Banner

Hot Tub Time Machine

1.0
Dennis Van Dessel - 17 augustus 2010




De wereldwijde honger naar all things eighties moet echt wel epidemische proporties hebben aangenomen als ze aanleiding kan geven tot een film als 'Hot Tub Time Machine'. Nostalgie naar de tijd van beenwarmers, Ronald Reagan, Eddie Murphy toen hij nog grappig was en Michael Jackson toen hij nog zwart was, is de voorbije jaren uitgegroeid tot een lucratieve business opportunity. Wat mij allemaal best is, zo lang de resulterende films zich maar een beetje laten bekijken. 'Hot Tub Time Machine', daarentegen, is een smakeloos allegaartje van plotelementen uit 'Back to the Future' en het puberale gevoel voor humor van 'Animal House'. Op z'n best - in de praktijk ligt het niveau van de grappen nog dichter tegen dat van een recentere reeks: de 'Scary Movies'. Dat John Cusack, een acteur die zijn waardigheid heeft weten te bewaren in wel honderd slechte films, hierin meedoet, is jammer genoeg niet erg verwonderlijk. Dat hij ook op de aftiteling staat als producent, is veel erger.

Adam (Cusack), Nick (Craig Robinson) en Lou (Rob Corddry) zijn drie veertigers die behoorlijk gefrustreerd door hun leven kruipen. Adam werd net verlaten door zijn vriendin, Nick had ambities om muzikant te worden maar leidt nu een wellnesscentrum voor honden terwijl zijn vrouw hem bedriegt, en Lou is een vulgaire eikel geworden die zodanig door iedereen gehaat wordt, dat hij uiteindelijk een zelfmoordpoging onderneemt. De drie besluiten samen af te reizen naar een skioord waar ze in 1986 de winter van hun leven beleefden. Adams internetverslaafde neef Jacob (Clark Duke) nemen ze mee om ook hem kennis te laten maken met het pre-digitale wereldje van Wein, Weib und Gesang. Op hun eerste avond kruipen de vier heren in een jacuzzi, waar ze het op een zuipen zetten. Maar wie schetst de heren hun verbazing (Kamagurka? Willy Linthout?) wanneer ze de volgende dag wakker worden en op magische wijze weer in '86 terecht zijn gekomen?

Die plot refereert naar een hele resem body switch movies die tijdens de jaren tachtig populair waren (en die onlangs trouwens al een reboot kregen met het Zac Efron-vehikel '17 Again'): een protagonist die teleurgesteld is in zijn eigen leven, komt op de één of andere manier weer in zijn eigen jongere lichaam terecht en krijgt zo een kans om zijn fouten goed te maken. 'Hot Tub Time Machine' gebruikt in principe datzelfde concept, met het verschil dat de hoofdpersonages elkaar en zichzelf blijven zien in hun veertigjarige lichaam, maar dat de Gaandeweg wordt 'Back to the Future' steeds nadrukkelijker in het verhaal verwerkt: de drie mannen moeten immers proberen om zo weinig mogelijk aan het verleden te veranderen, omdat ze anders misschien de geboorte van Jacob in gevaar brengen.

Dat alles had misschien nog kunnen werken, als een liefdevolle hommage aan komedies uit de jaren tachtig, als de toon van de film niet zo cynisch en brallerig was. Adam, Nick en vooral Lou zijn alle drie onsympathieke, extreem egocentrische personages, wiens definitie van geluk en succes op hun veertigste nog steeds niet verder geëvolueerd is dan "veel geld op je rekening en een knappe vrouw in je bed". En in plaats van aan het einde van de film beter geleerd te hebben, vinden regisseur Steve Pink en zijn scenaristen gewoon een manier om de personages hun zin te geven - ze zijn nog steeds even egocentrisch en oppervlakkig, maar aan het einde (spoiler, spoiler!) hébben ze gewoon veel geld op hun rekening en een knappe vrouw in hun bed. En dat maakt alle verschil.

Het gevoel voor humor van de film concentreert zich vooral op lichaamsfuncties die de meeste mensen liever privé houden, en op dialogen die haast volledig zijn opgetrokken uit varianten op het woord "fuck". Een voorbeeld: na hun zuippartij in de jacuzzi wordt Adam wakker om een eekhoorn op de rand van het bad te zien zitten. Lou wordt ook wakker, spert zijn mond open en mikt een guts kots over het diertje waar Linda Blair in 'The Exorcist' nog een puntje aan kon zuigen. Tot zover de grap, en wie dan hoopt dat dat de enige kotsscène in de film zou zijn: vergeet het maar. Kotsen, pissen, kakken en neuken zal volgens sommigen altijd een garantie op hilariteit zijn. Volgens anderen is het gewoon een smakeloze manier om een puberpubliek te paaien. De dialogen zijn in hetzelfde bedje ziek: het woord "fuck" is op zichzelf niet grappig, maar hier wordt het gebruikt als set-up én punchline van ongeveer elke verbale grap. Echte snedigheid valt er niet bepaald terug te vinden in regels tekst als: "Heb je nog nooit een vriend gezien met sperma aan zijn mond?" Haha. Vunzige humor kàn werken, als er wat intelligentie achter zit - kijk naar wat Trey Parker en Matt Stone al jaren doen met 'South Park' en een paar jaar geleden nog deden met 'Team America'. Ook dat was vulgair, maar ze hadden een satirisch punt, waardoor hun films meer werden dan een collectie vettige grappen en grollen. Zijn er toch nog leuke gags terug te vinden in 'Hot Tub'? Jawel, hier en daar. Een running joke over een hotelbediende die op elk moment zijn arm dreigt kwijt te geraken, is best wel lollig (hoewel de uiteindelijke pay-off van die grap dan weer teleurstelt), en ook een telefoontje tussen Nick en zijn vrouw tegen het einde van de film is geinig. Maar geloof me, die enkele scènes maken al de rest de moeite niet waard.

Voor het overige munt 'Hot Tub Time Machine' vooral uit in middelmatigheid. Zowel de beeldvoering, die eerder voor tv bestemd lijkt dan voor de cinema, als de getelefoneerde acteerprestaties van een hoop acteurs die veel beter kunnen, stralen de onverschilligheid van de grote Hollywoodmachine uit. Niemand lijkt hier echt z'n hart of ziel in te hebben gestoken - het is gewoon weer een zoveelste werkdag in een industrie die in plaats van auto's of muziekinstallaties, films maakt als commercieel product, dat er voor dient om zoveel mogelijk op te brengen. Vooral voor John Cusack, ooit een interessant acteur in onafhankelijke films, is dit triestig: het voorbije jaar zat hij in '2012' en dit, en je gaat me niet wijsmaken dat hij zelf niet beseft hoe diep hij daarmee gezonken is.

Ach ja, slechte komedies als deze zijn al eerder gemaakt, en er zullen er nog wel wat volgen ook. Niks aan te doen, behalve onthouden dat de zomer bijna voorbij is. Vanaf september zijn goede films weer toegestaan in de bioscopen.

E-mailadres Afdrukken
 
Hot Tub Time Machine
USA / 2010
Regie: Steve Pink
Scenario: Josh Heald; Sean Anders; John Morris
Met: John Cusack; Craig Robinson; Rob Corddry; Clark Duke; Lyndsy Fonseca
Duur: 99 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST