Banner

House of Flying Daggers

6.0
Dennis Van Dessel - 23 november 2004




Zhang Yimou heeft, na de zware historische drama's ('Raise the Red Lantern', 'Shanghai Triad'), schijnbaar z'n nieuwe stek gevonden in de Chinese filmindustrie. Na het immens succesvolle 'Hero', keert hij terug naar het martial arts-genre met 'House of Flying Daggers', en ook zijn volgende project zou weer in het teken staan van zijn recent ontdekte liefde voor glimmende zwaarden en zoevende pijlen (of zo beweren althans mensen die menen er iets van te weten). Wie kan het hem ook kwalijk nemen? Telkens Yimou vroeger in z'n relatiedrama's ook maar de minste kritiek liet horen op de Chinese maatschappij, werd hij tegengewerkt en gecensureerd door de authoriteiten. 'Hero' daarentegen, bracht hem in de comfortabele situatie een film af te leveren waar men in eigen land maar weinig tegenin kon brengen, en die internationaal voldoende aantrekkingskracht had om een groot publiek op de been te brengen. Wie kan daar nu nee tegen zeggen? Nu vond ik 'Hero' persoonlijk een ietwat overschat spektakel, visueel meesterlijk maar inhoudelijk zo afstandelijk, zo klinisch dat je er na een uur al wel genoeg van had. 'House of Flying Daggers' gaat in zekere zin verder op de ingeslagen weg - slow motion! zwiepende zwaarden! arrow vision! - maar voegt genoeg nieuwe elementen toe om zich toch te kunnen onderscheiden van z'n voorganger, en zelfs om enkele verbeteringen aan te brengen in de formule.

Het is 859 en in China is de Tangdynastie aan de macht, een corrupt keizerlijk hof dat het land zo slecht regeert dat verschillende geheime organisaties zijn ontstaan om het te bestrijden. Het huis van de Vliegende Dolken is het meest succesvolle genootschap tegen de Tangs, en de ordehandhavers zijn dan ook steeds op zoek naar de leiders ervan. Jin en Leo zijn twee politiekapiteins die reden hebben om te geloven dat Mei, de nieuwe, blinde courtisane van een plaatselijk bordeel, lid is van het Huis van de Vliegende Dolken. Wanneer ze Mei gaan opzoeken om uit te maken waar haar sympathieën precies liggen, komt er een complexe driehoeksrelatie op gang, waarin het nooit helemaal zeker is wie nu op wie verliefd is, wie van de overheid is en wie van de rebellen, wie blind is en wie kan zien.

Een groot probleem met 'Hero', was dat de plot van die film erg gecompliceerd in elkaar gestoken was, met verschillende versies van de feiten die functioneerden binnen een raamvertelling. Die geforceerde structuur ging uiteindelijk tussen de kijker en de film staan, en maakte enige emotionele betrokkenheid bij de gebeurtenissen moeilijk indien niet onmogelijk. In wezen was 'Hero' een liefdesgeschiedenis, maar de zuurstof die dat gegeven nodig had om te overleven, werd continu belemmerd door het gewicht van de moeilijke structuur en de gigantische, bombastische actiesegmenten. In 'House of Flying Daggers' doet Yimou dat beter: de plot is rechtlijniger, meer toegankelijk. De personages veranderen regelmatig van kamp, jaja ("Ik ben eigenlijk een dubbelspion die zich voordeed als rebel die zich voordeed als politieagent!", dàt soort van toestanden), maar de intrige wordt nergens zo overdreven mysterieus als in 'Hero'. Net zoals die eerdere film, is ook 'House of Flying Daggers' in essentie een romance, maar omdat de plot iets eenvoudiger wordt gehouden, wordt het zowaar mogelijk om mee te voelen met de betrokken personages. De liefde tussen de hoofdpersonen in 'Hero' bleef grotendeels theoretisch, het was in ieder geval niet iets waar ik zelf veel bij kon voelen. Hier daarentegen, voel je af en toe iets knetteren tussen de acteurs, er lééft daar iets dat je niet kapot wil zien gaan. Yimou vindt zelfs een beetje tijd voor een lichte humoristische noot, zoals een scène waarin Jin Mei begluurt terwijl ze een bad aan het nemen is - in 'Hero' was humor nog een ongekend principe, we gaan er dus op vooruit.

Inhoudelijk heeft Yimou dus een stap vooruit gezet, maar waar u voor gaat kijken, zijn natuurlijk de actiescènes. 'Hero' was moeilijk te overtreffen op dat gebied, maar de regisseur weet niettemin alweer een paar fantastische momenten uit z'n mouw te schudden. Een scène aan het begin, waarin Mei in het bordeel een "echo-spel" speelt, is ronduit magistraal. Een hele resem trommels (die dingen zullen wel een officiële naam hebben, maar voor mijn part zijn dat trommels) worden opgezet rondom Mei. Er wordt een steentje naartoe geworpen, dat (in bullet-time, uiteraard) door de camera wordt gevolgd terwijl het van de éne trommel naar de andere afketst. Eens het steentje eindelijk op de grond valt, moet Mei in dezelfde volgorde de trommels bespelen. Die scène wordt lang uitgerokken, en de combinatie van camerabewegingen, muziek en montage zorgen ervoor dat die hele sequens een haast hypnotiserend ritme krijgt. We zien de lange mouwen van Mei's kimono door het beeld glijden in slow motion. Die trage, verticale beweging wordt vervolgens gecontrasteerd met de snelle, horizontale beweging van het steentje én met de ritmische, snelle muziek die er wordt gemaakt door muzikanten op de achtergrond. Dat contrast snel/traag, horizontaal/verticaal wordt allicht niet door iedereen bewust waargenomen, je zit daar niet in de bioscoop de volgorde van de shots uit elkaar te halen, maar het onbewuste effect dat die visuele techniek heeft, is onontkenbaar: het ritme van die scène sleept je mee, je wordt overdonderd door die prachtige show van beweging, kleur en geluid. De dans die Mei daar uitvoert (want het is een dans), vloeit bijna naadloos over in een gevechtsscène. Het is prachtig hoe Yimou die overgang georchestreerd heeft, en ook in latere scènes komt zijn esthetische meesterschap keer op keer weer kijken. De actiescène met de bamboestokken! En vooral die finale in de sneeuw! Personages buigen hun lichaam in onmogelijke bochten, zwaarden zijn in staat zelfs een druppel bloed te snijden en de wetten van de zwaartekracht worden vrolijk overboord gegooid. Je weet dat het winter is in de cinema wanneer de Chinezen weer laag overvliegen. 'House of Flying Daggers' ziet er fantastisch uit, een prent om te stelen.

En toch - mijn soort film zal dit waarschijnlijk wel nooit worden, want net als in 'Hero' hebben ook hier de actiescènes weer het effect het hele verhaal vijf à tien minuten lang stil te leggen. Eens de personages met elkaar in de clinch gaan, doen ze niets meer om het verhaal voort te stuwen (ook al is dat verhaal ditmaal interessanter dan het in 'Hero' was). Het gevolg is dat ook 'House of Flying Daggers' weer gaat aanvoelen als een zeer logge, bombastische film die teveel tijd nodig heeft om te geraken waar hij naartoe wil. De fans zullen zich daar ongetwijfeld niets van aantrekken, maar voor mijn part moet een film al héél sterk in z'n schoenen staan indien hij het zich wil permitteren om niét elke paar minuten een of ander nieuw, vers element aan te reiken.

'House of Flying Daggers' is inhoudelijk in ieder geval boeiender dan z'n voorganger en visueel opnieuw adembenemend. Wie tien minuten naar klinkend metaal kan luisteren zonder zich af te vragen wanneer ze eens tempo gaan maken met dat verhaal, weet waar naartoe.
E-mailadres Afdrukken
 
House of Flying Daggers
CH / 2004
Regie: Zhang Yimou
Scenario: Feng Li; Bin Wang; Zhang Yimou
Met: Kaneshiro Takeshi; Andy Lau; Zhang Ziyi; Song Dandan
Duur: 120 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST