Banner

The Bad Sleep Well

6.0
Dennis Van Dessel - 12 juni 2007




Zelfs binnen het canon aan eigentijdse Kurosawafilms (die, met de mogelijke uitzondering van 'Ikiru', toch al nooit écht de standing hebben gekregen van zijn period pieces), is 'The Bad Sleep Well' een ietwat over het hoofd geziene prent, continu overschaduwd door de reputaties van de films die ervoor en erna kwamen. Dit thriller-drama over corruptie in de bedrijfscultuur kwam vlak na het onwaarschijnlijk succesvolle 'The Hidden Fortress' en zou opgevolgd worden door het legendarische samoerai-tweeluik 'Yojimbo' en 'Sanjuro'. Bijgevolg is 'The Bad Sleep Well' een beetje tussen de voegen geglipt. En inderdaad, het is zeker niet Kurosawa's beste film, die te lijden heeft aan een nogal onhandige structuur. Maar dat is nog geen reden om 'm te negeren.

'The Bad Sleep Well' is één van Kurosawa's meest expliciete "boodschapfilms". De regisseur is z'n hele carrière lang bezig geweest met sociaal bevlogen thema's, maar wist als geen ander dat in een dramatisch werk de personages en het verhaal voorrang moeten krijgen. De voornaamste reden waarom deze film althans gedeeltelijk faalt, is dan ook dat Kurosawa ditmaal duidelijk vertrokken is vanuit de gedachte: "oké, ik wil iets doen over corporate greed. Wat voor verhaaltje kan ik daarrond spinnen?" De resulterende intrige is ditmaal niet rechtstreeks afkomstig van Shakespeare (zoals bij 'Throne of Blood' en 'Ran'), maar vertoont toch duidelijke overtonen van 'Hamlet': de zoon van een vermoorde vader wil wraak nemen op diens doders.

De film opent met het huwelijk tussen Koichi Nishi (Toshiro Mifune) en Keiko (Kyoko Kagawa). Keiko is de dochter van Iwabuchi (Tatsuya Mihachi), één van de grote bazen bij Grondbeheer, de overheidsinstelling die bepaalt hoe onroerend goed wordt verdeeld en welke corporaties erop mogen bouwen. Iedereen gaat ervan uit dat Nishi enkel met Keiko trouwt om hogerop te raken in Grondbeheer, maar Nishi is iets anders van plan. Het huwelijk vindt immers plaats in het midden van een corruptieschandaal rond Iwabuchi en zijn collega's. De hoge piefen zouden drie miljard aan smeergeld achterover hebben gedrukt op een bouwcontract (zo'n beetje de Agusta-affaire, maar dan met grond), en kleinere garnalen die door de politie worden ondervraagd, hebben de eigenaardige gewoonte om zelfmoord te plegen. Wat niemand weet, is dat Nishi's vader jaren geleden zelf het slachtoffer werd van een gelijkaardig schandaal. Hij sprong - of werd hij geduwd? - uit het raam van zijn kantoor. Nu is Nishi vastbesloten om de nieuwe zaak te gebruiken om Iwabuchi en de andere verantwoordelijken ten val te brengen.

Kurosawa heeft nooit een hoge pet opgehad van grote bedrijven - veel van zijn films laten zich bekijken als de strijd tussen een individu en een organisatie of hogere autoriteit, waarbij het individu vaak vertrappeld wordt. De samoerai in zijn bekendste prenten zijn eenzame figuren die geconfronteerd worden met georganiseerde bendes, symbool voor modernisering en ontzieling. Films als 'The Lower Depths' en 'Dodes'ka-den' tonen dan weer de zwaksten in het hedendaagse Japan, die simpelweg vergeten zijn door de hoge meneren die van de samenleving hebben gemaakt wat ze is. In een Kurosawafilm staan de protagonisten alleen (of op z'n best "samen alleen", zoals in 'Seven Samurai'). 'The Bad Sleep Well' is daar ook een voorbeeld van: Nishi probeert het overweldigend machtige bedrijfssysteem van binnenuit te vernietigen.

