Banner

Weeds

7.0
Jonathan Deleener - 17 maart 2009





Van alle Amerikaanse reeksen die vaak het label "kwaliteitsserie" opgeplakt krijgen, is 'Weeds' de enige die in Vlaanderen wat stiefmoederlijk behandeld wordt. Er wordt bij ons nauwelijks over gesproken of geschreven, en erg bekend is ze dan ook niet - als ze al op een grote zender uitgezonden werd, dan is dat compleet aan me voorbijgegaan. Kortom, niemand lijkt er echt wakker van te liggen. En toch is de Amerikaanse pers laaiend enthousiast over deze reeks, en heeft ze al een aardig aantal prijzen in de wacht gesleept. Zijn we hier in Vlaanderen dan een serieus pareltje uit het oog verloren? Wel, sla me nu dood, ik weet het zelf zo goed niet...

Weeds is een comedy over softdrugs. Niet echt over de misdaad, het grove geld en het politieonderzoek die daarbij komen kijken, maar eerder over het kleinburgerlijke ervan. Het draait om wat er gebeurt in de donkere hoekjes van een doodsaaie, uniforme, typisch Amerikaanse suburb, en volgens 'Weeds' is dat: smoren en dealen. De comedy komt voort uit alle drama dat mensen rond drugs verkopen. En geef toe, de meeste mensen gedragen zich ook wel redelijk grappig in de buurt van drugs. Sommigen worden er heel nerveus van, anderen doen net demonstratief kalm en belerend - en die beide categorieën heb je zowel bij de gebruikers als bij de niet-gebruikers. En al die mogelijke reacties worden met veel spot in de kijker gezet.

'Heldin' van de reeks is Nancy Botwin (nerveus, niet gebruiker), een jonge, hippe mama. De man van Nancy is onlangs gestorven, en ze komt al snel tot de conclusie dat een alleenstaande huismoeder in de redelijke chique buitenwijk Agrestic het financieel niet zo makkelijk heeft. En dus neemt ze een bijbaantje: ze wordt dealer. Ze verkoopt wiet aan hardwerkende vaders die een verzetje kunnen gebruiken, en vangt zo regelmatig een glimp op van wat er zich ècht afspeelt achter de mooie façades van de wijk. Tegenpool is haar haat/liefde-vriendin Celia Hodes (kalm en belerend, niet gebruiker), een tiraniek wijf dat het in haar zeer vastberaden hoofd gehaald heeft van Agrestic een Drug-Free-Zone te willen maken. Gaandeweg raken andere personages meer en meer betrokken in Nancy's activiteiten. Zo heb je Andy Botwin, haar irritante schoonbroer (zéér nerveus, gebruiker), Doug Wilson, een hooggeplaatst lid van de gemeenteraad (kalm en belerend, gebruiker), Heylia James en haar offspring, een zwart gezin dat wiet teelt (kalm en belerend, niet gebruikers), en dan uiteraard Nancy's eigen kinderen.

Als je puur gaat bekijken hoe de reeks in elkaar steekt, dan is er niks op aan te merken. Stilistisch is ze àf. De straten, parken en huizen van Agrestic zien er allemaal mooi, proper en duur uit, hèt decor van Martha Stewarts natte dromen. Dat alles wordt rustig in beeld gebracht, met een nadruk op veel felle kleuren. Zo wordt Agrestic een klein beetje Disneyland voor volwassenen: idyllisch, schattig en vooral heel fake.

Ook wat acteerwerk betreft zit alles snor. Eerst en vooral een rondje applaus voor Mary-Louise Parker, die we al kenden van een bijzonder grappig bijrolletje als feministische furie uit 'The West Wing'. Hoewel de rol van Nancy Botwin allesbehalve vanzelfsprekend is, weet Parker haar toch heel overtuigend neer te zetten. Haar personage daalt hoe langer hoe dieper af in het drugswereldje, en dat maakt heel wat in haar los. Ze voelt er zich ongemakkelijk bij, terwijl ze er èrgens ook van geniet om de badass in zichzelf los te laten. Ze doet het om haar kinderen een zo goed mogelijk leven te kunnen bieden, maar voelt zich uiteindelijk ook schuldig omdat ze (terecht) voelt dat haar 'job' ervoor zorgt dat ze haar gezin uit het oog verliest. Parker haalt alles uit de kast om die mix van emoties weer te geven, en bewijst daarbij dat ze een straffe actrice is. In sommige shots heeft ze genoeg aan een typerend trekje om haar mond om een variatie van al het bovenstaande op te roepen. De meeste andere acteurs staan ook makkelijk hun mannetje naast Parker, met Justin Kirk als voornaamste uitzondering. Zijn Andy Botwin is nog net een slagje irritanter dan de schrijvers hem bedoelen, en je gelooft geen moment dat er iets anders in hem omgaat dan het ervaren van de één of de andere roes. Toegegeven, zijn personage is dan ook enorm vaak stoned, maar Kirk slaagt er niet in om die rol verder iets menselijks of herkenbaars te geven.

