Banner

It

7.0
Dennis Van Dessel - 07 september 2017

Na jarenlang op de back burner van Hollywood te hebben gestaan, is Stephen King dit jaar weer helemaal terug. De verfilming van The Dark Tower, bedoeld als de eerste in een lange reeks, werd recent nog een flop, maar op tv scoren de series van The Mist enMr. Mercedes wél erg goed, binnenkort verschijnt Gerald’s Game als Netflix-film en nu is er de langverwachte nieuwe versie van It. Na ettelijke jaren in development hell, met een resem scenaristen en regisseurs die kwamen en gingen, kwam een van Kings beste (en vooral langste) boeken in de bekwame handen terecht van Andy Muschietti, die in 2013 debuteerde met Mama. En die term “bekwame handen” vat de film ook wel een beetje samen: het is een bekwaam gemaakte prent. Niet briljant, niet onvergetelijk, maar exact dat. Bekwaam. Degelijk. Vakkundig gemaakt mainstream entertainment. Niet meer en niet minder.

It speelt zich af in het fictieve dorpje Derry, in Maine, waar elke 27 jaar een verschrikkelijk monster ontwaakt, dat zich enkele maanden lang voedt met de angsten én lichamen van kinderen, om vervolgens weer een kwarteeuw te gaan slapen. Dat monster doet zich voor als de clown Pennywise – in het boek van King omdat die vermomming helpt om kinderen te lokken, wat een faire uitleg is. Welk fucked up kind zich ooit aangetrokken zou kunnen voelen door de freaky horrorclown die Pennywise is in deze film, is echter een heel andere vraag.

Wie het boek heeft gelezen, weet dat King heen en weer gaat in de tijd, tussen de jaren vijftig, wanneer een groepje van zeven kinderen het opneemt tegen It, en de jaren tachtig, wanneer deze personages terugkeren naar Derry als volwassenen, om het monster definitief af te maken. Omwille van de lengte van de roman (die afklokt op dik 1.100 pagina’s), heeft men voor de film besloten om die twee tijdlijnen uit elkaar te trekken: hier krijgen we alleen het verhaal van de kinderen, terwijl het deel van de volwassenen voer is voor film twee. (Omdat het boek ondertussen ook weer dertig jaar oud is, kreeg de structuur ook een logische update: dit eerste deel speelt zich nu af in de eighties, terwijl het vooropgestelde tweede deel in het heden zal plaatsvinden – een update die me verder niet stoorde.) Of die film er ook effectief komt, hangt af van het commerciële succes van dit eerste hoofdstuk, maar gezien de buzz die er op het moment van schrijven rond de release hangt, moeten we daar niet echt aan twijfelen.

Meer dan een simpel huiververhaal, was Kings boek ook een bespiegeling over de leefwereld van kinderen en wat het betekent om volwassen te worden. Een groot deel van de roman (zeker tijdens de hoofdstukken over de kinderen) ging simpelweg over de relaties tussen de personages – hoe vanzelfsprekend ze vriendschappen vormen, de seksuele spanning tussen de jongens en het enige meisje van de bende, Beverly (hier prima gespeeld door Sophia Lillis) en gewoon lange scènes waarin ze samen spelen en de wereld ontdekken. Het was een beetje te verwachten dat dit aspect het eerste zou zijn om verloren te gaan in de verfilming, en jawel hoor. Hoewel Muschietti heel goed weet dat deze thematiek het hart van het verhaal is en hoezeer hij ook zijn best doet om het te bewaren, toch kan hij niet vermijden dat de stillere, intieme momenten deels verloren gaan in het gedrang.

Een paar van dat soort scènes zijn er natuurlijk wél nog, en niet geheel toevallig zijn dat dan ook de beste van de film. Een sequens waarin de vrienden gaan zwemmen en alle jongens met een mix van fascinatie en ontzag naar de schaars geklede Beverly staren, is spot on en erg grappig. Finn Wolfhard, bekend van Stranger Things, speelt grapjas Richie Tozier en zijn sarcastische, vaak vuilgebekte opmerkingen zijn perfect getroffen: dat is dus echt het soort praat dat dertienjarigen uitkramen wanneer ze zichzelf grappiger vinden dan ze eigenlijk zijn. Op die momenten ontwikkelt er zich een overtuigende dynamiek tussen de castleden: we kunnen geloven dat ze vrienden zijn. Ook het duistere, door een horrorfilter gehaalde coming of age-aspect komt deels wel aan bod, met onder andere een scène waarin Beverly maandverband moet gaan kopen en zich geconfronteerd ziet met een torenhoog winkelrek vol tampons. In de beste momenten van het boek had Stephen King het niet over killer clowns of andere fantasiemonsters, maar over de heel reële monsters waar pubers mee te maken krijgen – hun eigen lichaam, het andere geslacht en vooral ook hun ouders.

En ja, dat zit allemaal nog wel in de film… Maar dan op een drafje. Want eigenlijk gaat het hier veel meer over de scares. Over deuren die plots dichtvallen, schaduwachtige figuren die plots verschijnen en natuurlijk Pennywise zelf, die twee uur lang als een duvel-uit-een-doosje tevoorschijn springt uit elke denkbare hoek van het scherm. Muschietti is meer dan vakman genoeg om te weten hoe hij die scènes moet opbouwen en de meeste van die set pieces werken dan ook wel, met een ereplek voor de eerste expeditie van de kinderen in het huis op Neibolt Street, een sfeervolle, creatieve haunted house-sequens die écht klamme handjes veroorzaakt.

Het helpt natuurlijk dat Bill Skarsgard een prima Pennywise is, die een heel andere richting uitgaat met het personage dan Tim Curry destijds, in de tv-film uit 1990. Skarsgard maakt er bij momenten echt een giechelende clown met een hoog stemmetje van, maar kan dan binnen dezelfde scène – soms zelfs binnen eenzelfde regel dialoog – een overgang opbouwen naar volbloed monster. En opnieuw: dat werkt. It is efficiënt geregisseerd, goed geacteerd en technisch niet al te afhankelijk van opzichtige CGI.

Allemaal goed en wel dus, maar Muschietti lijkt de verplichting te voelen om minstens om de vijf minuten zo’n scène in te lassen. De film haast zich van de ene suspense-scène naar de andere, waardoor de kleinere momenten, die momenten waarin we de personages leren kennen en de thematiek zich kan ontwikkelen, haast nagedachten lijken. Misschien is het waar wat sommige critici hebben gezegd en zou It meer geschikt zijn geweest voor een miniserie. Zes of acht afleveringen en tijd genoeg om alles wat te laten ademen.

Maar goed, zoals het is, blijft It een sterke mainstream-thriller, gemaakt door iemand die het genre en de bijbehorende trucs van de foor zeer goed begrijpt. En hoeveel bedenkingen we er misschien ook bij hebben, over een jaar of twee zullen we op de eerste rij staan om deel twee te bekijken.

E-mailadres Afdrukken
 
It
VS / 2017
Regie: Andy Muschietti
Scenario: Chase Palmer; Cary Fukunaga; Andy Muschietti
Met: Bill Skarsgard; Jaeden Lieberher; Sophia Lillis; Finn Wolfhard; Jeremy Ray Taylor; Chosen Jacobs; Jack Dylan Grazer; Wyatt Oleff
Duur: 135 min.


Uit ons archief
Banner

TEST