Banner

Scandal

6.0
Dennis Van Dessel - 13 juni 2007




't Is gek dat wanneer critici en filmhistorici schrijven over Akira Kurosawa's 'Scandal', ze het meestal alleen maar hebben over de satirische blik die de prent biedt op de Japanse rioolpers vlak na de Tweede Wereldoorlog. De invloed van de Amerikaanse cultuur was na 1945 overal voelbaar: de Yanks brachten coca-cola met zich mee, hun muziek, hun films en ook de minder aangename aspecten van the American way of life, waaronder een pers die het niet altijd zo nauw nam met deontologische codes. Met 'Scandal' reageert Kurosawa wel degelijk tegen dat soort van sensationele journalistiek, maar de film is óók nog iets anders, wat misschien wel belangrijker is. Het is een moraliteitsspel, zoals wel meer van Kurosawa's films. En over dat aspect wordt veel minder vaak geschreven, allicht omdat het hele idee van een morele dimensie in films tegenwoordig een connotatie van puritanisme en conservatisme met zich meedraagt. Toch is dat waar 'Scandal' om draait: personages die weten wat ze horen te doen, die weten wat correct is, en dan met de vraag geconfronteerd worden of ze die wetenschap gaan volgen of niet. De conclusie die de regisseur hier trekt, is dat morele beslissingen doorgaans zeer simpel zijn. Wat minder voor de hand ligt, is de moed opbrengen om die beslissingen te nemen en ernaar te leven.

Toshiro Mifune speelt Ichiro Aoye, een kunstschilder die op vakantie in de bergen toevallig kennis maakt met de populaire zangeres Miyako Saijo (Shirley Yamaguchi). Ichiro geeft Miyako een lift op z'n motor terug naar hun hotel en achteraf drinken de twee een volkomen onschuldig glas op het terras van Miyako's kamer. Niks aan de hand, ware het niet dat ze daar gefotografeerd worden door persmuskieten van het roddelblad 'Amour'. De redacteurs van het tijdschrift amuseren zich er kostelijk mee om een liefdesaffaire tussen de twee verzinnen, maar Ichiro is niet van plan om het erbij te laten zitten. Wanneer de aan lager wal geraakte advocaat Hiruta (Takashi Shimura) zich aanbiedt, huurt Ichiro hem in om 'Amour' aan te klagen wegens laster. Eén probleem: Hiruta heeft een dochter met TBC en leeft van pure armoede in een krot. Bijgevolg is hij dan ook erg gevoelig voor omkoperij door de rijke stinkerds van 'Amour'.

Kurosawa heeft hier dus twee doelwitten. Enerzijds gaat 'Scandal' inderdaad over een pers die alle respect voor het privéleven van bekende figuren overboord heeft gegooid. Dat fenomeen was op z'n minst gedeeltelijk autobiografisch: kort voor Kurosawa 'Scandal' maakte, werd er in gelijkaardige bladen geschreven over zijn onbeantwoorde liefde voor een actrice. Hoeveel daarvan waar was, valt nauwelijks nog na te gaan, maar het feit was dat de regisseur behoorlijk pissig werd van die verhalen en dat 'Scandal' duidelijk geïnspireerd is door dat gevoel van "hoe durven ze?". Dat fenomeen wordt duidelijk gelinkt aan de culturele take-over die in Japan langzaam maar zeker aan het gebeuren was door de Amerikanen. Niet alleen heeft het blad 'Amour' een westerse naam, ook Amerikaanse muziek en Amerikaanse motors duiken continu op. Wanneer advocaat Hiruta zijn diensten komt aanbieden aan Ichiro zegt hij: "In Amerika hebben de mensen een huisadvocaat net zoals we hier een huisarts hebben. Zo moeten wij ook gaan denken." Kurosawa biedt dan ook een erg dubbelzinnige blik op die post-oorlogse Japanse samenleving, die schijnbaar niet kon wachten om toch maar zo snel mogelijk westers te worden. De leuke dingen, de materiële spulletjes en de nieuwe vormen van entertainment, hadden schijnbaar wel een prijskaartje. (Kurosawa maakte overigens zelf ook deel uit van die ambiguïteit: Japanse critici verweten hem dikwijls dat zijn films té westers waren.)

