Banner

Sanjuro

7.0
Dennis Van Dessel - 12 juni 2007




Akira Kurosawa heeft wellicht nooit een film zozeer uit louter financiële overwegingen gemaakt als 'Sanjuro'. Zijn samoerai-epos 'Yojimbo' werd in 1961 een fenomenaal succes, en de producerende studio vroeg hem dan ook al gauw om een vervolg te draaien. Kurosawa twijfelde niet, en hoewel het natuurlijk erg verleidelijk is om te geloven dat hij daar ernstige artistieke motivaties voor had, is het allicht realistischer om te zeggen dat hij het simpelweg voor de poen deed. Niet dat dat afbreuk doet aan de film: 'Sanjuro' is, samen met 'The Hidden Fortress', één van zijn luchtigste en minst intellectuele films, maar het is superieur escapisme. Heel vaak grappig, soms spannend en met hier en daar dan toch een interessant inhoudelijk ideetje.

Toshiro Mifune amuseert zich opnieuw kostelijk als Sanjuro, een samoerai zonder meester (ofwel "ronin") die ditmaal terechtkomt bij een groepje van negen jonge, naïeve collega-samoerai. De negen jonge kerels hebben schrik dat Mutsuta, de kamerheer van hun clan, zwaar aan het frauderen is gegaan en ze zoeken steun bij Kikui, de schout. Maar Sanjuro weet het uiteraard beter: Kikui is degene die plannen smeedt om het clanhoofd van z'n troon te stoten, terwijl Mutsuta enkel de beste bedoelingen heeft. "De kamerheer is een lelijke vent, zeker?," vraagt Sanjuro aan de samoerai. "Terwijl Kikui er goed uitziet en het goed kan uitleggen? Daar kun je niet uit afleiden of iemand trouw is of niet." Waarmee we de boodschap van de film meteen met de paplepel hebben binnengekregen: je mag nooit op het uiterlijk afgaan. Waarvan akte.

Tijdens de rest van de film zien we hoe Sanjuro een strategie uitdoktert om Kikui te slim af te zijn, terwijl de negen samoerai als stuntelende kinderen achter hem aanlopen. De basisdynamiek tussen de personages is dat één van de samoerai een volstrekt idioot idee krijgt, dat alle anderen met veel enthousiasme ogenblikkelijk willen beginnen uitvoeren, waarna Sanjuro eens rustig gromt dat ze allemaal debielen zijn en hen uitlegt wat ze wél moeten doen. Het is uit die wisselwerking dat de film zijn humor haalt. Humor die lang niet zo duister is als die in 'Yojimbo' ('Sanjuro' is in het algemeen een veel minder edgy film), maar die wel werkt op het ietwat bravere, meer conventionele plan waarop de film zich afspeelt.

Hoewel zowel 'Yojimbo' als 'Sanjuro' een breuk met genreconventies betekenden. De doorsnee samoeraifilm bracht in die tijd bijna zonder uitzondering eerbetoon aan de traditionele visie op de samoerai. Een samoerai was een plichtsbewuste, eervolle man die zou sterven voor zijn heer en leefde volgens strikte normen van onzelfzuchtigheid en morele reinheid. En dan krijg je Toshiro Mifune binnen: een samoerai zonder heer, die continu loopt te geeuwen en te krabben, die vecht voor voedsel, onderdak en geld en die - voor zover dat af te leiden valt aan de reacties van de andere personages - blijkbaar een weinig verheven taal gebruikt. Sanjuro is alles wat een samoerai niét hoort te zijn, maar in 'Yojimbo' was hij wel zowat het enige morele personage in een totaal gecorrumpeerd dorpje. 'Sanjuro' is een minder cynische film, en we krijgen dan ook een klassieke onderverdeling tussen "de goeien" en "de slechten". Maar het blijft wel duidelijk dat die gerateerde samoerai heel wat slimmer en bekwamer is dan de negen rechtschapen, goed bedoelende maar o zo naïeve schapen die hij onder zijn hoede neemt. In een traditionele samoeraifilm zouden de negen clansamoerai de helden zijn geweest. Hier verwringt Kurosawa die tradities en legt hij de heldenrol juist bij een personage dat helemaal tegen dat conventionele beeld ingaat.

Die tegenstelling brengt hij ook visueel tot uitdrukking, door de negen samoerai continu in strakke patronen te plaatsen: ze zitten op een rijtje, in een cirkel of in paren tegenover elkaar, maar ze zijn altijd erg bewust en mathematisch in beeld gebracht. Sanjuro, als enkeling, beweegt zich daarentegen losjes door hen heen, waarmee visueel wordt benadrukt dat hij apart van hen staat, dat hij ver verwijderd is van de groepsmentaliteit en de kuddegeest van de anderen. Zoals steeds, benut Kurosawa elke centimeter van zijn scherm om prachtige composities te tonen: hij gebruikt - opnieuw, geheel volgens gewoonte - een telefotolens, zodat hij zijn camera een heel eind van de acteurs weg kan plaatsen en toch close-ups kan nemen. Zo'n lens geeft ook een vervlakking van het beeld: je kunt twee acteurs meters uit elkaar zetten, maar het lijkt alsof ze vlakbij elkaar staan. De regisseur heeft die techniek eigenlijk zowat z'n hele carrière lang gebruikt om actie mee te filmen - bepaalde shots van Toshiro Mifune die door het duistere bos rijdt in 'Throne of Blood' zijn goeie voorbeelden - maar hier krijg je echt enkele pareltjes te zien: een shot tijdens de eerste actiescène, waarin Mifune vier of vijf tegenstanders tegelijk uit de hut van de samoerai kiepert, is ronduit magnifiek. Kurosawa filmt van achter de rug van Mifune, de slechteriken komen aangelopen en Mifune gaat tegen hen in. In de praktijk waren ze waarschijnlijk nog een meter van elkaar verwijderd, maar door Kurosawa's gebruik van een telelens krijgen we een erg dynamische, energieke indruk. Truken van de foor, noemen ze dat dan.

Mifune voelde zich zelden beter in z'n vel dan in zijn rol van ruftende samoerai. Hij trekt constant een geërgerde smoel, alsof hij net wakker is en liever wilt dat iedereen hem met rust laat en enig respect voor de sociale rangorde is hem vreemd. Mifune beweegt zich over het scherm als een olifant in een porseleinwinkel; elke stap die hij zet straalt uit: "Pas op, want hier ben ik, iedereen uit de weg." Mifune was altijd al de man van het charisma, meer dan van de diepgang, en voor dit soort film werkt dat perfect.

Uiteindelijk is 'Sanjuro' een avonturenfilm, die maar weinig claim legt op diepzinnige ideeën (net als 'Yojimbo'). De blik op de samoerai is origineel en de wijze les dat je mensen niet mag afrekenen op hun looks hebben we natuurlijk allemaal in ons boekje genoteerd, maar verder is dit vooral fun. Technisch perfect in elkaar gestoken, ongegeneerde fun.

E-mailadres Afdrukken
 
Sanjuro
Japan / 1962
Regie: Akira Kurosawa
Scenario: Ryuzo Kikushima; Akira Kurosawa; Hideo Oguni
Met: Toshiro Mifune; Tatsuya Nakadai; Masao Shimizu; Takako Irie
Duur: 96 min.


Uit ons archief
Banner

TEST