Emily Jane White

5 december 2019 Botanique, Brussel

Buiten mag het ijzig koud worden, binnenin brandt een hevig vuur. Emily Jane White, de leading lady van de dark folk, trakteert Botaniques Orangerie op een greep uit haar nieuwe plaat Immanent Fire.

Voor de gelegenheid zijn de tribunes uitgestald: gezeten in de Orangerie, ’t is eens iets anders. Whites nieuwste plaat Immanent Fire nagelt het publiek meteen aan de klapstoelen: een openingssalvo met onder andere single “Washed Away” en “Infernal” zet een toon die een vurige set vol ingetoomde razernij verraadt. De sfeer die White met de nieuwe nummers voor het gewillige Brusselse publiek oproept gloeit warm met een sobere hopeloosheid. Een strakke regie in lichtspel vervolledigt het plaatje.

Als we bekomen zijn van dat openingssalvo, lijkt White haar set een nieuwe richting in te sturen met ouder werk. “Stairs” en “Oh Katherine” zijn op zich wel krachtige nummers, maar live kunnen ze zich precies moeilijk handhaven tussen de overgave die het recentste werk vraagt en krijgt. “Dagger” uit haar eerste album Dark Undercoat is in hetzelfde bedje ziek, want het evenwicht is even zoek. De oudere songs lijken vooral te dienen als intermezzo, als rem op het ontembare vuur dat nieuwe plaat Immanent Fire uitstraalt.

White meent het wel goed, schippert keurig tussen haar instrumenten en gebruikt overal een stem die begeesterend het publiek meesleurt in haar verhalen. Da’s ook geen evidentie, gezien haar vaak fatalistische thema’s. Dat ze haar volledige geluid uit enkel begeleiding door basgitaar en drum moet halen, maakt de taak er niet makkelijker op. Zo missen we wel de meerstemmigheid, die nu ergens verstopt zit in de elektronische achtergrond.

Live trekken de nieuwe nummers ook wel degelijk een grotere streep onder het verleden dan op plaat meteen merkbaar is. Topper “Drowned” en ook “Shroud” brengen meteen spontaan de gepaste gemoedstoestand voor de geest, zonder die verbeelding al te hardhandig te eisen. Vergelijk dat dan met de enorm goeie folkrock die pakweg “The Cliff” hier levert: lekker recht door zee, maar het klinkt meer als een verplicht nummer dan een bewuste keuze om de fans van de eerdere uren te plezieren. Het weergaloos gebrachte “Metamorphosis” maakt het contrast alleen nog maar schriller. Hier krijgen we White op de top van haar kunnen, en meteen het hoogtepunt van de avond.

Uiteindelijk komt er met “The Black Dove” uit They Moved In Shadow All Together wel een song die even beklijvend binnenkomt en bij de keel grijpt als de songs uit de nieuwste plaat. Daar tegenover is “The Gates At The End”, opnieuw uit de laatste, gewoon een gesmaakte afsluiter van de reguliere set. Als toemaat verwent White haar volgelingen met knappe solorendities van “Victorian America”, “Hole In The Middle” en het onvermijdelijke “Wild Tigers I Have Know” – stuk voor stuk prachtsongs waar menig genregenoot een arm of been veil voor zou mogen hebben.

We kunnen Emily Jane Whites passage in Botanique al bij al moeilijk een triomftocht noemen. Er is gestreden, gesmacht, getreurd, gebrand, gebroken en gelouterd, maar “The Black Dove” en de bisronde daargelaten, haalde het innerlijke vuur het repertoire van de duistere nachtegaal een beetje in. In februari zou ze terug in het land zijn: we hopen dat er met de tijd meer evenwicht sluipt in de tournee.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in