Het is interessant dat hij dat op z'n minst gedeeltelijk doet door terug te grijpen naar het bijgeloof van vóór het corporate tijdperk. Zoals dat in veel culturen het geval was, vond er in de twintigste eeuw een enorme ontzuiling plaats, eerst met het toenemende militarisme en de expansiedrang die tot de Tweede Wereldoorlog leidde, en daarna met de bedrijfscultuur van 'The Bad Sleep Well'. Het Shintoïsme en Boeddhisme gingen langzaam maar zeker verloren en hebben er tegenwoordig ongeveer dezelfde status als het katholicisme voor de meeste Belgen - we trouwen wel voor de kerk, maar val er ons verder niet te veel mee lastig. In de film verhindert Nishi één van de boekhouders van Grondbeheer om zelfmoord te plegen, zodat hij hem kan gebruiken tegen Iwabuchi. Nishi zorgt ervoor dat de grote bedrijfshaaien die doodgewaande boekhouder af en toe te zien krijgen, met als gevolg dat ze denken een spook gezien te hebben. Daarmee voegt Kurosawa een extra laag toe aan de strijd tussen Nishi en Iwabuchi: het wordt ook de strijd tussen het oude Japan, nu louter nog beleefd door een enkeling, waarin het bestaan van geesten werd aanvaard, en het nieuwe Japan, dat alleen nog met geld bezig is. Kurosawa ontleedt eigenlijk die corporate cultuur en confronteert ze met de tradities die eraan vooraf gingen.

Thematisch is dat allemaal erg boeiend, maar op het niveau van eenvoudige dramaturgie loopt 'The Bad Sleep Well' toch regelmatig mank. Kurosawa begint met een meesterlijke proloog, waarin het huwelijk wordt geobserveerd door een horde journalisten, die gaandeweg uitleggen wie de personages zijn en wat de achtergrond van de plot is. Het is fantastisch om te zien hoe Kurosawa op een kwartiertje tijd al die personages geïntroduceerd krijgt én nu hij dan toch bezig is, meteen heel wat spanning en suspense tussen hen weet op te werken. Het einde van die sequens is meteen al voldoende om je op het puntje van je stoel te krijgen en belooft een schitterende thriller.

Maar daarop is het dus nog even wachten, want de regisseur gebruikt hier een drie-aktenstructuur die niet altijd even goed uitpakt. Tijdens het eerste deel krijgen we Toshiro Mifune nauwelijks te zien, maar volgen we de politieagenten die de corruptiezaak onderzoeken, en de malafide zakenmannen die alles in de doofpot proberen te stoppen. Dit deel van de film is uiteraard belangrijk om de plot vooruit te helpen, maar lijkt ook erg mechanisch. We krijgen niet echt veel reden om erbij betrokken te raken. Dat wordt beter in het tweede deel, waarin Mifune eindelijk op het voorplan treedt en de film een persoonlijke dimensie krijgt. Kurosawa introduceert - eigenlijk wat te laat - emotie in z'n prent, en gelijk wordt het een stuk boeiender. Het is ook hier dat de regisseur aan de slag gaat met één van z'n favoriete thema's: de dualiteit tussen de goeie en slechte kant van de menselijke natuur. Een schurk die ook gewoon een huisvader aan de barbecue is, en een held die de hele film lang een moord beraamt. 'The Bad Sleep Well' wordt beter naarmate hij verder gaat, omdat dit een film is die steeds intenser en intiemer wordt. Deel één toont ons algemeenheden - een onderzoek, een doofpotoperatie. Deel twee vernauwt het perspectief naar de vete van Toshiro Mifune. En in deel drie wordt alles nog kleinschaliger, zodat we in feite nog maar op twee locaties komen en nog maar vier personages zien. Kurosawa begint hier met grove penseelvegen, om daarna steeds kleinere details toe te voegen. Hoe kleiner de details, hoe interessanter de film.

Dat wil dus wel zeggen dat je met een erg problematisch eerste uur zit, en van een regisseur van het kaliber van Kurosawa zou dat eigenlijk niet mogen. Het lijkt wel alsof de filmmaker eerst z'n zegje wilde doen over zijn thema's, en dan daarna pas aan het echte drama is begonnen. Eens hij op gang komt, biedt 'The Bad Sleep Well' knappe cinema, met een sfeerrijke fotografie in de film noir-stijl (bepaalde scènes aan het einde herinneren zelfs aan 'The Third Man'). Maar daarvoor moet je dus wel eerst door dat uur geraken.
E-mailadres Afdrukken
 
The Bad Sleep Well
Japan / 1960
Regie: Akira Kurosawa
Scenario: Akira Kurosawa; Hideo Onugi e.a.
Met: Toshiro Mifune; Kyoko Kagawa; Tatsuya Mihachi; Takashi Shimura
Duur: 144 min.


Uit ons archief
Banner

TEST