ook de beste introductie tot klassieke cinema voor de kleinsten onder ons. Laat een kind van plusminus zes jaar oud deze film zien, voordat zijn kleine breintje geconsumeerd is door de Hollywoods hedendaagse avonturen. King Kong is een monster dat doet afgrijzen, maar tevens een monster dat je onvermijdelijk in je hart sluit. Dat zal binnen 160 jaar niet anders zijn.

E-mailadres Afdrukken
 
King Kong
USA / 1933
Regie: Merian C. Cooper; Ernest B. Schoedsack
Scenario: James Asmore Creelman; Ruth Rose; Merian C. Cooper
Met: Fay Wray; Robert Armstrong; Bruce Cabot; Frank Reicher; Sam Hardy
Duur: 100 min.


advertentie
Banner

TEST