Banner

Utøya 22. Juli

7.0
David Vanden Bossche - 15 november 2018

Op 22 juli 2011 pleegde Anders Breivik, een 32-jarige Noor met extreem-rechtse sympathieën, een bomaanslag op de regeringsgebouwen in Oslo. Hij begaf zich vervolgens naar het eiland Utøya, zo’n veertig kilometer voor de kust van de hoofdstad, waar op dat moment een jeugdkamp van de regerende arbeiderspartij aan de gang was en waar hij bijna anderhalf uur lang een bloedbad aanrichtte. Breivik werd ondertussen berecht en veroordeeld, maar zijn daad zindert nog altijd na in de Noorse samenleving die nooit eerder met een dergelijke gebeurtenis geconfronteerd werd. Nu komen er met een interval van enkele weken twee films in de zalen rond de tragische gebeurtenissen uit 2011. 22 July , die begin oktober in de zalen kwam, is van de hand van Paul Greengrass, die eerder al de aanslagen in New York en de protesten in Noord-Ierland dramatiseerde in respectievelijk United 93 en Bloody Sunday. Utøya 22. Juli is een Noorse productie, die hetzelfde materiaal op een andere manier benadert.

De film opent met beelden van bewakingscamera’s die de bomaanslag in de hoofdstad registreerden en verplaatst de actie vervolgens meteen naar het eiland Utøya, waar in een korte proloog het tienermeisje Kaja geïntroduceerd wordt. Regisseur Erik Poppe (The King’s Choice, Troubled Water) en zijn schrijversteam besloten om een fictief personage te creëren gebaseerd op getuigenissen van verschillende overlevenden om zo een gedetailleerd beeld te geven van de gebeurtenissen. De aanslag op het eiland duurde exact 72 minuten en vanaf het moment dat de eerste schoten weerklinken, loopt de filmische tijd ook perfect gelijk met die van het reële gebeuren.

72 minuten lang volgt de camera Kaja, terwijl ze probeert te ontsnappen aan de dader die, verkleed als politieman, zijn moordende aanval op het eiland uitvoert. Dat volgen mag u letterlijk nemen, want de absolute tour de force van Utøya 22. Juli is te vinden in het feit dat Poppe alles in één lange, ononderbroken camerabeweging ensceneert. Bijna anderhalf uur blijft de toeschouwer bij Kaja terwijl ze rent, wegkruipt en probeert te overleven. Poppe bedient zich daarbij niet van de vloeiende bewegingen van de Steadicam, – een esthetiek die de films uit de jaren negentientachtig bepaalde – wel van de meer schokkerige beelden van een handheld camera. Die aanpak werd het afgelopen decennium tot in den treure toe aangewend voor horror- en actiefilms die probeerden te maskeren dat de mise-en-scène nergens op leek, maar is hier wel degelijk op zijn plaats. Het gejaagd heen en weer zwenken van de camera betrekt de kijker in de paniek van het hoofdpersonage en Poppe is een voldoende gelouterd vakman om zich niet te laten verleiden tot misselijk makend geschud met de camera om het effect extra in de verf te zetten. Hij vermijdt ook dat dit louter een point-of-view experiment wordt door Kaja wel degelijk in beeld te hebben en zo van de toeschouwer een extra personage te maken. Was de film een experiment geweest in “POV”, bestond de kans dat de brutale slachtpartij al te veel gelijkenissen zou gaan vertonen met de ervaring van een “first person shooter” uit de gamewereld, een associatie die sowieso opdoemt bij de gedachte aan het gegeven van een schutter die rondwandelt en mensen neerschiet.

De visueel subjectieve aanpak, die toch veraf weet te blijven van enige vorm van sensatiezucht, werkt en evoceert een gevoel van beklemming dat gaandeweg blijft groeien. Voor één keer is ook de mistroostige grijze fotografie gerechtvaardigd (een aanpak die tot vervelens toe Scandinavische misdaadfilms en –reeksen moet voorzien van een gepast deprimerend toontje) : 22 juli 2011 was inderdaad een bijzonder bewolkte dag en het monotone kleurpalet draagt in dit geval dus bij tot een gevoel van authenticiteit. Al die elementen zorgen ervoor dat Utøya 22. Juli nooit het verwijt kan worden gemaakt de tragedie te gebruiken voor een stuk spannend spektakel, maar er integendeel in slaagt een (uiteraard) gedramatiseerde versie te brengen op een zo sereen mogelijke manier.

Toch ligt in de dramatische elementen ook een beetje de achillespees van de film. Omdat het nu eenmaal niet mogelijk is om een prent op te bouwen louter rond het rennen en wegvluchten van de protagoniste, moet het script noodgedwongen een aantal plotlijnen inbouwen. Om die reden heeft Kaja een jongere zus die niet bij haar is wanneer het schieten begint en waar ze de hele film lang naar op zoek gaat. Die verhalende lijn brengt haar in contact met verschillende andere personen, wat hier en daar voor interacties zorgt die niet meteen het sterkste element van de film zijn. Vooral de obligate sterfscène van een meisje dat in de schouder geraakt werd door Breivik sleept al te lang aan en geeft dan toch aanleiding tot een zeldzaam moment waarin Poppe zich vergaloppeert aan enige pathetiek.

Die enkele misstappen niet te na gesproken, is Utøya 22. Juli echter een meer dan geslaagde poging om de gruwel van de aanslag van 22 juli 2011 proberen te vatten in het formaat van een speelfilm.

E-mailadres Afdrukken
 
Utøya 22. Juli
Noorwegen / 2018
Regie: Erik Poppe
Met: Andrea Berntzen, Aleksander Holmen, Brede Fristad, Jenny Svennevig
Duur: 92


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST