Le Guess Who? 2019 :: Vergeet wat je weet over festivals

Ja, dat is Björk op de foto. Haar onverwachte aanwezigheid op het festival bevestigt nog maar eens dat Le Guess Who? een event is waar zowel bezoeker als topartiest tonnen inspiratie uit kunnen halen. We doen een bescheiden poging om aan de hand van één uit de wel tien mogelijke festivalparcours te vertellen waarom Le Guess Who? zo bijzonder is.

Twaalf jaar geleden was de buzz rond Canadese bandjes (bedankt, Arcade Fire) op z’n hoogtepunt, dus leek een festival eraan wijden in studentenstad Utrecht niet eens zo’n gek idee. Enter Le Guess Who?, vernoemd naar een matig bandje uit de jaren ’70 dat al lang in de vergetelheid is geraakt. Dat klopt, LGW is op een soortgelijke manier ontstaan als The Rolling Stones. Ooit een coverband, weet u wel.

Net als de Stones zowat ’s werelds bekendste band is, wordt LGW door veel van onze collega’s tot de betere festivals op de planeet gerekend. De cijfers achter zo’n stevige claim liegen er ook niet om: 40 podia, meer dan 200 artiesten, een multidisciplinair randprogramma en twee satellietfestivals. Dat alles verspreid over vier dagen met zo’n 5000 bezoekers per dag.

Belangrijker nog dan de structurele diversiteit van het programma, is het aanbod aan genres. Alles, maar dan ook alles komt aan bod. Niet alleen stijlmatig, maar ook in de tijd. Vorig jaar brak Black Midi er door en dit jaar is een 75-jarige Pakistaanse zanger één van de uitschieters. Je kunt het zo gek niet bedenken of het staat op LGW. Met telkens één belangrijke rode draad: kwaliteit.

Keuzes, keuzes, keuzes

Slechte keuzes maken, kan hier bijna niet. Alle optredens en randactiviteiten zijn op z’n minst boeiend. Eén keer valt het tegen: Holly Herndon komt PROTO halfslachtig – aanvankelijk zelfs zonder Colin Self – presenteren, terwijl ze door liefst drie van de curatoren gekozen is om op het programma te staan. Haar sterke show op Unsound indachtig, is dit een aanfluiting.

Jammer, want het meerstemmige pareltje dat zo’n PROTO-uitvoering op volle kracht is, sluit goed aan bij een terugkerend patroon op deze LGW. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de meest unieke popstem van een generatie inspiratie weet te vinden op zo’n festival. Ze komt uit IJsland en staat deze week in Brussel, maar wil ook graag haar meest beluisterde plaatjes van het moment laten horen aan een paar honderd gelukkigen in de Cloud 9-zaal.

Het gerucht dat er iets groots op til is, doet al even de ronde. Pas een uur voor aanvang wordt haar naam ook écht gefluisterd (en vooral niet ge-appt, om een stormloop te vermijden). Wij dus in allerijl weg uit de Ronda, waar Ayalew Mesfin net van wal steekt. Het stukje Tyondai Braxton (denk Autechre die footwork maakt) dat we meekrijgen in de Cloud 9 is dan weer lekker meegenomen.

Le Guess Who heeft geen wereldster nodig

Björk is zeker geen fenomenale dj, maar het moet gezegd: wat een dijk van een playlist. Bijna 54 jaar jong, maar luistert naar een ton relevante en diverse – vooral jonge – muziek, waaronder opvallend veel vrouwelijke artiesten. Zelf kunnen we met name de keuze voor Caterina Barbieri en de (bijna)-hardstyle tracks ten zeerste waarderen. De bizarre sfeer -een mix van ongeloof en borderline hyperventilatie – en het feit dat Björk de facto niet zichtbaar is achter een rij planten (maar wel in vol ornaat staat te dansen achter haar decks) maken deze ervaring af.

Het zou prachtig zijn als Björk in 2020 de curator van LGW wordt, al heeft dit festival geen grote namen nodig om dromen waar te maken. Dat doet het namelijk al door volop de kaart te trekken van de uniciteit. Kali Malone die op het orgel van de grote zaal mag spelen? Got it. Het trio Caspar Brötzmann MassakerGodfleshEarth in één zaal en op dezelfde avond programmeren? Roll over, Walter Roadburn. En zo kunnen we nog even doorgaan.

Op die eerste harde avond komen we graag terug, want los van een wat suf Earth keren we vrolijk met murw gerammelde trommelvliezen terug naar de AirBNB. De dag nadien doen Girl Band en vooral Lightning Bolt het nog eens over, zij het tien keer platter. Vooral Caspar Brötzmann maakt indruk met zijn powertrio-versie van Swans en een niet aflatende sinistere cadans van noise en in Deutsche Gründlichkeit gedrenkte tristesse.

Godflesh slaagt er niet in om een uur lang de spanningsboog vol te houden, wat ook logisch is met zo’n drumcomputer. Begin en einde zijn wél ontzettend raak, tot op het punt dat ook het aanwezige metalpubliek even moet slikken. Op dit festival lopen overigens mensen rond van allerlei allooi, want LGW fungeert vaak als recap van veel hoogtepunten die we eerder op andere festivals konden zien.

Exclusief

Maar dat is slechts één facet. LGW draait namelijk steeds meer om grenzen verleggen en dingen op poten zetten die nog nooit gedaan zijn. Het is prima om de toekomst te kunnen zien en een best of van alternatieve acts uit recente tijden voor de kiezen te krijgen, maar in geval van twijfel is gaan voor wat je nooit eerder zag en wellicht ook nooit opnieuw zal zien, het overduidelijke devies.

En één naam op de affiche beantwoordt meer dan wie dan ook aan dat principe: Ustad Saami. Hij past in het rijtje unieke LGW-namen dat met de jaren steeds langer wordt: Anoushka Shankar, Pauline Oliveros of Linton Kwesi Johnson zijn voorbeelden van acts waar 90 procent van de bezoekers anders nooit mee in aanraking was gekomen. Soms valt het ook tegen, is er te veel hype, of is de artiest gewoon te oud geworden. Saami en zijn zoons/neven maken het echter helemaal waar.

De Jacobinkerk vult zich in ijltempo wanneer producer annex promotor Ian Brennan een praatje houdt over zijn – scherpe – visie op muziek buiten de westerse wereld en hoe deze systematisch en structureel wordt gemarginaliseerd. Het is via hem dat Saami na bijna driekwart eeuw zijn levenswerk op een album (voor wat het waard is) kon vastleggen. Dat heet: khayál. Een kunst die letterlijk met hem zal sterven. Niet voor niets valt dit optreden onder de festivalreeks ‘Hidden Musics’.

Saami gebruikt 49 noten (yep, elke noot heeft een eigen toonladder), maar dat is ook maar een poging om in westerse muziektermen uit te drukken wat hij precies doet. Wat we hier te zien krijgen, is niets meer en niets minder dan een van de meest indrukwekkende vocale prestaties die een mens vandaag kan beleven.

Van bij de eerste uithalen rollen er salvo’s kippenvel door de kerk heen; zijn zoons (of moeten we zeggen discipelen) doen een poging om tot zijn niveau te komen, maar dat is onbegonnen werk. De zachtaardige blikken die op het podium worden uitgewisseld telkens de pater familias hen voor een onmogelijke opdracht stelt, spreken boekdelen. Hier zit een man die eindelijk – relatief vrij van vervolging – honderden mensen bijna tot tranen toe kan bewegen en daar zelf ook merkbaar dankbaar voor is. Onvergetelijk.

Terug naar de aarde

Wat kunnen we hier nog tegenover zetten? Wel, Petbrick natuurlijk. Ofte het tongue-in-cheek-noiseproject van Igor Cavalera. Het zit zo: Igor drumt zich de pleuris in de Pandora-zaal om half drie ’s ochtends terwijl een handvol dronken bro’s een pathetische moshpit opstarten. Fijn!

Evenmin ontsnapt LGW niet aan de actualiteit. Eens te meer is Moor Mother de artiest van dienst om iedereen een geweten te schoppen, hoewel ze in haar rol als MC bij ZONAL (het duo The Bug-Justin Broadrick) laat horen dat ze naast spoken word ook echt kan spitten. Ze doet bij vlagen zelfs denken aan Zack de la Rocha, al blijft het net als bij de andere MC van dienst, Nazamba, allemaal wat inconsistent en wordt het naar het einde toe zelfs langdradig. Ondertussen genieten we van de bijna onaardse herrie die door de twee amp stacks vooraan het podium geblazen wordt.

De Ronda is een epicentrum binnen het epicentrum van LGW. Het is de meest toegankelijke zaal van het Tivoli Vredenburg-complex, ofte een concertzaal multiplex die uniek is in de wereld en die tijdens zo’n festival feitelijk verandert in de hemel op aarde. Want je hebt dus een concertzaal met daarin nog meer concertzalen.

Reden te meer om op zaterdagavond twee traditionele Jamaicaanse sound systems neer te plempen die onverantwoord luid een greep uit Jah Shaka’s onuitputtelijke collectie de Ronda inblazen. Een perfecte pauze tussen andere optredens elders in Tivoli door.

Tocht door het donker

Soms moeten we de veilige en vertrouwde Tivoli-cocon verlaten om richting obscure zaaltjes en minder comfortabele veredelde café’s te trekken, maar zonder die plekken zou LGW absoluut niet dezelfde meerwaarde hebben. Zo gaan we zondag koffie drinken in BAK, waar je naast een expositie bezoeken ook een aandoenlijk mooi optreden van Ed Dowie kan zien.

Theater Kikker is nog zo’n favoriet van ons, hoewel de kleine zaal (niet veel meer dan een bezemkast) echt niet volstaat voor Scattered Purgatory, een act uit Taiwan die dankzij een opvallende performance veel aandacht krijgt. Het klinkt verder ook goed, tussen post-rock en ambient in. Af en toe doet het zelfs denken aan This Kind of Bird Flies Backwards, de performance waar Amenra de live-soundtrack van bezorgde.

In de grote zaal van Theater Kikker ziet een dun publiek vervolgens een half dozijn gitaren horizontaal gemonteerd. Klang Ensemble speelt een speciaal voor hen geschreven stuk (van Ivan Vukosavljevic) dat spanning tekort komt maar qua klankrijkdom tot het beste behoort dat we dit weekend zien.

In de daaropvolgende tocht van de feeërieke Oudegracht terug naar Tivoli komt het Sodom & Gomorra van het Utrechtse uitgaansleven ons tegemoet. Ook voor dat soort prachtige contrasten moet je tijdens LGW in Utrecht zijn. Een mooi moment om even stil te staan bij het feit dat we doodleuk de expositie van James Merry (de maskerleverancier van Björk, jawel) skippen en alweer vergeten zijn dat LGW tig curatoren en samenwerkingsverbanden heeft die we helemaal niét te zien of te horen krijgen. Of dat Jenny Hval tijdens Ustad Saami tijdens FIS tijdens Aldous Harding speelt. Soms is het een heuse opdracht om op dit festival even je hoofd leeg te maken en gewoon een biertje te drinken.

Atletisch en onbevreesd

Had Björk voor haar set een field recording van copulerende giraffen gebruikt, het publiek zou er net zo goed van gesmuld hebben. Op een soortgelijke manier slaagt LGW erin om casually vijfhonderd mensen te verleiden om naar een performance-stuk voorzien van abstracte a-muziek te gaan. Patrick Higgins is een van de curatoren en doet naast AEAEAE (de Nicolas Jaar-groupies haalden het einde van die set vast niet) ook moeilijk met zijn Dossier X-project.

We zien atletische en vooral onbevreesde dansers die een niet zo verstaanbare boodschap brengen. Het contrast tussen hun expressieve bewegingen en het schaamteloze geneuzel van Higgins werkt niet alleen op de lachspieren, het werkt ook écht. Vraag ons niet hoe of waarom, maar dat is kennelijk de magie van dit festival.

