Banner

High and Low

7.0
Dennis Van Dessel - 12 juni 2007




Akira Kurosawa speelde graag met de structuur van z'n films - met 'Rashomon' was hij lichtjaren z'n tijd vooruit en vertelde hij hetzelfde verhaal vanuit vier verschillende perspectieven. Er waren heel wat mensen die er kop noch staart aan kregen, maar tegenwoordig wordt de film beschouwd als een absoluut meesterwerk. En in zowel 'Ikiru' als in deze 'High and Low' gebruikte hij een tweeledige structuur, waarbij hij de helft van zijn verhaal vertelde en vervolgens helemaal van perspectief en setting veranderde voor het tweede deel. In het geval van 'Ikiru' kregen we eerst een stervende man zoals hij zichzelf ziet, en daarna de herinneringen van anderen aan die man op zijn wake. De samenhang van de film werd gegarandeerd door enerzijds het simpele feit dat het wel nog altijd over die zelfde man ging, en anderzijds door flash-backs waarin het hoofdpersonage opnieuw opdook. In het geval van 'High and Low' is dat onderscheid tussen de twee delen van de film nóg veel radicaler. Niet alleen verschuift het perspectief, ook het hoofdpersonage wordt helemaal naar de achtergrond verdrongen en zelfs het genre verandert. Wat begint als een psychologische thriller verandert plots in een police procedural, twee genres die dan wel familie van elkaar zijn, maar een andere toon en een andere aanpak vereisen. Het gevolg is een fascinerende, maar ook lichtjes schizofrene prent, waarin Kurosawa voor de laatste keer het corporate Japan van de jaren vijftig en zestig behandelde.

Kingo Gondo (Toshiro Mifune) is een directielid van National Shoe, één van de grootste schoenfabrikanten van Japan. Om zijn konkelende collega's voor te zijn, heeft hij in het geheim zowat zijn hele hebben en houden geïnvesteerd om de volledige controle over National Shoe in handen te krijgen. Een riskante onderneming, maar wanneer we hem ontmoeten aan het begin van de film is hij er gerust in: hij moet nog één laatste betaling doen om de nodige aandelen in het bedrijf te verwerven, en die cheque ligt klaar. Dan krijgt hij echter een telefoontje van een onbekende man die zegt dat hij Gondo's zoon heeft ontvoerd en dertig miljoen yen losgeld wilt. Gondo panikeert, tot hij zijn jongen levend en wel de kamer ziet binnenlopen: de ontvoerder heeft per vergissing de zoon van Gondo's chauffeur ontvoerd, terwijl de twee jongens samen aan het spelen waren.

Het morele dilemma waar Gondo vervolgens voor komt te staan, vormt het hart van de film (hoewel het niet de thematische clou ervan is): betalen betekent dat zijn deal om de aandelen over te kopen niet kan doorgaan en bijgevolg een financiële crisis waar hij nog jaren van zal janken. Maar kan hij in goed fatsoen een kind aan z'n lot overlaten, ook al is het dan het zijne niet? Gondo betaalt het losgeld, en in het tweede deel van de film zien we de pogingen van een verbeten politie-eenheid om de ontvoerder op te sporen.

Het eerste uur van 'High and Low' behoort tot het beste dat Kurosawa ooit op film heeft gezet: alle actie speelt zich af in het luxueuze huis van Gondo, gesitueerd bovenop een heuvel die de hele stad overziet, en een uur lang verlaten we dat huis niet. Dit hele deel zou in principe rechtstreeks op het toneel kunnen worden opgevoerd, wat zorgt voor een claustrofobische spanning die écht naar de keel grijpt. Gondo vertegenwoordigt daarbij de moderne zakenman van het uit zijn voegen barstende industriële Japan: hij is geslepen en clever, en is er absoluut niet vies van om zijn zakenpartners een kloot af te draaien als hij daar zelf mee hogerop kan komen. Maar uiteindelijk heeft hij wél nog steeds doodgewone menselijke gevoelens. Door het losgeld te betalen, moet hij in feite de harde zakenman in zichzelf vermoorden, zodat hij weer helemaal mens kan zijn. De zakenwereld draait daarbij genadeloos en onverschillig door: na de ontvoering is Gondo geruïneerd, en hoewel half Japan hem ziet als een held, zit hij daar in zijn steeds leger huis dat binnenkort zal worden aangeslagen. National Shoe kan het geen donder schelen dat hij het leven van een kind heeft gered.

