Britt-Marie was Here (Britt-Marie var Här)

Films over een weinig waarschijnlijke coach die een slecht georganiseerd of ongemotiveerd team naar een of andere triomf moet leiden, zijn een populair subgenre in komedie (en drama): van Walter Matthau in “The Bad News Bears” tot Madonna en Geena Davis in “A League of their Own”. Het onoverbrugbare verschil in het Zweedse “Britt-Marie was Here” is dat tussen het hoofdpersonage Britt-Marie, een 63-jarige huisvrouw die nooit iets anders gekend heeft dan kuisproducten en kookpotten, en de kansarme jongeren uit een onooglijk dorpje wiens voetbalteam ze noodgedwongen moet gaan coachen.

Het scenario is gebaseerd op de roman van Fredrik Backman en is zijn zachtst gezegd niet meteen hoogstaand literair materiaal. De dialogen zijn doorspekt met ‘gelukskoekjeswijsheid’ zoals ‘de slechte kanten van een huwelijk zouden zoals meubilair moeten zijn zodat je het vuil er onder kan vegen en je gasten niks merken’ of ‘er is iets met het gezicht van kinderen … alles is nog mogelijk bij hen’. Helemaal potsierlijk wordt het wanneer de protagoniste gaat vragen of er ‘geen betere manier is om te tonen dat je bestaat dan graffiti te spuiten’ en personages het hebben over voetbal als metafoor voor het leven.

Bij het begin van het verhaal is Britt-Marie dan ook bij een uitstek een voorbeeld van het doelpubliek van dit soort goedkope levenslesjes, die vooral bedoeld zijn om halfzachte zelfhulpboeken mee te vullen: een brave huissloof die op compulsieve wijze het bestek ordent, geobsedeerd is door kuisen en opgesloten zit in een liefdeloos huwelijk. Wanneer haar man een hartaanval krijgt komt ze in het ziekenhuis oog in oog te staan met zijn minnares en besluit ze vervolgens om op eigen benen te gaan staan. Ze wordt aangenomen als jeugdwerkster in een godvergeten gat, waar ze tegen wil en dank de coach wordt van het lokale jeugdvoetbalteam dat bestaat uit jongeren voor wie voetbal de enige droom is die hen kan weghalen uit de troosteloze omgeving. De film stopt helaas niet bij een gemakzuchtig multicultureel sermoen dat de waarde bezingt van geloof in eigen kracht, maar wil duidelijk dat alle personages een beter mens worden: de halfblinde voormalige speelster met een alcoholprobleem en uiteraard Britt-Marie zelf die moet leren aanvaarden dat niet alles in het leven in lijstjes past en die in het reine moet komen met het ongeval dat haar zus als kind het leven kostte – meteen ook de doorzichtige verklaring voor haar kuiswoede.

Zelfs dit soort banaliteit kan door een regisseur met voldoende talent boven zichzelf uitstijgen, maar cineaste Tuva Novotny (die vooral haar sporen verdiende als actrice in onder andere “Eat Pray Love” en “Annihilation”) lijkt koppig van plan om er voor te zorgen dat haar film ook even banaal is als het bronmateriaal. De prent ziet er foeilelijk uit, een euvel dat hier en daar wordt aangepakt met wat goedkope ‘prentkaartjesfotografie’ van het Zweedse landschap en de irriterende voice-over maakt een script dat op zichzelf al op veel te nadrukkelijke manier elke emotie dik aanzet, nog ondraaglijker. De acteerprestaties zijn degelijk (vooral hoofdrolspeelster Pernilla August doet haar best om iets aan te vangen met haar personage) maar niemand heeft echt veel materiaal om mee aan de slag te gaan: alle karakters zijn wandelende clichés die enkel dienen om de voorgekauwde filosofietjes netjes te illustreren – meteen ook de enige bestaansreden van deze ronduit onuitstaanbare prent.

Britt-Marie:

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in