Nog in De Grote Zaal krijgen we op zondag een van de hoogtepunten van deze editie: Nivhek. Ofte Liz Harris (Grouper dus) die de overgang van ambient folk naar, euhm, ambient maakt? Hoe dan ook, de kenmerkende esoterische zang, de piano (een instrument dat ze tegenwoordig helaas maar zelden meer gebruikt) en de noise-uitbarstingen resulteren in een alweer impactvolle ervaring. Je kunt er met Liz Harris nooit precies je vinger op leggen, maar het blijft wel hangen.

Vrijdag zorgt King Midas Sound voor een soortgelijk gevoel in de Janskerk: spartaanse uitvoeringen, geen enkele ruimte voor lichtzinnigheid. Alles is troebel, alles is onzeker. Zelden zijn de gevoelens rond liefdesverdriet zo accuraat uitgedrukt als in deze combo van ambient en spoken word. Dit was rààk, zelfs al heeft het publiek dat kennelijk niet door.

Kevin Richard Martin (aka The Bug en eindbaas onder de curatoren dit jaar) doet het kunstje op zondag nog eens over, samen met Hatis Noit in die prachtige Hertz-zaal. Een wereldpremière die niet zo luid wordt als we hadden gehoopt, maar wel live ambient van een ongekend niveau brengt. Er valt zoveel te ontleden aan deze performance, dat de eerstvolgende kans om deze uitvoering opnieuw te zien, niet te missen valt. The Bug is nog steeds een onderschat producer en toont in dit stuk vooral zijn live-kunde.

Verder geen gedoe

Wat dit jaar anders (lees: beter) is op LGW, is de omkadering van de optredens: het juiste publiek op de juiste plaats. In het verleden zouden praatgrage dagjesmensen die nooit de Hertz-zaal vanbinnen hebben gezien al eens roet in het eten gooien, maar deze editie is ondanks recordaantallen bezoekers ontzettend beschaafd. Geen enkele keer maken andere concertgangers de ervaring slechter, iets wat anno 2019 – zeker in Nederland – een klein mirakel mag worden genoemd.

De illustratie daarvan vindt plaats in een overvolle Pandora (normaal dé hotspot voor bandjes) die helemaal overstag gaat voor Tropical Fuck Storm ofte het vervolg op die andere fantastische band, The Drones. Het Drones-geluid hoor je er nog doorheen, maar met name de twee vrouwelijke bandleden zorgen voor een catchiness en dynamiek waar praktisch elke origineel klinkende band vandaag naar streeft. Noteer deze alvast voor Best Kept Secret en dergelijke meer. Want ja, er mogen op Le Guess Who? ook “gewoon” bandjes staan. Die toegankelijk zijn. Met nummers en zo.

Ook bij Murcof (denk GAS, maar dan nog subtieler) is de nochtans voor geouwehoer beruchte Cloud 9 gewoon muisstil. Het zorgt voor een onverhoopt hoogtepuntje en komt zo in de rij van andere aangename verrassingen die mee dankzij een optimale sfeer, timing en locatie zijn ontstaan. LGW verdient hiervoor alle lof, want op andere edities liep het wat dat betreft al eens mis.

Natuurlijk zijn er ook dit jaar minpunten, los van de onmogelijke keuzes en het overaanbod. We missen nog steeds edities als 2014 of 2015, waarin Swans, Einstürzende Neubauten, Kamasi Washington of The Notwist gewoon twee uur mochten spelen. Maar Le Guess Who? is definitief een ander festival geworden. Het heeft gekozen voor een geheel eigen pad dat door niemand anders wordt betreden en het speelt een fundamentele rol in de democratisering van muziek.

Het is niet zo dat een vooral wit publiek automatisch bewustzijn verwerft op LGW, maar de artiesten zélf zijn de eersten die mee profiteren. Dat zorgt dan weer voor een rijker muziek- en cultuurlandschap en dus ook voor een beter en toegankelijker aanbod op andere plekken. Het werk is echter nooit af. De oneindige zoektocht naar de perfecte festivalformule zorgt ervoor dat LGW toonaangevend blijft op ontelbaar veel gebieden en enkel maar beter kan worden in de edities die volgen.

Foto: Le Guess Who?

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in