End Of The Road 2019 :: Geen Brexit wegens Porsche Majeure

Het beste festival van Engeland. Het Walhalla van Enola’s Anglofielen. Een muzikale veilige haven. End Of The Road, nog steeds verstopt in het achtereind van Albion, was dat het afgelopen weekend opnieuw allemaal.

“Cunts are still running the world”: met die opruiende kreet rondde Jarvis Cocker het festival zondagavond af, één dag voor BoJo zijn zoveelste dick move deed. En toch voelde het niet alsof End Of The Road wakker lag van het afscheid van Europa. In zuiver Brexit-country, het parochiale, landelijke Engeland, was het een oase waar voor één keer de muziek het hoogste woord mocht voeren. En die sprak bij momenten helder en eloquent.

Met 11.500 bezoekers heeft het festival dan ook de perfecte schaal voor het soort minder bekende indie- en folkbands die het nu al voor de veertiende keer programmeert; als een Cactusfestival dat wel de ruimte heeft zich over verschillende podia te verspreiden, een Best Kept Secret dat zichzelf niet voorbij loopt in ambities. Met beide festivals heeft End Of The Road in elk geval ook een keuze voor sfeer gemeen: de aankleding is feeëriek, het aanbod eten van het beste feestvoer dat we ooit op ons bord kregen. Maar dus: éérst de muziek.

Donderdag 29 augustus

Een aanloopdag. Drie bands in de kleine Tipi Tent, twee op de grote Woods Stage. En één daarvan is echt van belang. Het concert van Spiritualized werd een hoogmis die zelfs de grootste ongelovige op de knieën deed vallen.

Maar eerst het onvermijdelijke: folk. Want als er één ding is waar End Of The Road in specialiseert, dan wel lievige muziek van lieve jongens en meisjes met akoestische gitaren. En dan kun je maar beter van bij de opener duidelijk zijn. Peach Pyramid is daar gevonden vreten voor, de zoete liedjes van Jen Severtson zijn dit festival op zijn smalst op muziek gezet. Maar laten we het positief bekijken: de Canadese kan een potje zingen, het vraagt alleen een iets minder halfzachte aanpak om ook iets meer te worden.

Pottery is dan weer de eerste vertegenwoordiger van dat andere spoor dat dit festival de laatste jaren opzichtig bewandelt. Naast een ongewassen hippie zit er immers ook een nijdige punker in programmator Simon Taffes borst, en die houdt wel van wat er tegenwoordig op dat vlak gebeurt. Ook dit zijn Canucks, overigens, maar dan van het soort dat het graag laat knarsen, rammelen en schudden. De set van het vijftal is energiek en gedreven en very, very very Talking Heads. Roept iemand daar A Certain Ratio? Mijnheer is een kenner.

En dan is er Spiritualized. Even doet hij het solo, maar het duurt geen drie minuten of Jason Pierce sleept ons aan de haren mee naar de kerk. “Hold On” wordt “Come Together”, en dat mag meteen openbarsten op een bedje van drie gitaren. Natuurlijk ontaardt het in een noise-freakfestijn dat de hellepoorten openzet; een schijnmanoeuvre, want met “Shine A Light” valt het licht door de glasramen binnen. Drie gospelzangers ondersteunen de frontman — zoals altijd in elkaar gedoken aan de rechterkant van het podium als wilde hij zichzelf helemaal uitwissen — en een countrytwang geeft zijn lethargische zang iets van warmte.

Zo gaat de set van hoogtepunt naar hoogtepunt, van dronend mijmerstuk naar grootse pathos. “Soul On Fire” is werkelijk episch, “She Kissed Me (It Felt Like A Hit)” scheurt als het betere Stoogeswerk. En dan is er het peinzende “I’m Your Man”, dat ons op één of andere manier altijd aan “What’s A Woman” van Vaya Con Dios doet denken.

En toch begint het wat te zeuren. “Here It Comes (The Road)”, “Lets Dance”, ze hebben allen dezelfde gelijkaardige, trage opbouw, als een kathedraal die steen voor steen verrijst om er na honderd jaar precies als die in een naburige stad uit te zien. Het is dan dat je de échte klassiekers begint te missen, maar zo is het, twintig jaar na de doorbraak met Ladies And Gentlemen We Are Floating In Space en Let It Come Down: géén “Do It All Over Again”, géén “Lord Let It Rain On Me”, maar wel de gospelklassieker “Oh Happy Day” als afscheid. Het laat ons wat onvoldaan achter, maar slechts een beetje. Jason Spaceman zal altijd een speciaal plekje in ons hart behouden.

Waarna het tijd is voor een jaarlijkse traditie, want in de Tipi Tent worden de koptelefoons van de Silent Disco alweer opgezet. Twee DJ’s dagen elkaar uit wat het beste jaar was: 1999 of 2019? Onze keuze is snel gemaakt wanneer op korte tijd zowel Lens “Steal My Sunshine” als Gay Dads “To Earth With Love” passeren. Noem ons maar oude sokken, dan riposteren wij schaamteloos met “jong, onwetend grut”.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in