After the Wedding

After The Wedding opent met een generisch luchtbeeld van een Indische tempel, waar de Amerikaanse Isabel (Michelle Williams) lokale weeskinderen verzorgt en meditatielessen geeft. Het is meteen de aanzet tot een film die met zijn diepmenselijke waarden opzichtig te koop loopt maar inzake filmisch raffinement weinig of niks te bieden heeft.

Wanneer het verhaal aanvangt dient Isabel – zeer tegen haar zin – het jongetje dat ze onder haar hoede heeft genomen achter te laten om naar New York terug te keren, alwaar ze haar organisatie kan gaan bepleiten bij een rijke weldoenster (Julianne Moore) die zal beslissen over een aanzienlijke donatie. Wanneer Isabel uitgenodigd wordt op het huwelijksfeest van de aangenomen dochter van de schenkster, blijkt dat haar vroegere liefde de partner is van de rijke onderneemster en dat de dochter in kwestie het – intussen volwassen – kind is dat ze samen hadden en dat in theorie zou worden afgestaan voor adoptie, een beslissing waar haar toenmalige geliefde duidelijk op is teruggekomen zonder Isabel ooit op de hoogte te brengen.

Dit soort familiedrama , gelardeerd met onderhuidse spanningen en geheimen, levert in de handen van grote cineasten – Claude Chabrol of grootmeester Éric Rohmer – scherpzinnige en ook cinematografisch intelligente cinema op, maar geregisseerd door de kleurloze Bart Freundlich (The Myth of Fingerprints) is dit een mislukking van formaat (en dat was het ook al in de originele versie van Susanne Bier uit 2006). Freundlich – in het echte leven de echtgenoot van Moore –  heeft geen idee hoe hij enige filmische dynamiek moet brengen in het materiaal en de foeilelijke fotografie van Julio Macat overdrijft dermate in bewust gedempte kleurtjes, dat ze even vals oogt en klinkt als de rest van deze doorzichtig manipulatieve film.

Aangezien Freundlich ook meeschreef aan de nieuwe versie van het script, is het duidelijk wie schuld heeft aan dit verwaarloosbare filmpje dat op schaamteloze wijze de emoties bespeelt en ons voorgekauwde levensfilosofietjes serveert over de tegenstellingen tussen arm en rijk, tussen pragmatiek en idealisme. Dat ook kunst erbij wordt gesleurd (de voormalige partner van Isabel grossiert in abstracte sculpturen) dikt alles nog eens extra aan: de blonde Isabel is een idealiste met een neuspiercing die saris draagt , maar wel moet leren inzien dat er ook andere waardevolle manieren zijn om haar idealen na te streven. Alles aan de film klinkt vals en onoprecht, een enkel subtiel moment zoals het terugzien van de voormalige geliefden niet te na gesproken – zowat de enige scène waarin de regisseur zijn hand niet overspeelt en een contrapunt voor het moment waarop Williams beseft dat de bruid haar dochter is, wat met zwaar aangezette strijkers en dito beeldtaal wordt duidelijk gemaakt. Op zich is dat een jammere zaak, want ergens heel diep onder deze puinhoop van een film, ligt een oprechte bespiegeling verborgen over het maken van levenskeuzes, die helaas een cineast vereiste met oneindig veel meer gevoel voor subtiliteit en nuance dan Freundlich kan opbrengen.

Er wordt over de hele lijn uitstekend geacteerd (met naast Moore en Williams ook degelijk werk van Billy Crudup en Abby Quinn), maar die energie gaat verloren aan de nodeloos nadrukkelijke karaktertekeningen die Williams na iedere crisis haar schoenen later uittrekken en Moore een vogelnestje met gebroken eitjes laten meenemen naar huis om aan te geven dat haar personage wel degelijk het hart op de juiste plaats heeft.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in