Frank Herbert :: Ketters van Duin

Bij het verschijnen van Ketters van Duin in 1984, het vijfde deel in het steeds verder uitdijende Duinuniversum had auteur en bedenker Frank Herbert niets meer te bewijzen. De reeks die in 1965, origineel in twee delen, startte met Duin had in de daaropvolgende decennia steeds meer aan belang ingewonnen waarbij met de opeenvolgende romans Herbert zowel een groter publiek bereikte, als ook allerhande prijzen wist te winnen. 1984 was ook het jaar waarin David Lynch zich verbrandde aan de verfilming van het eerste boek waarmee het idee dat Herberts werk onverfilmbaar is nog eens versterkt werd.

In de eerste roman legt Herbert dan ook meteen een kluwen van intriges voort die een lange voorgeschiedenis kent die slechts met mondjesmaat wordt meegegeven. Niet alleen zijn er verschillende fracties die zich in een subtiel evenwicht tot elkaar verhouden, maar er zijn ook nog handelsbelangen gekoppeld aan de zo goed als onbewoonbare woestijnplaneet Arrakis. Deze bevat als enige specie/melange, een stof voortgebracht door reusachtige zandwormen die hoogst noodzakelijk is voor onder meer ruimtereizen. In een universum waar technologie en meer bepaald computers verboden zijn, is specie immers noodzakelijk voor ruimtereizen. Speciegebruikers verwerven een voorzienigheid in de toekomst waarvan navigators dankbaar gebruik maken om interstellaire reizen mogelijk te maken. Maar specie wordt ook gebruikt in allerlei rituelen, onder meer door de Bene Gesserit, een religieuze groepering van machtige vrouwen die via een eeuwenlang kweekprogramma trachten de voorspelde messias niet alleen geboren te laten worden maar ook te controleren.

Een generatie vroeger dan voorzien lijkt Paul, de zoon van Hertog Leto Artreidis, de verwachte/beloofde messias te zijn die niet alleen de vrijmannen (de inwoners van Duin) naar een nieuw bestaan zal leiden, maar ook los van de Bene Gesserit opereert en zelfs het keizerrijk voor zich weet te claimen. In de daaropvolgende twee romans Messias van Duin en Kinderen van Duin staat niet zozeer Paul centraal als wel de gevolgen van zijn machtsovername en de manier waarop hij terugschrikt voor zijn rol als messias. Het is dan ook zijn zoon Leto II, die net als zijn zuster zich als vrucht onder `specie-invloed` ontwikkelde, die de messiasrol zal opnemen. Nadat hij een symbiose aangaat met zandforellen (het eerste stadium van de zandworm) zal hij groeien tot een onsterfelijke mens/worm. In de dictatuur die hij instelt en meer dan drieduizend jaar duurt, controleert hij niet alle voormalige machtspartijen maar verbiedt hij ook zowat all ruimtereizen doordat hij de specievoorraad controleert en Arrakis omtovert tot een vruchtbare planeet zonder zandwormen.

Leto II`s doel is de mensheid te redden door hen op zijn zogenaamde Gouden Weg te leiden waarbij hij onder meer via een zorgvuldig kweekprogramma ook een verbeterde versie mens tracht te scheppen, een die verborgen blijft voor speciegebruikers en hun toekomstvisioenen. Het einde van zijn rijk volgt in God-keizer van Duin wanneer hij na zijn creatie van een eerste `nieuwe mens`, vrijwillig sterft en opnieuw in zandforellen verandert die tot wormen zullen uitgroeien. In Ketters van Duin volgt een nieuwe tijdsprong van 1500 jaar. De planeet Arrakis, nu Rakis geheten, is opnieuw een zandplaneet waar reusachtige wormen grote delen van de planeet beheersen en een nieuwe religie ontstaan is die Leto II en de wormen waarin zijn bewustzijn dromend voortleeft, aanbidt. In de voorbije duizend jaar heeft het opnieuw mogelijk zijn van ruimtereizen bovendien geleid tot een grote verstrooiing waarbij de inwoners van verschillende planeten naar onbekende uithoeken van het heelal reisden.

