Banner

Horton Hears a Who

6.0
Barbara Van Ransbeeck - 22 maart 2008




88 min.

Ik kan het echt niet laten. Als ik op een vers grasmatje in de zon zit, dan begin ik spontaan in ware tekenfilmstijl te verzinnen welke avonturen er zich onder mijn poep moeten afspelen: een Rescue Rangers evacuatieplan van de bladluizen die op madeliefje nummer 1545 zijn terechtgekomen, de mierenhoop die al zijn werkkrachten inzet om het reuzenobstakel dat mijn achterwerk heet weg te jagen, vliegjes die elkaar versieren met hun zoemdansjes of veel kleinere werelden die wij niet kunnen zien met het blote oog, maar waar misschien wel Minimoys of een uniek ras van zevenarmige draaikolkwezens leeft... Ik voelde dan ook meteen een innige verwantschap met de wonderlijke fantasie die de rijmpjesrijgende verhalenverteller Dr. Seuss door zijn kinderboek 'Horton Hears a Who!' verweefde: de hoofdrol is immers weggelegd voor een olifant met grote flaporen in de jungle van Nool, die vanuit een petieterig voorbij zwevend pluisje een stemmetje meent te horen en niet meteen denkt: laat vliegen, ik ben gek, maar zich prompt afvraagt: Potvergruis, wie leeft er op die pluis?

Knock, knock, Who's there? The Who's! Nee, Horton de olifant (stem van Jim Carrey) heeft het zich niet ingebeeld: er is wel degelijk vida op dat piepklein plucheke en hoe! Het microscopisch kleine stofje herbergt Who-ville, een stadje waar peervormige aapjes een relaxt leventje leiden onder het gezag van de vriendelijke burgemeester (Steve Carrell) met zijn 96 dochters en één zoon. Een wonderlijke gemeenschap die dankzij een eeuw van stabiliteit op een bloem nooit problemen of ellende heeft gekend en in een flits geciviliseerd is tot een moderne, vredevolle welvaartsstaat. Tot het plucheke losraakt van zijn veilige thuishaven, begint rond te zweven en de minste beweging, de kleinste weersverandering plotseling een gevaar op totale vernietiging inhoudt: een zuchtje wind, een ondiepe beek of een gretige graai van een rimboedier naar het klavertje waarop Horton zijn speck heeft geplaatst... Who-ville is in gevaar! Gelukkig is Horton vastberaden om zijn nieuwe vrienden op het polleke naar een veilige bergtop te brengen, zelfs al moet hij het pluisje tegen alles en iedereen beschermen. Zijn junglebrothers hebben het namelijk niet zo begrepen op Hortons verhalen over een andere truth out there, mama kangoeroe op kop. Zij is ervan overtuigd dat 'wat je niet kan zien of horen, niet bestaat' en om te vermijden dat de kinderen ook zulke nonsens zullen spuien als Horton of erger nog, zelf beginnen te fantaseren, roept ze de hulp in van de akelige gier Vlad Vladikoff om het pluisje te vernietigen...

De verzinsels en spinsels van Dr. Seuss (echte naam Theodore Seuss Geisel) zijn in Amerika al decennia lang geroemd om hun unieke illustraties, hun eenvoudig, maar kostbaar verhaal (ideaal om te leren lezen) in aanstekelijke rijmpartijtjes en personages die knotsen van gekte. Eerdere pogingen om de verhalen van Dr. Seuss naar het witte doek te vertalen, waren niet minder dan rampzalig: de twee live-action adaptaties, 'How the Grinch Stole Christmas' van Ron Howard met een groenbehaarde Jimmy Carrey in de hoofdrol, en 'The Cat in The Hat' (zowat de mascotte van Dr. Seuss) met Mike Myers als zijn irritante zelve in kattenplunje, deden de creatieve verzenplukker maar weinig eer aan.

