La Quietud

24 augustus 2019

In Pablo Trapero’s nieuwe prent, La Quietud (2018), ontmoeten we actrices Bérénice Béjo en Martina Gùzman als hechte, niet uit elkaar te houden zussen. Nadat hun vader (isidoro Tolcachir) een beroerte krijgt tijdens een dubieuze ondervraging, is Euge (Béjo) gedwongen om voor het eerst in jaren terug te komen uit Parijs. Euge, Mia (Gùzman) en moeder Esmeralda (Gabriela Borges) vertoeven als goden in Frankrijk in het rustgevende landgoed dat La Quietud is. Een rode villa met eindeloze tuinen, wijn en gehoorzaam personeel schilderen een Call Me By Your Name-achtig sfeertje rondom het drietal. De hitte is zoet, niet verzengend; de wijn en het eten zijn bijna tastbaar en welk mens verlangt niet naar zo’n landgoed? De ‘Quietud’ blijkt echter al snel oppervlakkig te zijn.

Terwijl de familie een soort eeuwige zomervakantie beleeft, duiken minderwaardigheidscomplexen en intriges lustig op tussen de scheurtjes in hun gesprekken. Wanneer Esmeralda en Mia het niet eens raken over het precieze jaartal van een familievideo, ontspoort een tirade waaruit vervolgens blijkt dat moederlief haar jongste dochter al jarenlang minacht. Ze noemt Euge haar dochter en Mia ‘Euges zus’ en de labiele Mia lijkt bijgevolg nog het meest te lijden onder vader Augusto’s afwezigheid. De eenzaamheid van een ongewild kind, in de schaduw van haar oudere zus, werkt verstikkend. Toch zijn Euge en Mia zeer hecht – té hecht. In een ‘soapy’ verwikkeling wisselen ze achter de rug van partners, als om dichter bij elkaar te zijn.

Waar Trapero zonder twijfel in slaagt met La Quietud, is in het schetsen van een portret van een dysfunctionele familie. De twee actrices lijken zo sterk op elkaar, dat het niet enkel geloofwaardig is dat ze zussen zijn, maar dat je als kijker ook steeds behoed moet zijn voor montagetrucjes. In spiegelshots vergeet je naar welke zus je nu kijkt, wie nu wie heeft omhelst, en ook kledij lijkt steeds te worden gewisseld. Door je zo op een verkeerd spoor te zetten, slaagt Trapero er wonderwel in om iets interessants te vertellen over rivaliteit onder zussen. DE prent verlies zichzelf echter in de momenten waarin luid afgestemde, vrolijke popmuziek de scènes al te veel lardeert. Soms roepen die momenten komische contrasten of een rake sfeerschepping op, maar veelal verstoren die ingrepen prachtig geschoten scènes en zorgen voor een misplaatst muziekbehang. De film heeft dat in principe nochtans niet nodig: Trapero vertelt genoeg met zijn beelden. Die zijn aangenaam opgezet, maar vertellen ook hun eigen verhaal in wisselende lensfocus en kijkafstand.

De ophoping van intriges daarentegen – zie de ‘tagline’ ‘hoeveel geheimen kan één familie hebben’ – zorgt ervoor dat dat spel met focus op narratief vlak verzandt in een verwarrend en motivatieloos schouwspel. De inzet raakt zoek bij elke additie. Dat neemt niet weg dat sommige van deze zijverhalen op zichzelf enorm fascinerend en goed uitgewerkt zijn, maar het is de veelheid en het gebrek aan richting waarin Trapero zijn weg kwijtraakt. Wanneer hij naar het einde toe een dictatoriale intrige introduceert, voelt dat vooral geforceerd, hoewel de verhaallijn op zich interessant materiaal biedt.

Al bij al is La Quietud een aangename kijkervaring, maar de belofte die vele losse eindjes oproepen wordt niet ingelost. Met sterke acteerprestaties en een innemende cinematografie had er meer kunnen zitten in deze materie.

La Quietud:

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in