Die uitheemden keren nu met mondjesmaat terug naar hun oude planeten en groeperingen maar de mate waarin de eeuwenlange verstrooiing hen vervreemd heeft van hun voorouderlijke planten en allianties is allesbehalve duidelijk. Drie partijen die de voorbije duizenden jaren noodgedwongen mee afhankelijk waren van Leto II, dingen naar de macht. De Ixianen, die als enige de technologie beleven omarmen al die duizenden jaren, de mysterieuze en xenofobe Bene Tleilax die met hun gelaatsdansers (huurmoordenaars die elke gedaante kunnen aannemen) en ghola`s (in essentie klonen) en intussen ook artificiële melange weten te fabriceren, en uiteraard de Bene Gesserit die niet zeker zijn of ze de Gouden Weg van Leto II volgen dan wel hun eigen duizenden jaren oude plannen weten te realiseren. Het wankele evenwicht tussen de drie partijen dreigt verstoord te worden wanneer op de planeet Rakis Sheeanana, een jonge vrouw ontdekt wordt die de wormen kan controleren.

Voor de priesterorde op Rakis is ze een profeet die met God Leto II kan praten (zijn bewustzijn leeft immers voort in de wormen) en vormt ze een nieuw schaakstuk binnen de machtige priesterorde. Maar terwijl zowel de Bene Gesserit en de Bene Tleilax, die zo blijkt ook een orthodoxe religie gekoppeld aan de zandwormen belijden, interesse tonen voor Sheeanana duikt een onverwachte, nieuwe speler uit de verstrooiing op. De zogenaamde Achtenswaardige Maters, afstammelingen van de Bene Gesserit en Leto II`s privé-vrouwenleger `de vissprekers`, hebben een eigen cultus (met elementen van de Bene Gesserit) waarmee ze haar leden fanatiek aan zich weet te binden. Het maakt van hen een gevaarlijke tegenstander die de Bene Gesserit en Bene Tleilax noopt tot een moeizame verstandhouding waarin ook de priesterorde van Rakis een rol speelt, zij het dat deze laatste zich nauwelijks raad weet met de nieuwe machtsverschuiving en een speelbal wordt van de andere machten.

Speelden de Bene Gesserit en de Bene Tleilax in het bijzonder in de vorige romans een achtergrondrol ten aanzien van de Artreidis en hun visie op de mensheid, dan treden beide partijen nu volop op de voorgrond en krijgen hun respectievelijke visies en orde veel meer aandacht. Net als in de vorige romans is overigens opnieuw een grote rol weggelegd voor Duncan Idaho, oorspronkelijk een zwaardmeester in dienst van de Artreidis. Na zijn dood in Duin duikt hij in alle volgende romans op in zijn gholavorm. In God-Keizer van Duin blijkt hij zelfs een cruciale factor te zijn in Leto II`s Gouden Weg. Ook nu insinueert Herbert dat Idaho een niet te onderschatten rol speelt waarbij ook de programmatie van de Bene Tleilax Idaho wat betreft het (opnieuw) ontwaken van Duncan Idaho`s herinneringen aan zijn vele vroegere levens een belangrijk element vormt.

Net als Duin geldt Ketters van Duin als een van de meer actiegerichten delen, waarbij opnieuw een machtsovername gepland staat, zij het dat het perspectief ditmaal vanuit de gevestigde waarden bekeken wordt. Daarnaast wordt ditmaal via de Bene Gesserit en de Bene Tleilax, en in mindere mate de priesterorde op Rakis, opnieuw gereflecteerd over macht en religie. Maar net zoals het thema van vrije wil versus het noodlot, laat Herbert dit vooral tussen de lijnen door schemeren. Net als in de andere delen worden ook de interacties tussen de vele personages en hoe ze zich tot elkaar verhouden uitvoerig beschreven waardoor de vele verhoudingen en belangen inclusief de daarbij horende spanningen nergens echt uitgesproken dienen te worden.

Zoals in de vorige romans weet Herbert met Ketters van Duin zowel een afgerond verhaal te vertellen als de deur open te laten voor een vervolg (hij zou nog één deel afwerken voor hij stierf). Ondanks een tweede tijdsprong weet Herbert het door hem geschapen universum verder vorm te geven op een manier die een breder verhaal vertelt dat niet alleen aansluiting vindt bij de eerste roman, maar ook zijn voornaamste thema`s vanuit een ander kader bekijkt. Hoewel Ketters van Duin op zich minder impact heeft dan de andere delen, mag het wel als een volwaardige opvolger beschouwd worden en de start van wat een laatste intrigerend luik behoorde te zijn.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in