Geen onnozele kostuums ditmaal - met deze animatieversie in CGI van 'Horton' is het team van Blue Skys Studios, de afdeling van 20th Century Fox die eerder al verantwoordelijk was voor 'Ice Age' en 'Robots', er wél in geslaagd om de Seussiaanse wereld in al zijn guitige glans en gloed tot leven te wekken. De tuimelende rijmpjes komen in de voice-over goed tot hun recht en visueel is het verhaal natuurlijk geadapteerd aan het Hollywoodkeurslijf (de 2 K's: knuffelbaar en kleurrijk), maar het is verre van een plastieken verkrachting van zijn werk geworden: de spirit van de meester zit er zeker nog in. Vooral Who-ville is pretparkfun met een 'ogen opentrekken geblazen' architecturale inkleuring en ademt tot in de details de juiste gekke sfeer uit. Ook de personages zijn geen hoofdpijnverwekkende tijdbommen. Jim Carrey, die zijn stem verleent aan Horton, schudt zoals verwacht met zijn wapperende kaken de lettergrepen weer gutsend in het rond, maar hij weet evenzeer onschuld én een hart en ziel in zijn personage te leggen. Horton is zo lief dat je eigenlijk bijna zou hopen dat er over ons planetenstelsel ook zo'n potige olifant waakt. Ook Steve Carrell zet zijn ego even opzij om in de huid te kruipen van de onzekere burgemeester van het Who-volkje en tussen de nevenpersonages zitten er ook nog een paar onvergetelijke: Katie, een gelig fluffy ding, dat haar eigen vlokje stof zou designen als een wereld waar iedereen een pony is, regenbogen eet en vlinders schijt -hoe verzinnen ze het!- en ook het zoontje van de burgemeester, Yoyo, die in de film als een soort van Tim Burton's 'Vincent' verloren loopt temidden van zijn Zapf-perfect gestreken zusjes, kan op sympathie rekenen.

Het zijn alle personages samen die de film maken tot wat hij is: een feestje om naar te kijken. Wat meteen past binnen de boodschap die Dr. Seuss en regisseurs Jimmy Hayward en Steve Martino de wijde wereld wouden insturen met de heilige woorden die Horton, als motivatie om zijn pluisje te redden van het kwade, uitspreekt: A person is a person, no matter how small!. Een zinnetje dat in het verleden voor uiteenlopende interpretaties vatbaar bleek. Het prijkte bijvoorbeeld als slogan op een campagne tegen abortus (iets waar Dr. Seuss niet opgezet mee zou zijn). Anderen zien in de film dan weer een heftige maatschappelijke en zelfs politieke kritiek... wat u er ook uithaalt, Horton en zijn Who's leveren een inspirerend verhaal. In de eerste plaats is het een ode aan de creativiteit, met Horton als strijder voor waarden als 'lekker wild doen in de wildernis moet kunnen', 'fantasie laat je best de vrije loop' en 'heb respect voor alles wat leeft, zelfs al is het kleiner dan een grasspriet'. En met alle vraagtekens die de film oproept, is het misschien zelfs een aanzet tot de eerste filosofische pasjes van uw nieuwsgierige spruit.

Het tempo wordt erin gehouden, maar je merkt wel dat, om het relatief korte verhaal (Horton redt pluisje - gedaan) op te kloppen tot anderhalf uur plezierige animatie, de film duchtig gespijsd moest worden met de nodige opvulling: veel actiescènes (die behoorlijk spannend zijn) en natuurlijk een wagenvol aan humoristische noten, de ene al beter in de oren klinkend dan de andere. Soms zijn de toevoegingen geslaagd, zoals het mangastuk waarin Horton zijn strategisch stappenplan uit de doeken doet, de verdoofde arm van meneer de burgemeester en Hortons strijd tegen de brug. De verwijzingen naar popcultuur (de secretaresse die op haar Facebook zit te struinen of Seth Rogen die er als blauwe muis wat 'dudes' tegenaan schopt) of films (I love the smell of Banana's in the morning), die de film zijn houdbaarheid inperken, worden gelukkig tot een minimum beperkt. Buiten de affreuze zangpartij met 'Can't fight this feeling' als climax die niet te vergeven valt, is de meeste humor van voorspelbare doch zeer genietbare aard.

Nee, u hoort ons niet klagen. 'Horton' is vet! De makers hebben nuttig gebruik gemaakt van het weinig minder dan briljante bronmateriaal en het omgetoverd tot een plezante familiefilm. Nauwelijks tot geen stoorelementen, licht filosofisch en altijd absurd amusement: het kind én de volwassene in mij zagen dat het vrij goed was.

E-mailadres Afdrukken
 
Horton Hears a Who
USA / 2008
Regie: Jimmy Hayward; Steve Martino
Scenario: Ken Daurio; Cinco Paul
Met: Jim Carrey; Steve Carell; Carol Burnett; Seth Rogen; Isla Fisher
Duur: 88 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST