So Long, My Son (Di Jiu Tian Chang )

De in Shanghai geboren regisseur Xiaoshuai Wang verdiende zijn sporen vooral tijdens het eerste decennium van de eenentwintigste eeuw met Chongqing Blues en Beijing Bicycle, twee films waarmee hij ook op internationale festivals – waaronder Cannes – de aandacht trok en die late erfgenamen waren van de misdaadmelo’s uit de Hong Kong cinema van de jaren 1980-1990. Deze So Long, My Son staat mijlenver af van die films en is een complexe, contemplatieve familiesaga die eerder aansluit bij de films van Hsiao-Hou Hsien en Edward Yang dan bij de meer explosieve drama’s uit de voormalige Britse kroonkolonie.

Deze bij momenten intens aangrijpende prent is opgebouwd aan de hand van een ijzersterke narratieve structuur die het idee van een door protagonisten gestuurd verhaal radicaal aan de kant schuift. Niet een of meerdere hoofdpersonages sturen de plot, wel een centrale gebeurtenis die we als kijker voor het eerst ontwaren bij de opening: in ‘long shot’ en zonder ons enige details te gunnen, zien we de commotie die ontstaat bij het uit het water halen van het jongetje XingXing dat vervolgens overlijdt in het ziekenhuis. De impact van het gebeuren is ons duidelijk, alle context ontbreekt echter en wanneer het scenario vervolgens vrijelijk heen en weer begint te snijden tussen verschillende momenten in het verleden en (gepercipieerde) heden, wordt het snel duidelijk dat dit drama slechts een schakel vormt in een kluwen van gebeurtenissen. Wang onderzoekt in So Long My Son thema’s als het verlies van geliefden, het krampachtig compenseren van dit verlies en het al dan niet loslaten van traumatische gebeurtenissen. De gefragmenteerde chronologie van dit episch familiedrama zorgt ervoor dat de film ons voortdurend op een verkeerd spoor zet, waardoor er in de geest van de kijker allerhande connotaties en geprojecteerde schuldgevoelens ontstaan die meer onthullen over onszelf en onze waarden dan over de eigenlijke realiteit van de personages.

We zien de ouders van de overleden jongen de opvoeding ter harte nemen van een jongetje dat ze eveneens aanspreken met de naam XingXing, we zien de schuldgevoelens van het bevriende koppel wiens zoontje al dan niet de oorzaak vormde van het ongeluk en we zien hoe de relaties tussen al deze mensen mee gevormd worden door het leven onder het communistische regime. Naast een portret van een generatie is dit immers een portret van het moderne China – van vlak na de dood van Mao tot aan de huidige grootmacht die de ideologie van de revolutie combineert met een doorgedreven vorm van roofkapitalisme en een cultuur die bepaald wordt door extreme verschillen tussen arm en rijk. Die politieke achtergrond vormt meer dan louter een decor voor het drama en maakt er integraal deel van uit: de ‘1 kind’-politiek van de jaren ’80 en ’90 – die massaal illegale abortus met zich meebracht – is nadrukkelijk aanwezig en de verhoudingen tussen de personages zijn enkel te vatten aan de hand van de manier waarop een linkse dictatuur hun leven heeft getekend en hertekend.

Het in elkaar weven van openbaar leven en privé-dramatiek levert ook het meest onthutsende moment van de film op wanneer we de ouders van de overleden jongen zien huilen in het publiek terwijl hun vriendin – en hiërarchische overste in de fabriek waar ze werkzaam zijn – een toespraak houdt over de waardes van het communistische China en ze als kers op de taart het rouwende koppel (dat net een gedwongen abortus heeft laten uitvoeren) op het podium roept om hen een prijs te geven voor het stellen van een voorbeeld inzake correcte communistische waarden. Toch is de film ook in sterke mate ‘gededramatiseerd’. Zoals het Italiaanse neorealisme de ‘dode tijd’ durfde binnen te laten in de filmische constructie, gaat deze drie uur durende film vele momenten openen en laten ‘ademen’, zonder ze als dramatische bouwstenen in te zetten. Die extra tijdsdimensie is niet enkel inhoudelijk, maar zit ook in de filmvorm zelf vervat en schenkt een fascinerende bijkomende krachtlijn aan deze vaak uitdagend complexe prent.

Wang maakt het de kijker dan ook niet makkelijk om dat fijnmazige net helemaal te beginnen doorgronden: de lange prent vraagt vaak onze aandacht voor hele kleine momenten die later een zeer grote betekenis blijken te hebben. De manier waarop de film ‘onthult’ en ‘verhult’ roept vaak het gevoel op van in een een doolhof te zitten waarvan de gangen zich als bij een Chinese puzzelbox steeds maar weer lijken te herschikken. Zoals grote cinema het vraagt, slaagt “So Long, My Son” er echter in om de thematische gelaagdheid ook te vertalen in een puur visuele vorm: compositie en – vooral – kleurgebruik leiden ons oog en onthullen telkens weer kleine details die de gebeurtenissen uitdiepen en verrijken. De film bezit ook een opmerkelijk sterke structuur die alles doorspekt met een nostalgie naar het verleden die onlosmakelijk verweven is met intense pijn. Op regelmatige intervallen komt de Chinese versie van het Schotse nummer ‘Auld Lang Syne’ voor dat over het vergeten van vrienden gaat en dat des te meer inslaat als een bom door de afwezigheid van muziek in de rest van de film. Uitspraken als “How could friends forget the good times of the past?” wisselen zich af met zinnen als “We are just waiting to grow old.” Het ouder worden van de personages en hoe ze aftakelen door hun verdriet wordt dan ook op meesterlijke wijze in beeld gebracht.

Uit die symbiose tussen vorm en inhoud groeit langzamerhand een overweldigend sterke film, die zich aanvankelijk aanbiedt als hermetisch en afstandelijk, maar gaandeweg openbloeit tot een diepe emotionele rijkdom.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in