Banner

Hoodwinked

2.0
Dennis Van Dessel - 08 mei 2006




En de prijs voor drukste film van het jaar gaat naar 'Hoodwinked', een nieuwe CGI-animatiefilm (alwéér een), waarin het sprookje 'Roodkapje' op de korrel wordt genomen. Geschreeuw, gegil, gegier, gegiechel en gezang op de gekste momenten vormen een frontale aanval op uw trommelvliezen die tijdens de gehele speelduur van 80 minuten geen moment ophoudt. Er zijn rockfestivals die zo'n volume nog niet veroorzaken. Er zijn oorlogen die minder chaotisch verlopen dan deze film.

De opzet lijkt nochtans wel geinig. In het grote sprookjesbos is een mysterieuze dief aan het werk die er zich in specialiseert geheime recepten te stelen. Roodkapje's oma is zowat de laatste inwoner van het bos die nog niet is overvallen. In de stijl van 'Rashomon' krijgen we vervolgens vier versies te zien van het bekende sprookje: Roodkapje zelf (stem van Anne Hathaway) vertelt hoe ze onderweg was naar haar grootmoeder, maar achterna werd gezeten door een onsympathieke wolf, die dan waarschijnlijk ook wel meteen de receptendief zal zijn. De wolf zelf (Patrick Warburton) beweert een onderzoeksjournalist te zijn die zelf achter de dief aanzit en Roodkapje verdenkt. Een houthakker (Jim Belushi) raakt er toevallig bij betrokken en de oma van Roodkapje (Glenn Close) blijkt verslaafd te zijn aan extreme sports.

Voor een kinderfilm is dat een ambitieuze vertelstructuur: we beginnen aan het einde van het verhaal, met de politie die het huisje van grootmoeder binnenvalt en daar een vastgebonden oma, een wolf in drag, een hysterische houthakker en een krijsende Roodkapje aantreft. Vervolgens doen alle personages hun verhaal, wat dus wil zeggen dat we vier keer terugkeren naar het begin en complementaire versies te zien krijgen van dezelfde gebeurtenissen. Dit is bij mijn weten de eerste keer dat een Amerikaanse mainstream animatiefilm het aandurft om een non-lineaire structuur te gebruiken, en hoewel je dat soort experimentjes eigenlijk moet aanmoedigen, vrees ik dat dit voor kleine kinderen wel eens te ingewikkeld zou kunnen blijken. Vooral ook omdat de klassieke versie van het sprookje natuurlijk te simplistisch is om op deze manier te kunnen vertellen: om de 'Rashomon'-structuur te doen werken, hebben de makers er vanalles bijgesleurd. Heel het gegeven van de receptendief is uiteraard nieuw. De houthakker is eigenlijk een mislukte acteur, die van armoe rondrijdt met een busje van waaruit hij schnitzels verkoopt. En oma is weinig minder dan de Vin Diesel onder de oude dametjes (Triple G), die snowboardt en parachutespringt alsof ze nooit anders gedaan heeft. Het sprookje 'Roodkapje' wordt overladen met nieuwe elementen, en dat chaotische verhaal, dat alle kanten tegelijk uitgaat, wordt vervolgens op vier verschillende manieren verteld. Begin dàt eens uit te leggen aan een zesjarige.

Er zitten leuke ideeën in 'Hoodwinked', daar niet van: het schnitzelliedje is geweldig en Patrick Warburton maakt van de wolf een heerlijk cool personage. Maar die geïnspireerde momentjes gaan totaal verloren in de hysterie van het geheel. Bovendien lijdt de film aan dezelfde ziekte die veel van het CGI-aanbod van de laatste twee jaar plaagt. In navolging van 'Shrek' zijn animatiefilmers er voornamelijk op uit om toch maar zo hip en up to date mogelijk te zijn. 'Shrek' was scherp, snel en onsentimenteel, en in die trant wil men nu verdergaan. Fair enough, maar in de praktijk betekent dat vaak dat alles behàlve die hippe grappen overboord worden gegooid. We krijgen geen tijd om de personages te leren kennen, we krijgen geen emotionele betrokkenheid en uiteindelijk krijgen we zelfs geen verhaal als dusdanig. Het enige dat we wél krijgen, is de ene snelle grap na de andere. 'Shrek' had die snelle grappen, ja, maar hij had ook een sterke verhaallijn en figuren die ons iets konden schelen.

'Hoodwinked' duurt nauwelijks een uur en twintig minuten, maar lijkt veel langer, wat ook weer een structureel probleem met de film is: nadat we de vier verhalen hebben gehoord en de 'Rashomon'-opzet van de film dus ten einde is, gaan de makers nog eens een klein half uur dóór met hun verhaal. Ze slepen er nog een hele derde akte bij, die eigenlijk als een veel te lang uitgesponnen epiloog achter het verhaal aanbengelt. 'Hoodwinked' eindigt en eindigt en eindigt maar - ik zat nog te kijken naar de naam Peter Jackson op de aftiteling.

Bovendien is dit de eerste low budget-CGI animatiefilm, en dat merk je. De personages lijken eerder karikaturen dan volwaardige figuren en de achtergronden zijn al bij al maar weinig vindingrijk. Niet dat dit de doodsteek voor de film betekent: het slordig opgebouwde verhaaltje en het ondraaglijk hectische tempo is daar verantwoordelijk voor.

Ik zit te wachten op een tijd dat de Amerikanen zullen inzien dat je animatie niet enkel hoeft te gebruiken als kinderentertainment of postmoderne "kijk-eens-hoe-hip-wij-zijn" moppentrommel. Het medium staat zoveel toe, waarom zou je daar geen gebruik van maken? Een CGI actiefilm of zelfs een ernstig CGI drama, waarom niet? 'Hoodwinked' is een perfecte illustratie van het doodlopend steegje waarin de Amerikaanse animatie momenteel verzeild is geraakt: wij willen grappig zijn, wij willen bij de tijd zijn en al de rest (inclusief scenario, personageuitdieping en bekwame regie) moet dan maar wijken.
E-mailadres Afdrukken
 
Hoodwinked
USA / 2005
Regie: Cory Edwards; Todd Edwards; Tony Leech
Scenario: Cory Edwards; Todd Edwards; Tony Leech
Met: Anne Hathaway; Glenn Close; Patrick Warburton; Jim Belushi
Duur: 80 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST