The Lighthouse

The Lighthouse kreeg in België helaas gene reguliere bioscooprelease. De film is nu gelukkig wel beschikbaar via VOD – een absoluut niet te missen kans.

In 2015 debuteerde Robert Eggers (hij draaide voordien wel al een tweetal kortfilms) met The VVitch, A New England Folktale, een intelligente griezelfilm, belicht als een werk van Vermeer, gebouwd op een schitterende sfeerschepping en doorspekt met een aantal oprecht verontrustende visuele momenten. Hoewel The VVitch geen echt groot publiek wist te bereiken, werd er toch reikhalzend uitgekeken naar de opvolger. Die ging in première op het filmfestival van Cannes, waar de prent prompt – en zeer terecht – de zogenaamde FIPRESCI prijs in de wacht sleepte, de bekroning uitgereikt door de internationale filmkritiek.

Net als zijn voorganger, toont ook The Lighthouse zich meteen als het werk van een cineast met een bijzonder begenadigd oog voor picturale kracht. Van bij opening die laat zien hoe twee mannen (Willem Dafoe en Robert Pattinson) aankomen op een eenzame rots midden in de zee, waar ze de vuurtoren moeten bemannen, vertaalt die begenadigde blik zich in kleine, opvallende dingen zoals het gebruik van een bijzonder en passend beeldkader (1:19) dat de personages opsluit – een idee dat ook terugkomt in veelvuldige extreem hoge horizonlijnen – en vooral in het gedurfde gebruik van zwart-wit: alle contrast lijkt te zijn weggezogen uit het monochrome pallet, waardoor de film enkel lijkt te bestaan uit grijstinten (het effect werd bereikt door het gebruik van een zwart-wit negatief dat weinig sensitief was voor licht, diengevolge zeer felle belichting op de set nodig had in combinatie met het gebruik van filters) DOP Jarin Blaschke belichtte ook al The VVitch, wat te merken valt aan de manier waarop ook hier de lichtinval, vaak via grote ramen, van de Delftse en Haagse school binnen sijpelt en de zeegezichten van Hollandse meesters als Porcellis, terug te vinden zijn in de locatiefotografie. Even belangrijk evenwel, is de schitterende geluidsband, die oorverdovende stilte afwisselt – het contrast verdwenen uit het visuele palet lijkt te zijn overgenomen door het auditieve – met niet aflatende, schrille, knarsende en bonkende geluiden.

De combinatie van al die filmische bouwstenen, maakt van het verblijf van de hoofdpersonages op de kale, eenzame locatie, een beklemmende helletocht. Geen enkele gebeurtenis in de film lijkt onderworpen aan enige logica, behalve dan aan die van de droom. Er zijn allerlei verontrustende details die de werkelijkheid een bevreemdende, surrealistische dimensie schenken, zoals een agressieve meeuw, onder een vreemde hoek gefilmde beelden van het mechanisme dat de lantaarn in de toren draaiende houdt, of close-ups van ogen en blikken. De ‘écriture automatique’ die de surrealistische stroming aanhing en waarbij het onderbewuste zich manifesteerde in beelden, komt ook soms letterlijk bovendrijven, zoals in de manier waarop het weinige licht en het vele grijs elke vage vorm een akelige associatie opleggen. Net als in het late surrealisme is de beeldtaal ook doorspekt met – veelal Freudiaanse – seksuele symboliek en weerklinken er motieven van de akelige creaties van HP Lovecraft, onder andere die uit The Shadow over Innsmouth een verhaal waar The Lighthouse zeker een aantal echo’s van bevat.

Dat die bevreemdende, grillige en soms onsamenhangende aanpak ook werkt, is voor een stuk ook te danken aan het spel van Dafoe en Pattinson. Willem Dafoe is manisch en angstaanjagend, terwijl Pattinson zo mogelijk nog beter is als een man die voortdurend op het randje van de waanzin balanceert (met zijn onthutsende vertolking in Claire Denis’ High Life nog vers in het geheugen kan je trouwens niet anders dan vaststellen dat Pattinson uitgegroeid is tot een van de beste en meest veelzijdige acteurs van zijn generatie). Dat beide hoofdrolspelers zo sterk zijn, helpt ook wanneer de film in het laatste deel de toeschouwer steeds dieper meesleurt in een duistere nachtmerrie waarin flarden van de ‘Prometheus’ mythe en Frazers The Golden Bough gedrenkt worden in pure donkere waanzin.

Hoe goed Dafoe en Pattinson ook zijn – en dat zijn ze! – de echte ster van de film is Eggers, die een aantal verbluffende beelden weet te creëren, bewijst dat The VVitch absoluut geen toevalstreffer was én zich met The Lighthouse meteen kroont tot een van de meest veelbelovende nieuwe cineasten die de laatste jaren zijn opgestaan.

Wie een briljante analyse wil lezen van de technische keuzes die Eggers en zijn fotografieleider maakten, kan zich verdiepen in het stuk van de Amerikaanse filmhistorica Kristin Thompson op de blogsite die ze samen met haar echtgenoot David Bordwell bijhoudt: http://www.davidbordwell.net/blog/2019/11/12/the-lighthouse-a-period-film-with-period-style/

 

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in