Skate Kitchen

In Skate Kitchen (2018) volgen we niet de wereld van de coole Rocket Power kids onder ons, maar die van jonge vrouwen die naast het skaten en elkaar weinig nodig hebben om de wereld aan hun voeten te leggen.

Regisseur Crystal Moselle schemert met haar werk tussen documentaire en fictie, en volgt ook in Skate Kitchen het gelijknamige, echt bestaande New Yorkse skatecollectief. Ze bouwde haar film naar verluidt op rond het verhaal van de timide Rachelle Vinberg, die als Camille de protagonist in dit verhaal over zusterschap vormt. Camille is een muurbloempje uit Long Island, New York. Ze skate er, in haar eentje, honderduit totdat ze na een pijnlijke val gehecht moet worden aan het kruis. Haar conservatieve moeder (Elizabeth Rodriguez) vindt hierin de perfecte reden om haar het skaten te verbieden, maar Camille zet stiekem door.

Scrollend door Instagram komt ze in contact met Skate Kitchen, een groep rebelse meisjesskaters die met hun naam een dikke middenvinger richting hun mannelijke tegenpolen gooien. Die durven namelijk wel eens beweren dat een meisje in de keuken (kitchen) hoort, en niet op de ramps. Camilles gedurfde trucjes vallen bij hen in de smaak, en al snel sluipt ze met uitgekiende smokkelmethodes met board en rugzak naar de New Yorkse binnenstad om met hen te hangen. Naar moederlief stuurt ze steeds dezelfde bibliotheekfoto.

De Skate Kitchen in deze film is dezelfde als het echte collectief, wat een interessante grenswaarde aan de film toedicht: Moselle raakte voor de film geïnspireerd toen ze de meiden tegen kwam op een metro, en liet hen vervolgens een versie van zichzelf spelen. Ook de meeste gebeurtenissen zouden op hun ervaringen zijn gebaseerd. Dat is interessant materiaal – je voelt ook in elke scène de warme band die tussen de tieners hangt. Walmen aan onuitgesproken liefde en gewoonte hangen als dampen doorheen het beeld. Moselle heeft hen dan ook de mogelijkheid tot improvisatie gegeven, en dat voel je: dit is een film waarin elk gesprek gegrond is in realiteit, en daardoor soms zelfs ietwat gewoontjes aanvoelt. Moselle weet die normaliteit echter te gebruiken. Zelden zagen we een coming of age film waarin met zo’n gemak over vrouw-zijn wordt gesproken. De keukenprinsessen zijn niet alleen rebels in het afwerpen van gender-gerelateerde verwachtingen, maar tonen zich een warme uitvalsbasis waarin tampongebruik net zo min taboe is als grensoverschrijdend gedrag.

Die echtheid speelt daarin een grote rol. Bij momenten durft dat cinematografisch echter te floppen. Moselle sluit zich gretig aan bij de strekking binnen Amerikaanse indiefilm waarin een instabiel beeld waarachtigheid dient te suggereren. Al dat skaten wordt vaak in beeld gebracht alsof Moselle zelf, hijgend met een handycam, de meiden al lopend probeert bij te houden. Die nadrukkelijke stijl was niet nodig: de dialogen deden op dat vlak wel genoeg. Met prachtige kleuren en een belichting waarin zelfs de louche drugsfeestjes van het ondergrondse New York een bepaalde poëzie krijgen, weet ze echter vaak een poëtische realiteit uit te lichten. Zelden zagen we overigens een film waar sociale media zonder onze tenen te krullen zo’n grote rol speelde, en net omdat alles verbonden blijft met een zekere waarheid. Moselle stipt het collectief aan en weet hun warmte te weerspiegelen. Ook wanneer Camille haatdragend over haar moeder spreekt, weet Moselle dit in haar zachte beeldvoering te nuanceren. Als kijker ben je je zo soms van meer bewust dan Camille. Skate Kitchen bezingt vrouwelijke verbintenis, ook wanneer de personages ze zelf niet naar waarde schatten.

De vrijheid en warmte geraken echter af en toe verloren in de alt-rock soundtrack, die nu en dan teveel als behangpapier wordt gebruikt – en dan nog van het manipulerende type. Wanneer Camille voor het eerst naar het nieuwe skatepark trekt, horen we al in het overdonderend aanwezige getokkel van gitaren dat hier iets ingrijpend staat te gebeuren. Dat doet onrecht aan de subtiliteit waarmee de (niet professionele) actrices daarna de vriendschap weten op te bouwen. Waar Moselle de stadssymfonie van New York laat klinken werkt dat o zo veel beter. Ook wanneer Jaden Smith als Devon – crush van Camille en ex van Janay (Dede Lovelace) – roet in het zusterschap komt gooien voegt de soundtrack soms te veel overbodige clichés toe.

Skate Kitchen is ondanks wat de start soms doet vermoeden, niet de Step Up van de skaters. Wel is het een door het krakende grind geleidde zoektocht naar vrouwelijke liefde en vriendschap. Het leven zoals het is: jonge vrouwen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in