La Ragazza nella Nebbia

De misdaadthriller La Ragazza nella Nebbia, gebaseerd op de roman van de hand van regisseur Donato Carrisi zelf – is een Italiaanse productie (weliswaar met Frans-Duitse steun), maar voelt eigenlijk aan als een soort Scandinavische misdaadserie: dezelfde voorliefde voor winterse landschappen, zich traag ontvouwende onderzoeken, spaarzaam belichte decors en in zichzelf gekeerde speurders met een onduidelijk verleden.

Centraal staat de verdwijning de zestienjarige Anna-Lou, de dochter van streng religieuze ouders, die verdween op weg naar een bijeenkomst van een plaatselijke kerkgroep. De inspecteur die naar het onooglijke dorpje in de Alpen gestuurd wordt om de zaak te onderzoeken (een sterke en ingetogen Tony Servillo), komt al snel tot de conclusie dat de zaak een pak minder evident is dan ze lijkt en zoals wel vaker in dit soort op sfeerschepping gebouwde thrillers, blijkt de kleine gemeenschap veel meer geheimen te herbergen dan gedacht.

Gebruik makend van een beproefde narratieve formule, opent de plot met een raamvertelling die toont hoe de met bloed besmeurde inspecteur op een nacht zijn relaas over de zaak doet in het kantoor van een psychiater (Jean Reno). Aanvankelijk volgt het verhaal braaf de bewandelde en platgetreden paden, maar al snel begint de film af te wijken van het verwachtingspatroon: de politieman uit de grootstad blijkt immers een gevoel te hebben voor het opzetten van grootse mediaspektakels en schrikt er duidelijk niet voor de terug de zaken een beetje naar zijn hand te zetten waar nodig en indien noodzakelijk zelfs de steeds aanwezige journalisten ook in te zetten in zijn plannen.

Carrisi – die zijn debuut maakt als regisseur – heeft duidelijk goed gekeken naar een aantal begenadigde filmmakers en zichzelf hun stijl eigen gemaakt: een zekere afstandelijkheid, lang aangehouden scènes die het drama ensceneren in bewegingen en posities, eerder dan in montage én vooral een goed oog voor het genereren van een grote spankracht uit schijnbaar eenvoudige beelden waar toch een zekere latente dreiging van uitgaat. Wanneer de film halverwege verandert van focus en plots een portret wordt van een – al dan niet onschuldige-  verdachte die terechtkomt in de dolgedraaide machinerie van het onderzoek en dreigt ten onder te gaan aan insinuaties en toevalligheden, blijft Carrisi dezelfde afgemeten stijl aanhouden, wat La Ragazza nella Nebbia zeker ten goede komt. Uit de wat klinische benadering groeit namelijk langzamerhand een mysteriefilm die de kijker ook lang genoeg in het ongewisse weet te laten om te blijven boeien. Dat het onderzoek niet zuiver op de graat is, zorgt er voor dat zelfs de aandachtige toeschouwer voldoende grond heeft om te twijfelen aan de ware toedracht van de zaak.

Naarmate de climax nadert zakt de film helaas een beetje in elkaar en lijkt Donato Carrisi plots minder zeker te zijn van zijn stuk. Hij neemt zijn toevlucht tot een reeks snel elkaar opvolgende climax-momenten die behoorlijk botsen met de eerdere, zorgvuldig opgebouwde spanning. Het is bovendien duidelijk dat ook de plotstructuur uit het boek hier al te veel de overhand krijgt, waardoor de ene plotse wending op de andere volgt en het allemaal afglijdt tot een zoveelste variant op de zelfbewuste misdaadverhalen die sinds een tweetal decennia bijzonder populair geworden zijn en die uiteraard ook in filmvorm een soort genre op zich zijn gaan vormen – een filmgenre waarvan La Ragazza nelle Nebbia een voorbeeldig, maar uiteindelijk slechts matig geïnspireerd voorbeeld vormt.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in