Banner

Hunger

9.0
Peter De Backer - 17 november 2008
alt

Soms heb je een outsider nodig om de grenzen van de cinema open te breken. Toen kunstenaar Steve McQueen zijn controversiële 'Hunger' voorstelde op het filmfestival van Cannes, kreeg hij niet alleen afkeurend gemompel, bakken vol lof, maar ook de Camera d'or voor beste regiedebuut. Absoluut terecht, want 'Hunger' is een onthutsende registratie van de laatste dagen van gepassioneerd IRA-lid Bobby Sands en zijn eis om behandeld te worden als politieke gevangene. Een gevecht waarbij hij letterlijk zijn lichaam in de strijd gooide alvorens hij bezweek na een uitputtende hongerstaking. McQueen brengt de schrijnende lijdensweg even origineel, poëtisch als schokkend op het scherm en laat de grotendeels dialoogvrije beelden met een ongeziene visuele kracht op het netvlies branden. Geen film waar je op wolkjes van gaat zweven, maar eentje waar je compleet groggy de zaal uitstrompelt met een loodzwaar, maar bevredigd gevoel in de maag.

McQueen slaat voor zijn debuut één van de meest pijnlijke bladzijdes uit de recente Brits-Ierse politieke geschiedenis open. Belfast, 1981. In de beruchte Maze-gevangenis (Long Kesh) protesteren leden van de IRA-beweging tegen de onmenselijke behandeling die ze krijgen van de Britse bewakers. Eén van die bewakers verlaat angstig zijn woning en hoopt dat de terroristen geen bom onder zijn bolide hebben geplaatst. In de hel van Long Kesh weigert een nieuweling om het plunje van een gevangene aan te trekken. Hij wordt gelabeld als een non-conformist en in een met uitwerpselen besmeurde cel gegooid. Pas na een half uur verschijnt hoofdpersonage Bobby Sands (Michael Fassbender) tijdens een gevecht met bewakers. Wanneer de brutaliteiten en vernederingen alleen maar toenemen, neemt Sands een radicale beslissing in zijn strijd om erkenning als politieke gevangene. Hij trekt een georganiseerde hongerstaking op gang en zelfs de dood zal hem niet weerhouden om tot de laatste snik te vechten voor de principes waarin hij gelooft.

alt

Het neverending conflict tussen Noord-Ierland en Groot-Brittannië is één van de dankbaarste onderwerpen in filmland. Om de zoveel jaar wordt de problematiek - die dankzij Amerika en Guantanamo nog altijd even scherp en relevant blijft binnen de huidige internationale politiek - uitgespit en dat leverde al even uiteenlopende als memorabele filmprenten op. Van het ijzersterke gevangenisdrama 'In the Name of the Father' over het bikkelharde documentairegevoel van 'Bloody Sunday' tot het historische epos 'The Wind That Shakes the Barley'. Ook al kaart Steve McQueen diezelfde geladen materie aan, toch is 'Hunger' een compleet andere film over de Iers-Britse vijandigheden geworden. De politieke dimensie blijft onvermijdelijk aanwezig, maar wordt wel naar de achtergrond verschoven. Zo mag iron lady Margaret Thatcher haar onwrikbare standpunten ('there are no political murders') voice-overgewijs verkondigen om het lichamelijke en zintuiglijke aspect alle aandacht te schenken. 'Hunger' is meditatiever en filosofischer dan zijn verwante voorgangers ('Some Mother's Son' met Helen Mirren is de conventionele - zeg maar kleffe - vertelling van het Bobby Sands-verhaal), maar blijft verrassend toegankelijk en laat een ontzagwekkende impact achter die minstens even lang blijft nazinderen als het meer gedramatiseerde 'In The Name of the Father'. Wie open staat voor de vooruitstrevende technieken van McQueen en scenariste Enda Walsch krijgt met 'Hunger' een fascinerende reflectie over het lijden van de mens en de diepgewortelde overtuigingen die ons tot het uiterste drijven.