Een ander leuk karaktertrekje van dit eerste seizoen zijn de even bizarre als geslaagde cliffhangers. Zonder al teveel te verklappen, zit er eentje bij waarbij Celia en haar man zeer onverwacht een Coca-Cola-douche krijgen (als dit reclame is, dan is het wel de meest eigenaardige product placement die ik al tegengekomen ben). Een latere aflevering eindigt op een shot van stapeltjes muntjes in een fontein - dat lijkt misschien onschuldig, maar geloof me vrij, je wordt er koud van.

Een laatste pluim gaat naar de begingeneriek. Op de klanken van "Little Boxes", een hilarisch liedje van Malvina Reynolds, krijgen we beelden te zien van een Amerikaanse suburb waar alles en iedereen er hetzelfde uitziet: identieke auto's, kleren, voorgevels, activiteiten... Er bestaat geen betere manier om de gedachte achter de reeks samen te vatten, dan met dat clipje.

Voila, tot hier mijn glanzende recensie. Maar als ik al het objectieve nu even laat varen, moet ik bekennen dat het hele geval me compleet Antarctisch koud liet. De reeks is een comedy, maar echt rol-over-de-grond-grappig heb ik het nooit gevonden. De humor ìs er zeker, in de vorm van een zeer spottende kijk op de realiteit, maar die humor is heel koel en afstandelijk. En ook op de andere vlakken is het hetzelfde verhaal: de acteurs spelen de sterren van de hemel, maar als kijker ga je nooit met de personages meevoelen. Daar zijn ze allemaal net iets te antipathiek voor. De spottende toon van de reeks zal daar ook wel wat in de weg liggen. Ergens is 'Weeds' voor de Amerikaanse TV, wat 'Loft' was voor de Vlaamse cinema: technisch af tot in de puntjes, maar inhoudelijk ontbreekt er ergens een 'hook', iemand om mee mee te voelen of je zelfs maar een klein beetje in te (willen) herkennen.

Ik kan het het beste uitleggen door 'Weeds' te vergelijken met de reeks die er qua stijl en inhoud het dichtste bij ligt, en dat is 'Desperate Housewives'. Die laatste serie gaat veel verder over the top, waardoor ze minder diepgang heeft, en ook veel minder gewaagd is - ook al heeft ze het vaak over dezelfde onderwerpen. Doordat 'Weeds' er minder over gaat, kunnen de foute beslissingen van de personages hier niet zomaar onder tafel geveegd worden. Iedere misstap heeft zijn blijvende, echte en pijnlijke gevolgen. Dat zorgt er meteen ook voor dat controversiële onderwerpen ook echt controversieel blijven. In 'Desperate Housewives' daarentegen leiden heel wat stommiteiten en conflicten tot een hilarische climax, waarna zowel de kijkers als de personages hun payoff gehad hebben, en het hele gebeuren achter zich kunnen laten. Tot zover is het dus duidelijk waarom 'Weeds' bij de meeste critici een tandje voor heeft, maar... ik heb aan het einde van de rit wel veel meer meegeleefd, -gelachen en -gevoeld met iedere afzonderlijke huisvrouw uit Wisteria Lane dan met Nancy Botwin. Bij alles wat zij meemaakt blijf ik constant het "myeah, don't really care"-gevoel hebben.

Op de vraag"Is 'Weeds' dan een kwaliteitsreeks of niet?" is het beste antwoord dan ook: ze zou het heel graag willen zijn. Waarschijnlijk zelfs een beetje tè graag.

E-mailadres Afdrukken
 
Weeds
Met: Mary-Louise Parker; Elizabeth Perkins; Hunter Parrish; Alexander Gould; Allie Grant; Justin Kirk; Kevin Nealon

Advertentie
Banner
Advertentie

TEST