Cult Of Luna + Brutus + A.A. Williams

27 november 2019 Trix, Antwerpen

Ja jongens, wat een hattrick in Trix: A.A. Williams die zich als bloedmooie belofte uitte, een Brutus die dit intens tourjaar de mantel der belofte definitief heeft afgezworen en een overweldigend Cult Of Luna dat de gelofte van krachtigste liveband van het moment cum laude heeft afgelegd.

Een mooie opbouw dus tijdens een rotintense muzikale avond die middenriffen brak als krijtjes. A.A. Williams mag het onheil aankondigen tijdens een bloedmooie set die als stilte voor de storm dient. Cult Of Luna was een van de bands die haar inspireerden om zelf met muziek te beginnen, maar zij distilleert haar sound uit de, nodige, rustpunten die die band al eens in en tussen haar orkanen inlast. Ze zweemt naar darkfolk met subtiele postrockaccentjes, en zou het introverte nichtje van Chelsea Wolfe kunnen zijn. Haar debuut is net uit. Het wordt u door een halfvolle, muisstille Trix ten volle aangeraden.

Voor Brutus loopt Trix al stevig vol. Eerder dit jaar stonden ze nog in een eveneens uitverkocht Trix, maar dan de kleine zaal. Toen was de band eigenlijk al zulke locaties overstegen, dankzij de doorbloede, briljante tweede plaat Nest, die voor de nodige verdieping zorgde. Maar de evolutie die dit drietal tijdens hun intens tourjaar heeft doorgemaakt, is zo mogelijk nog straffer: in al die jaren dat we de band volgen, hebben we hen nooit zo strak, zo afgetraind, zo spot on weten spelen. Een set als een machinaal afgestelde kogelregen, die niks aan spontaniteit en speelplezier inboette – het zweet van bassist Peter Mulders gutst tot op de eerste rijen.

Wat een arsenaal songs ook ondertussen: “War”, “Cemetery”, “Horde II”, “Drive”, hoogtepunt “Julia”, met voldoende afwisseling dankzij “Techno” en afsluiter “Sugar Dragon”. Dit is een demonstratie. Stefanie Mannaerts maakt niet teveel woorden vuil aan bindteksten, er moet gespeeld, nee veroverd, worden. “Wij zijn blij hier te mogen spelen. Voilà”, klinkt het. Het open doekje vanuit Trix is het logische gevolg. Brutus is meer dan ooit mee van België’s beste dat op een podium hier en ver daarbuiten te vinden is. Voilà.

En een betere voorbereiding voor de waanzinnige, nietsontziende stormram Cult Of Luna is niet denkbaar. De Zweedse band rond de geëngageerde brulboei Johannes Persson is ondertussen ruim twintig jaar bezig en bevindt zich in meerdere aspecten op een carrièrehoogtepunt. Met A Dawn To Fear brachten ze eerder dit jaar hun misschien wel allerbeste plaat tot dusver uit. Dat werd al aangekondigd met een al even verschroeiende set op Graspop, waar de zevenkoppige band met dubbele percussie zo goed als de rest van de affiche muzikaal naar de kroon stak.

Het was geen toevalstreffer. Wat Cult Of Luna laat horen in Trix, overstijgt elk genre. De band mag dan wel de kroon van de hedendaagse postmetal dragen, maar dat doet hen oneer aan. Net als Amenra overstijgt Cult Of Luna dat ietwat bestofte keurslijf, te danken ook aan het geweldige A Dawn To Fear, waarin Persson z’n bedenkingen bij de al even bedenkelijke staat van de wereld uitschreeuwt tegen een ronduit verplétterende geluidsmuur waarin melodie het krachtige cement is. Ongelooflijk hoe deze band bruutheid aan schoonheid koppelt, wanhoop aan troost, uiterlijk geschreeuw aan innerlijk gefluister.

De schoonheid zit ‘m ook in de uiterst sobere show: een rookmachine draait overuren, al kan het ook gewoon opwaaiend stof en gruis zijn dat de band met z’n verschroeiend geluid de zaal in blaast. Hierdoor staan de bandleden als silhouetten, schimmen op het podium tegen een belichting die net als hun sound alle kleuren van de regenboog verkent. Je ziet de band stampvoetend compléét opgaan in hun eigen orkaan, bezieling is de enige communicatie in de zaal. Persson doet niet aan bindteksten, dat doet hun muziek wel. Hij stapt wel geregeld naar voren om zich ervan te vergewissen dat de band raak treft. Dat zal nog niet. Voor hem steevast het sein om nog een laag extra op het geluid te plamuren of z’n eeuwige oerschreeuw nog kracht bij te zetten. Imposant, verder komt Van Dale niet. We hebben nochtans lang gezocht.

Er is ook geen ruimte voor applaus in één lange trip van 100 minuten, waarin de ene met de ogen dicht in trance verkeert, de andere met ogen open, nog anderen bewegen als stropoppen op de muzikale 12 beaufort. Daar is de setlist niet vreemd aan: Cult Of Luna put uit hun drie sterkste platen (A Dawn To Fear, Vertikal en Somewhere Along The Highway), en pikt uit hun laatste ook nog eens de allersterkste nummers die zo hoofd, romp en benen van de set uitmaken, met het kwartier lange “Lights On The Hill” als absolute climax. Halverwege de epiek van dat sleutelnummer laat een van beide drummers even z’n hoofd op de vellen rusten tussen twee apocalyptische roffelpartijen door.

Een concert van Cult Of Luna zalft en slaat, rolt alle voor- en tegenspoed van het leven op in één sloopkogel en ontziet je niet. Net daarom verlang je naar méér, hoe uitgeteld je ook tegen het canvas ligt aan het einde. Dat komt ook door de telkens weer geduldige opbouw, in parels als “In Awe Of” of klassieker “Finland”, zodat de impact van die ultieme uitbarsting weer totaal is zonder dat het een trucje wordt. Het is dan ook bedremmeld de zaal uitlopen als de lichten weer aangaan, met een zieltje dat eerst weer verfrommeld, dan gespoeld en ten slotte gestreken is. En dat door een band die qua oerkracht even moeilijk zijn gelijke vindt als Van Dale een synoniem voor dooddoeners als “overweldigend” en “imposant”. Net als genres overstijgt Cult Of Luna de gesproken taal. Waanzin.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in