Anderzijds wil de regisseur het dus ook hebben over grotere thema's, zoals moraliteit in het algemeen. Vooral in de tweede helft van de film, waarin Hiruta meer aandacht krijgt, komt dat duidelijk naar voren. In een monoloog vertelt hij dat hij zijn hele leven lang eerlijk is geweest, altijd heeft gedaan wat hoorde. En wat heeft hij ervoor in de plaats gekregen? Hij woont in een krot, zijn dochter is doodziek en hij heeft nauwelijks perspectieven. Dan komt daar een kans om over te stappen naar de andere kant - 'Amour' biedt heel wat geld om de zaak willens en wetens te verliezen. Voor het eerst in god weet hoe lang heeft Hiruta de kans om een winner te worden (alleszins financieel). Maar het prijskaartje daarvan is dan wel dat hij geen dag nog geestesrust zal vinden. Kurosawa toont hier het gewetensconflict van een man die in essentie goed, maar zwak is. Do the right thing, zoals Spike Lee ooit zei, maar er zijn niet veel dingen die moeilijker zijn dan dat, zeker niet als je al je hele leven the right thing doet zonder dat het iets heeft opgeleverd.

Die morele crisis (want dat is het), wordt weergegeven in een film die niet altijd even geloofwaardig is. Kurosawa stond hier nog aan het begin van zijn carrière, en zou nog in hetzelfde jaar van 'Scandal' zijn eerste meesterwerk afleveren: 'Rashomon'. Hier is het daarentegen duidelijk dat de regisseur nog niet helemaal weet hoe hij met emoties moet omgaan. Sommige scènes zijn ronduit melig en sentimenteel, zoals één waarin Ichiro en Miyako 'Stille Nacht' zitten te zingen voor Hiruta's dochter, of een scène met nieuwjaar, waarin de advocaat in het midden van een lange monoloog verklaart: 'In 1949 was ik een worm, maar in 1950 gooi ik het roer om!' Bovendien heeft Kurosawa het ook opvallend moeilijk om zijn personages op een subtiele manier geïntroduceerd te krijgen. In de openingsscène zit Toshiro Mifune te schilderen met een drietal dorpsidioten om hem heen. 'Waarom teken je die bergen zo rood?,' vraagt één van de dorpelingen. 'Binnenin mezelf zijn ze rood,' antwoord Mifune, wat allicht diepzinnig kunstenaarschap moet voorstellen. Vervolgens verschijnt Miyako ten tonele - zingend, natuurlijk, want daarvoor ben je toch een zangeres? Die houterige vertelstijl zou Kurosawa zeer snel kwijtraken, en gelukkig maar.

Die gebreken worden echter wel gecompenseerd door een plot die steeds meeslepender wordt, zeker na de introductie van Hiruta. Takashi Shimura blijft zonder twjfel de beste acteur waarmee Kurosawa ooit samenwerkte, en hier weet hij alweer een ongelooflijk krachtige diepgang mee te geven aan zijn personage. Zelfs stroperige scènes weet hij toch een voelbare oprechtheid mee te geven, zodat ze, bijna ondanks zichzelf, toch wérken. Het tempo zit overigens meer dan goed en de beeldvoering van Kurosawa is onberispelijk zoals altijd - let op die deep focus shots en de kadrering tijdens de openingssequens.

'Scandal' is een film waarin Kurosawa nog volop leergeld aan het betalen was als onafhankelijke regisseur. Hij had zijn thema's, hij had zijn acteurs en hij had zeker al het talent om boeiende verhalen te vertellen op een intelligente manier. De meligheid waarmee dat hier soms gepaard gaat, zou hij later nog afleren.

E-mailadres Afdrukken
 
Scandal
Japan / 1950
Regie: Akira Kurosawa
Scenario: Tyuzo Kikushima; Akira Kurosawa
Met: Toshiro Mifune; Shirley Yamaguchi; Takashi Shimura
Duur: 104 min.


Uit ons archief
Banner

TEST