Amanda Palmer

20 september 2019 De Roma, Borgerhout

Drie uur lang wist Amanda Palmer de Roma in haar greep te houden met sterke statements, belangrijke boodschappen en — niet te vergeten — sublieme songs. De sterkste daarvan komen uit eerdere albums, maar nieuw werk bloeit open op het podium, dat voor Palmer duidelijk haar eerste thuis is.

Het lijkt een nieuwe hype te worden: intieme theatershows van songsmiths die hun muziek met de verhalen erachter larderen en de publieksinteractie niet schuwen maar net aanmoedigen. Nick Cave zette de trend, Madonna is voorlopig de vreemdste eend in de bijt. Amanda Palmer gebruikt het als format om haar epische — aka bij momenten veel te lang uitgesponnen — There Will Be No Intermission naar de podia te brengen. Palmer sneed er zowel persoonlijk als maatschappelijk belangrijke thema’s als abortus, feminisme en de invulling van een moederrol op aan, die ze nu graag met de nodige lach en traan verder contextualiseert.

Een format dat perfect bij Palmer past, ware het niet dat ze eigenlijk allergisch is aan formats. Een veertigtal stops down the road was ze het uitvoerig becommentariëren van gewichtige zaken beu en dus nam ze vanaf de vorige stop in Essen publieksverzoeken in de plaats, die ze luttele minuten voor de start samen gooide tot een nieuwe setlist. In Borgerhout wachtte Palmer haar publiek dus aan de zaal op om een praatje te slaan en te vragen wat ze wilden horen. Behoorlijk gewaagd, ware het niet dat de vragen grotendeels beperkt bleven — herleid werden? — tot een herordening van songs die al eerder op de setlist van deze tour prijkten. Het verlegde de focus gelukkig wel meer richting muziek, want hoewel Palmer een begenadigde vertelster is, en tussen de songs door genereus achtergronden bleef schetsen, zijn het toch haar songs die de sterkste impact hebben. Waarom zou je drie uur praten als een song hetzelfde statement in vijf minuten kan maken, bedacht ze daarbij.

Niettemin toonden het format én de herinterpretatie ervan het gemak waarmee Palmer op een podium staat. Blakend van vertrouwen stapte ze met haar ukelele doorheen de parterre om met haar cover van Radioheads “Creep” — later haar persoonlijke party track genoemd — de set te openen. Met een immense energie spuwde ze vliegensvlugge pianostoten als “Astronaut” en “Runs in The Family”, om meteen erna gevat en zonder blad voor de mond intieme anekdotes en scherpe analyses te delen. Ook al leek ze in de zoveelste lofronde voor haar nieuwe favoriete crowdfundingplatform Patreon in schaamteloze promopraat te vervallen, haar activisme is gemeend en oprecht. Wanneer ze de schijnwerper geruime tijd afstond aan de jonge klimaatactivisten met wie ze die ochtend in Antwerpen ging betogen, merkte je hoe ze haar vergaarde community voor een groter goed wil gebruiken.

De huidige staat van onze wereld maakt niet alleen hun, maar ook Palmers verhalen tot belangrijke om te horen. Met het pakkende “Voicemail For Jill” doorbreekt ze het taboe rond abortus; een thema dat ze in “Oasis” als middel gebruikt om de animositeit binnen het feminisme te bekritiseren. Als een artiest geen satirist meer mag zijn en activisten elkaars activisme gaan beoordelen, dan zijn we immers nog een pak verder van huis. Wanneer Palmer haar publiek tot “abortion Beatles” maakte of tot samenzang van “at least the baby didn’t die” aanzette, bewees ze meteen ook in haar eigen leed en onzekerheid plaats voor humor te laten.

In de cabaretstijl van de voorstelling kwamen monotone recente nummers zoals “A Mother’s Confession” beter tot hun recht, hoewel ze nog steeds de duimen moesten leggen voor een vinnige klassieker als “Coin-operated Boy”. Tot groot jolijt kondigde Amanda aan dat de kans zeer groot is dat ze volgende keer opnieuw als een helft Dresden Dolls op het podium staat. “All I have to do is write the album.” Het aftellen kan alvast beginnen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in