Dan tijdens het tweede deel krijgen we een nauwgezette, uitvoerig geresearchte zoektocht naar de ontvoerder. Kurosawa speelt deze sectie van de film eigenlijk niet uit als een thriller. De klopjacht bestaat vooral uit veel over-en-weer gerij, uit talloze gesprekken met mensen die misschien iets gezien zouden kunnen hebben, uit de analyse van verfvlekjes enzovoort. Een politieonderzoek, merken we, is een methodische, saaie bezigheid, waarin mogelijkheden op een rijtje worden gezet en vervolgens systematisch worden afgewerkt. Met pistoolgevechten heeft dat maar weinig te maken. Toshiro Mifune, zeer krachtig aanwezig in het eerste deel, met een doorleefde rol als Gondo, komt hier nauwelijks nog aan bod - Tatsuya Nakadai (die ook een vaste acteur van Kurosawa zou worden, inclusief de hoofdrol in 'Ran') neemt het over als hoofdinspecteur Tokura. Zijn tekst bestaat vrijwel integraal uit rapporteringen over het onderzoek, maar Nakadai weet dat taaie materiaal toch een natuurlijke draai mee te geven. Knap gedaan.

Die tweeledige structuur omvat het voornaamste punt van de film - je zou deel één eigenlijk "high" kunnen noemen, terwijl deel twee "low" is. Gondo, een rijke industrieel, woont letterlijk verheven boven de gewone, arme mensen in de stad onderaan de heuvel. In de hoge wereld van Gondo steken directeuren elkaar een mes in de rug om miljoenen aan aandelen te verkrijgen, in de lage wereld van de ontvoerder gaat het over drugs en afrekeningen om miezerige bedragen. Kurosawa suggereert dat armoede in de nabijheid van rijkdom (dat poepsjieke huis staat daar vlakaf arrogant te wezen voor iedereen die geen geld heeft) aanleiding geeft tot criminaliteit. Wat het daarom nog niet goedpraat. Een wereldschokkende gedachte is dat niet, maar de dubbele structuur van de film illustreert dat wel op een gedurfde, creatieve manier. Je hebt degenen die het hebben en degenen die het willen - de vraag is waartoe je bereid bent om het te krijgen of te houden.

Thematisch werkt het dus wel, maar het probleem is dat het tweede deel nauwelijks nog emotie bevat. De ontvoeringsplot met Toshiro Mifune draait rond een moreel en emotioneel dilemma: je ziét die man uit elkaar vallen omdat hij geconfronteerd wordt met de keuze tussen het leven van een kind en zijn eigen toekomst. Da's erg sterk materiaal, maar tijdens het tweede deel vernauwt de film zich tot een verbeten, maar uiteindelijk weinig emotioneel intense klopjacht. Het politieonderzoek is interessant, maar je voélt er maar weinig bij. De personages zijn geen getormenteerde figuren als Gondo, maar professionals die vakkundig hun job doen, en bijgevolg minder interessant. Het is pas tijdens de laatste twintig minuten, wanneer de flikken de ontvoerder langzaam maar zeker in het nauw drijven, dat Kurosawa de suspense opdrijft. Die finale redt het laatste deel van de film - de climax is heel strak in elkaar gestoken en écht spannend.

'High and Low' is dus niet één van Kurosawa's beste - had hij het niveau van het eerste uur kunnen aanhouden, zou dat anders zijn geweest. Maar zoals altijd heeft hij het over boeiende dingen en is zijn bereidheid om te experimenteren met vertelstructuren erg bewonderenswaardig. Enfin, een serieuze brok cinema van onze favoriete Japanner.

E-mailadres Afdrukken
 
High and Low
Japan / 1963
Regie: Akira Kurosawa
Scenario: Eijiro Hisatai; Hideo Oguni; Akira Kurosawa; Ryuzo Kikushima
Met: Toshiro Mifune; Tatsuya Nakadai; Kyoko Kagawa; Tsutomu Yamazaki
Duur: 143 min.


Uit ons archief
Banner

TEST