Ezra Furman :: Twelve Nudes

Ezra Furman vindt de huidige staat van de wereld maar niks en wil dat best van de daken schreeuwen. Was Transangelic Exodus (2018) nog een verfijnd en elegant geboetseerd conceptalbum, dan boort de kakofonische poppunk op Twelve Nudes zich rauw een weg doorheen de prut in je oren.

Met acht albums op zijn conto zou een mens haast vergeten dat veteraan Furman nog maar een prille dertiger is. Voor de grote massa blijft hij tot op heden eerder nobel dan bekend, al won hij wel een pak nieuwe zieltjes door begin dit jaar de serie Sex Education van een uitstekende soundtrack te voorzien. “Rock ’n roll but not like the rest”, klinkt het op Twitter, en daar blijkt geen woord van gelogen. Een cruise langs zijn veelzijdige oeuvre – Perpetual Motion People (2015) is een uitstekend startpunt – gaat via het soort watertjes waar voorbeelden als Dylan, Jonathan Richman en Lou Reed ooit doorheen waadden. Zowel de artiest als de muziek zijn niet altijd even makkelijk te vatten onder een duidelijk label. Gemakzuchtig als we zijn, houden we het op popgevoelige rock met een twist en een zekere je-ne-sais-quoi die simultaan kan aantrekken en afstoten. Hou vooral dat laatste in gedachten.

Wie van de “queer outlaw saga” Transangelic Exodus rechtstreeks overschakelt naar Twelve Nudes, duikelt immers van een allegorisch conceptalbum in het sonisch equivalent van projectielkotsen. De instructies luidden “snel, hard en vuil”, al valt dat al bij al nog wel mee. Zo schiet opener “Calm Down aka I Should Not Be Alone” vooruit als een speer, maar scoort het bovenal met zijn aanstekelijkheid en “hoo hoo”-zingende achtergrondkoortjes. Van de vele ladingen die de term ‘punkrock’ tegenwoordig kan dekken, verwijst deze vooral naar heerlijk rammelende inspiratiebronnen als Jay Reatard ten tijde van “It Ain’t Gonna Save Me” of The Thermals’ “Here’s Your Future”. Het merendeel van de nummers sprint even urgent en direct uit de startblokken als de adrenalinerush waarin de plaat is opgenomen. Een speelduur die aanschurkt tegen de drie minuten lijkt plots langdradig.  De frontman beschikt eveneens over de bijzondere vaardigheid om schel gekrijste teksten te infuseren met een combinatie van simpele poëzie en maatschappelijk relevante bespiegelingen. Explosief bommetje “My Teeth Hurt” bevat zowel verwijzingen naar het ontbreken van een goede gezondheidszorg als existentiële twijfels en persoonlijke sores in luid gescandeerde zinnen als  “I’m deep inside a worldview I know can never last” of persoonlijke favoriet “I don’t know what I’m doing lately / fuck you if you ask”. Zelfreflectief schreeuwen is een genre op zich. Al blijft het wel ver zoeken naar betekenis op het opzettelijk troebele “Blown”. Een medaille voor de held die woorden kan ontwaren te midden van alle ruis. Iets is “blown”, vermoedelijk zijn “mind”, al kunnen het ook enkele longblaasjes zijn die de geest gegeven hebben. De ‘naakten’ in kwestie verwijzen dan wel naar Anne Carsons koosnaampje voor haar meditaties, woorden zijn duidelijk ook niet alles.

Wie een hekel heeft aan Green Day krijgt het evenzeer moeilijk, want onze kop eraf als Ezra Furman niet het soort puber was dat naar Dookie luisterde en het licht zag. De hete adem van dat album is op de elf tracks duidelijk voelbaar, zowel in de algemene sound als in thema’s als paniekaanvallen, biseksualiteit of het simultaan troosten en vieren van rare vogels. Specialiteit van het huis: “Fly your freak flag high” zonder het gevoel voor melodie te verliezen. In het zachte “Transition From Nowhere To Nowhere” gaat een shapeshiftende Furman akoestisch en verrassend openhartig met zijn eigen ervaringen aan de slag. “And if you’re really at the end of your rope / No you don’t take the night off / Too many demons to fight off” komt troosteloos dan wel optimistisch binnen, naargelang de eigen gemoedstoestand.

Dat het ook zonder plaatsvervangende keelpijn kan, bewijst de pure doowop van “I Wanna Be Your Girlfriend” waarin men zich op een dansvloer waant waar de laatste noten van “Blue Moon” nog niet helemaal zijn weggedeemsterd. De frontman, die zowel de voornaamwoorden ‘hij’ als ‘zij’ aanvaardt, omschrijft het zelf als een romantische ballade over transgender verlangen (“I was considering ditching Ezra/and going by Esme”), hoewel het verlangen om geliefd te zijn om wie je echt bent vrij universeel blijkt (“I’ve got just one ambition/that the real me might be the one you want”). Mooi, en meteen ook een langzaam oprijzende middenvinger aan binaire polariteit. Met “Trauma” en “In America” verlaat Furman nogmaals kort het poppunkpad voor respectievelijk slepende grunge en een hartverheffend Springsteeniaans anthem. Vooral die laatste zet Furman’s grootste sterkte in de verf: dat onfeilbare gevoel voor melodie.

Uitblinken in originaliteit doet Twelve Nudes misschien niet, maar toch is het moeilijk om iemand te noemen die in 2019 klinkt als, welja, Ezra Furman. Dit zou zomaar eens het perfecte moment kunnen zijn om die stiefmoederlijke behandeling van poppunk te laten varen. Een maatschappij krijgt het soort kunst die ze verdient: losgeslagen en uit zijn hengels gelicht. Agressief optimisme en opbeurende negativiteit zijn ongetwijfeld niet ieders meug, net zoals Furman’s stemgeluid, maar voor compromissen is in dit half uurtje geen tijd. Dat verdient op zijn minst bewondering, en dertig minuten van uw tijd.

Furman staat op 20 november in de Rotonde (Botanique).

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in