De narratieve structuur van 'Hunger' zorgt voor een briljante contradictie. McQueen bouwt zijn film op als een onconventionele drieakter en hanteert een plotloze simpliciteit om de complexiteit van zijn thematiek doorheen het grotendeels dialoogvrije relaas te verweven. Het eerste half uur zal ongetwijfeld voor geschuifel en gefrons zorgen door de misleidende focus en de manier waarop McQueen speelt met de verwachtingen van het publiek, maar tegelijk overdondert de regisseur met een indrukwekkende beeldtaal die verschroeiende brandwonden op de ziel zal achterlaten. De hondsbrutale martelpraktijken worden met een viscerale intensiteit gebracht die weinig aan de verbeelding overlaat. Net zo met de gruwelijke evocatie van het gevangenisleven, die zodanig overtuigend is dat je de urine en uitwerpselen - uit protest wasten de gevangenen zich niet meer - als het ware kan ruiken door het scherm. McQueen kan het trouwens niet laten om zijn roots te verbergen want in één van de cellen bevindt zich een met fecaliën gecreëerd abstract schilderij op de muur.

Maar het is met het nu al legendarische middenstuk dat McQueen laat zien dat hij meer is dan louter een visuele artiest. Met een lange, ononderbroken scène van een dik kwartier zit Bobby Sands aan een tafeltje met zijn oude vriend, priester Moran (Liam Cunningham). Er volgt een onverwacht debat waarin Sands zijn geplande hongerstaking verdedigt tegenover de meer pragmatische standpunten van de katholieke priester. Wat begint als een onschuldige babbel over vroeger evolueert in een krachtige confrontatie waarin alles (religie, ethiek, moraal, politiek) aan bod komt. Sands is ervan overtuigd dat hij als martelaar zal sterven voor de 'goede zaak', terwijl zijn jeugdvriend hem met man en macht probeert te overtuigen dat zijn zelfmoordactie de problemen alleen maar zal verergeren. Het ijzersterke aan die statische silhouettenscène is dat je als kijker de bikkelharde beelden van het eerste half uur door het hoofd ziet flitsen terwijl je de 'theoretische' discussie aan het volgen bent. Een gewaagde, schitterend vertolkte sequens (de acteurs hebben er vier takes over gedaan) die op subtiele wijze anticipeert op wat nog moet komen.

alt

'Hunger' bereikt zijn onvermijdelijke climax met de uiteindelijke hongerstaking en de langzame, zowel fysieke als mentale, aftakeling van Bobby Sands. Volledig gedragen door een ontzagwekkende lichamelijke vertolking (denk aan Christan Bale in 'The Machinist', maar dan nog een kilo of tien eraf) van Michael Fassbender transformeert 'Hunger' van observatie van woede, onrecht en geweld naar een elegisch en transcendentaal portret van een man en zijn allerlaatste protestmiddel: zijn lichaam. De beelden van een uitgeputte, moegestreden en met open wonden gepijnigde Bobby Sands zullen minstens even lang blijven hangen als de boodschap (niet per se pro-IRA, maar toch fel anti-Thatcher) van McQueen.

'Hunger' is een snoeiharde trap in de onderbuik die iedereen met een beetje passie voor de zevende kunst gevoeld moet hebben. Een prachtvoorbeeld van hoe narratieve originaliteit en experimentele vormgeving elkaar geslaagd en complementair kunnen ondersteunen. Visuele kunstenaar Steve McQueen bewijst zich als een in-de-gaten-te-houden-cineast en levert één van de meest vernieuwende, intrigerende, poëtische en bevreemdende kijkbeurten van het jaar af. Kortom, essentiële cinema om stil van te worden.

E-mailadres Afdrukken
 
Hunger
GB / 2008
Regie: Steve McQueen
Scenario: Enda Walsch en Steve McQueen
Met: Michael Fassbender; Stuart Graham; Liam Cunningham; Larry Cowan; Liam McMahon
Duur: 96 min.



Advertentie
Banner
Advertentie

TEST